Categorie archief: Uncategorized

Steeds meer megalomane megaprojecten worden geschrapt

President George Bush kondigde aan dat de VS weer bemande vluchten naar de maan zou beginnen. Zijn opvolger Obama ziet dat er dringerder zaken zijn en schrapt de megalomane droom van Bush. Een bemande missie naar Mars lijkt al helemaal uitgesloten.

De Tweede Kamer opperde 2 jaar geleden nog, dat Nederland, in navolging van Dubai, ook maar een kunstmatig eiland moest maken voor de kust. Het liefst in de vorm van een tulp. Dit volstrekt belachelijke plan gaat natuurlijk niet door: Dubai gaat failliet, maar wij net niet.

En zo zijn er nog wel een paar voorbeelden van grootheidswaan, die bij nader inzien te hoog gegrepen zijn. Het raketschild van Ronald Reagan is na 25 jaar nog altijd niet operationeel. Het plan om ieder kind een laptop te geven zal ook wel onhaalbaar blijken. De tweede nationale luchthaven in Nederland is definitief geschrapt. En ik moet nog zien of die nieuwe metrolijn in Rotterdam (t.w.v. 2,2 miljard) er ooit gaat komen.

De economische crisis kwam net te laat om de aanleg van de Betuwelijn en de tweede Maasvlakte tegen te houden. Maar deze mislukte projecten zijn een waarschuwing voor de volgende lichting politici. Bomen groeien niet tot in de hemel, de economie ook niet. De meeste dromen zijn bedrog. Je kunt geld maar één keer uitgeven. Je kunt een vat olie en een kuub aardgas ook maar één keer verbranden.

Midden in de winter zijn er aardbeien te koop. De energie die we daarin steken, komen we ergens anders tekort. In de supermarkt liggen het hele jaar door tropische vruchten alsof het de gewoonste zaak van de wereld is. Daar zit een prijskaartje aan: voor andere zaken zoals onderwijs, goed openbaar vervoer en zorg is geen geld (of mankracht of energie).

Er worden pijpleidingen aangelegd naar Azerbeidjan en Siberië, zodat we over 20 jaar ook nog aardgas kunnen stoken. Maar als je even doordenkt zouden we dat geld ook kunnen besteden aan isolatie, warme truien en aanplanten van heel veel bomen. Zodat we over 20 jaar niet afhankelijk zijn van mensen in Azië die de gaskraan kunnen dichtdraaien.

Laat je niet meeslepen door hallelujah-verhalen en grootheidswaan. Maar leun even achterover, denk na als de advocaat van de duivel en maak een berekening op de achterkant van een bierviltje.

Vandaag las ik op de website van De Pers over drijvende vliegvelden op kunstmatig drijvende eilanden. Het betreft een promotie-onderzoek van een Delftse marien ingenieur, Jan van Kessel. Ik vraag me af of we ooit nog iets van dit absurde plan zullen vernemen.

Klimaat verandert vooral ‘s nachts

De gemiddelde temperatuur in Nederland is tijdens de 20 ste eeuw bijna 2 graden gestegen.
Tussen 1900 en 1920 was de gemiddelde jaartemperatuur in de Bilt 9,1 graden. De eerste 8 jaar van de 21 ste eeuw was het gemiddelde 11,0 graden.
Het KNMI berekent de gemiddelde temperatuur uit de hoogst gemeten temperatuur (maximum) en de laagst gemeten temperatuur(minimum). Gelukkig stelt het KNMI haar gegevens vrijelijk ter beschikking, zodat je kunt narekenen of ze niet overdrijven.

Bij het narekenen viel mij op dat de minimumtemperatuur sterker stijgt dan de maximumtemperatuur.
De maximumtemperatuur steeg in de 20-ste eeuw met 1,37 graden. De minimumtemperatuur steeg harder: 2,31 graden.

periode minimumtemperatuur maximumtemperatuur
1901 – 1921 5,02 13,31
2001 – 2009 7,33 14,69
stijging stijging
2,31 1,37

De stijging van de nachttemperatuur is beduidend hoger dan overdag.
Een verklaring voor dit feit zou kunnen zijn dat de bebouwing in de omgeving van het waarnemingsstation is toegenomen. In een bebouwde omgeving (in de stad) koelt het ‘s nachts langzamer af en blijft de minimumtemperatuur hoger. Men noemt dit het warmte-eiland-effect.
Onderzoek van het KNMI in 2003 leidde tot de conclusie dat het warmte-eiland slechts 10% bijdraagt aan de temperatuurstijging.
Gevraagd naar de grote nachtelijke opwarming zegt het KNMI dat de hogere minimumtemperatuur kan worden veroorzaakt door:
– toename van de bewolking,
– veranderingen in het aerosolen gehalte van de atmosfeer
– een toename van de specifieke vochtigheid van de lucht
Het warmte-eiland-effect wordt niet genoemd als mogelijke oorzaak.

