Tagarchief: midden-oosten

Syrië, Israël, Qatar, Saoedi-Arabië en het militair-industrieel complex

James Corbett praat ons even bij over alle partijen, die betrokken zijn bij de burgeroorlog in Syrië.
Israël wil graag dat het vijandige Syrië uiteenvalt (Balkanisering).
Qatar en Saoedi-Arabië willen voorkomen dat Europa aardgas gaat kopen van Iran.
De Amerikaanse wapenindustrie is flink gegroeid na 11 sep. 2001. Het militair-industrieel complex was nog nooit zo groot als nu en wakkert graag het vuurtje aan.

50 min. en niet ondertiteld, maar zeer de moeite waard

Afghanistan, Irak, Libië, Syrië

Dit is een rijtje van landen, waar de VS (samen met andere Westerse landen) in de 21e eeuw militair heeft ingegrepen of in het geval van Syrië militair ingrijpen overweegt. Maar deze 4 landen hebben nog iets gemeen: het zijn allemaal ‘failed states‘, mislukte landen.

Afghanistan, Irak, Libië en Syrië zijn geen natie-staten. De bevolking van deze landen bestaat uit een groot aantal verschillende groepen.
Irak is het makkelijkste voorbeeld. Daar bestaat de bevolking uit slechts drie groepen: Sjiieten, Soennieten en Koerden. Het lijkt voor de hand te liggen om alledrie de groepen een eigen natie-staat te laten vormen. Maar in de 19e en 20e eeuw was het voor de Europese koloniale mogendheden makkelijker om met de lineaal grenzen te tekenen, dan een lappendeken van kleine onafhankelijke regio’s in kaart te brengen.
De grenzen van Libië en Syrië werden ook met de lineaal getrokken, zonder rekening te houden met de volkeren er wonen en de geschiedenis van de gebieden. De grenzen van Afghanistan werden aan het eind van de 19e eeuw bepaald door Rusland en Engeland zonder dat de Afghanen daar zelf iets over te zeggen hadden.

In al de bovengenoemde landen worden verschillende bevolkingsgroepen geregeerd door een centrale regering, die niet altijd even democratisch is. Het onderlinge wantrouwen tussen de bevolkingsgroepen kan makkelijk worden misbruikt door politici,zoals we gezien hebben in Ruwanda en het voormalig Joegoslavië. Het is moeilijk om in dat soort samengestelde landen (niet natie-staten) burgeroorlogen te voorkomen.

Toen er in Afghanistan in 1978 een burgeroorlog dreigde, greep de Sovjet-Unie militair in, tevergeefs. De Russen kregen de geest niet meer terug in de fles, de burgeroorlog woedt nu al 35 jaar. Van 2001 tot 2014 deed ook het Amerikaanse leger (met hulp van andere NAVO-landen) een vergeefse poging om van Afghanistan een democratisch geregeerde natiestaat te maken.

In Irak leidde het verwijderen van dictator Saddam Hoessein tot een machtsvacuum. Het wordt steeds moeilijker om het uiteenvallen van Irak te voorkomen.
De ontwikkelingen in Libië lijken hetzelfde scenario te volgen als in Irak. Nu de samenbindende dictator Gadafi is gedood, is er geen centraal gezag meer. De leiders van verschillende stammen controleren elk een eigen gebied.

Zo zal het ook in Syrië aflopen. De opstand tegen dictator Assad leek in het begin een samenbindende factor voor verschillende bevolkingsgroepen. Maar er verschijnen al barsten in het eensgezinde front. De burgeroorlog duurt nu al twee jaar en heeft al zoveel slachtoffers geëist, dat de wonden heel lang open zullen blijven. Ook Syrië dreigt een failed-sate te worden zonder effectief centraal gezag.

En zo vallen in het Midden-Oosten alle grote landen met een krachtdadige leider, die voorheen een bedreiging vormden voor Israël, langzamerhand uiteen in failed-states, onderling verdeelde papieren tijgers.

Dure aardolie mag van OPEC nog wel wat duurder

oilpriceaug2013

Ondanks de recessie in Europa en de tegenvallende groei in de BRIC-landen, blijft de olieprijs erg hoog. Voor een vat Brent-olie moet alweer $111 betaald worden.
Daar zijn de olieproducerende en exporterende landen, verenigd in OPEC, erg blij mee. Deze landen in het Midden-Oosten kunnen de extra oliedollars goed gebruiken om de eigen bevolking tevreden te houden. Veel OPEC-landen hebben in hun staatsbegroting al rekening gehouden met een bepaalde minimum-olieprijs. In het Engels wordt die prijs, de breakeven-oilprice genoemd.
Matt Mushalik van Crudeoilpeak.info heeft zich verdiept in de breakeven-oilprice van een aantal belangrijke OPEC-landen.

breakeven2013

Uit een recent onderzoek van de Arab Petroleum Investment Corporation (APIC) blijkt dat Saoedi-Arabië (SAU) een olieprijs van $85 – $115 nodig heeft om alle begrote uitgaven te kunnen betalen. Iran (IRN) rekent zich helemaal rijk met een breakeven-price van $115 – $170.

Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) heeft ook gekeken naar de breakeven-oilprice voor olie-exporterende landen.
Hieronder een tabel uit de Regional Economic Outlook Middle East and Central Asia 2012.

breakeven2013imf

De huidige olieprijs is eigenlijk al aan de lage kant voor Bahrein en Iran.

Matt Mushalik berekent dat de gemiddelde breakeven-olieprijs het afgelopen jaar met 7% is gestegen t.o.v. 2012. Dat is een snellere stijging dan het IMF voorzag.
Mushalik denkt dat de belangrijkste reden voor de stijging van de overheidsuitgaven in de olie-exporterende landen bevolkingsgroei is.
In de periode 2008-2012 groeide de bevolking van de OPEC-landen met gemiddeld 10 miljoen per jaar.

OPEC_population_growth_2008_2012

Omdat de bevolkingsgroei niet afneemt, zal de breakeven-olieprijs voor OPEC-landen nog verder gaan stijgen.

Het gehele artikel van Matt Mushalik op Crudeoilpeak.info is de moeite van het lezen waard.
De Regional Economic Outlook Middle East and Central Asia 2012 van het IMF is ook erg interessant.
Als je deze beide stukken gelezen hebt, begrijp je opeens heel goed waardoor de Arabische Lente is begonnen. De regeringen in het Midden-Oosten kunnen niet langer genoeg inkomsten uit olie en belasting halen om de bevolking tevreden te houden. Brandstof- en voedselprijzen kunnen niet langer laag gehouden worden door subsidies. Het besteedbaar inkomen van de bevolking wordt snel kleiner en daardoor stopt de economische groei.

Wordt Jordanië het nieuwe Pijplijnistan?

483px-Arab_Gas_Pipeline.svg
Jordanië is een van de weinige landen in het Midden-Oosten, waar bijna geen olie en gas in de bodem zit. Jordanië is een arm land. Toch is het aardolieverbruik aan de hoge kant. Bij een bevolking van 6,5 miljoen inwoners is het olieverbruik per hoofd van de bevolking gemiddeld 6,3 vaten olie per jaar.

De afgelopen maanden kwam Jordanië wat vaker in het nieuws (dat ik volg). Jordanië is een buurland van Syrië, waar een burgeroorlog woedt. President Obama heeft alvast maar Amerikaanse militairen naar Jordanië gestuurd voor het geval dat die burgeroorlog overslaat naar Jordanië.

Omdat Jordanië zelf geen fossiele brandstoffen bezit is het land afhankelijk van brandstof dat het importeert uit Egypte. Via de Arab gas pipeline komt Egyptisch gas naar Jordanië waar in centrales wordt omgezet in elektrische energie. Door sabotage in de Sinai-woestijn wordt de gastoevoer regelmatig afgesneden. In Jordanië leidt dat tot energietekorten. Om de vraag naar energie te laten dalen en de peperdure import van brandstof te kunnen beperken wil de Jordanese regering de elektriciteitsprijs verhogen. Dat leidt uiteraard tot protesten van de bevolking.

Er zal steeds minder aardgas uit Egypte naar Jordanië stromen omdat Egypte steeds minder aardgas exporteert. Misschien zal Egypte reeds in 2013 stoppen met de export van gas omdat de volledige produktie in Egypte zelf wordt opgestookt.
Het aardgasverbruik in Jordanië is al sterk aan het dalen. Hieronder een grafiek van de Amerikaanse EIA om dat te illustreren.

chartjordannatgas

Hoe moet Jordanië in de toekomst aan aardgas komen voor zijn elektriciteits-centrales? Misschien kunnen ze een deal sluiten met Iran en en pijpleiding naar Iran aanleggen.
Maar waarschijnlijk zal de rest van de wereld de schouders ophalen en denken: ach die Jordaniërs kunnen ook best zonder gas en elektriciteit.

Het dalende aardgas- en energie-verbruik in Jordanië is natuurlijk hardstikke goed voor het klimaat. De CO2-uitstoot van Jordanië daalde in 