In de VS heeft weerman Anthony Watts 1000 van de 1200 waarnemingsstations onderzocht en hij ontdekte dat op 90% van de onderzochte plaatsen er sprake is van factoren die de temperatuur positief beinvloeden. Op korte afstand van de thermometers vond hij nieuwe gebouwen, nieuw aangelegde wegen of parkeerplaatsen, koeltorens van air-conditioning. Het USHCN (United States Historical Climatology Network) baseert op deze twijfelachtige waarnemingen haar verontrustende berichten over de opwarming van het klimaat.

Het KNMI meldt regelmatig dat de klimaatverandering in Nederland sneller gaat dan in andere gebieden op de wereld.
Daar geeft het KNMI ook verklaringen voor. De afname van de luchtvervuiling tussen 1970 en 2000 heeft mischien wel 10% bijgedragen aan de waargenomen opwarming. Het aantal mistdagen is ook afgenomen in de laatste 30 jaar en ook dat geeft een bijdrage van 5 tot 10% aan de stijging van de gemiddelde temperatuur.
Deze effecten beïnvloeden zowel de maximumtemperatuur als de minmumtemperatuur.
De grote stijging van de nachttemperatuur in De Bilt doet vermoeden dat de bijdrage van het warmte-eiland-effect een stuk groter is dan 10%, misschien zelfs 40%.
Waarom het KNMI dit niet nader onderzoekt en publiceert is niet duidelijk.

Biobrandstoffen: wir haben es nicht gewusst

Biobrandstoffen zijn niet meer weg te denken. Inmiddels valt 1,5% van de brandstof die wereldwijd wordt verbruikt onder de noemer biobrandstof. Koolzaadolie, palmolie, sojaolie en bioethanol gemaakt uit mai’s en suikerriet zijn de belangrijkste biobrandstoffen. Brazilië is waarschijnlijk de grootste producent: bijna het gehele Braziliaanse wagenpark rijdt op ethanol vervraadigd uit suikerriet. Ik hoef u niet voor te rekenen wat het betekent voor de olieprijs als al die brandstof weer gewoon uit aardolie moet worden geraffineerd.

biof01

De huidige biobrandstoffen zijn met geen mogelijkheid duurzaam te noemen. De produktie van ethanol uit mais en suikerriet is bijzonder inefficient en er komt veel CO2 bij vrij. Om in de stijgende vraag naar palmolie en sojaolie te kunnen voorzien wordt in de tropen veel oerwoud platgebrand om plaats te maken voor nieuwe plantages.

Het effect van biobrandstoffen op de totale menselijke CO2-uitstoot is marginaal. Het effect op de wereldvoedselprijzen is vele malen groter.

De milieubeweging is daar inmiddels ook achter gekomen, maar ze voeren nog geen acties tegen het gebruik van biobrandstoffen. Dat heeft te maken met de voorgeschiedenis.

Milieubewegingen hebben 4 – 5 jaar geleden veel acties gevoerd om het gebruik van biobrandstoffen te promoten. Mede door die acties hebben regeringen besloten om het gebruik van (een percentage) biobrandstof wettelijk verplicht te stellen. Allemaal om de CO2-uitstoot terug te dringen en zo de klimaatverandering tegen te houden.

Schoorvoetend geeft Milieudefensie op haar website stilletjes toe dat ze biobrandstoffen ten onrechte hebben neergezet als een middel om klimaatverandering tegen te gaan.

Biobrandstoffen leken ideaal. Ze zouden leiden tot minder CO2 -uitstoot en een verminderde afhankelijkheid van olie-import uit instabiele of dictatoriale landen. Dit was de verwachting toen politici in Nederland en Europa besloten om het gebruik van biobrandstoffen te stimuleren.

Milieudefensie probeert de rem te zetten op foute biobrandstoffen, met onderzoek, lobby en acties.

Maar het zal nog een tijdje duren voordat de milieubeweging openlijk excuses aanbied voor hun blunder. Ze gaan de regering niet vragen om te stoppen met het gebruik van biobrandstoffen. Milieudefensie vindt het prima dat er nog jarenlang 2,5% biobrandstof wordt bijgemengd, ook al weet Milieudefensie dat het leidt to voedseltekorten en hongersnood. Ze voeren liever actie tegen “fout veevoer” of tegen “fout hout”.

Zolang ze blijven geloven in het sprookje dat CO2 de klimaatverandering heeft veroorzaakt, zullen ze over biobrandstoffen een slap smoesje blijven ophangen: wir haben es nicht gewusst.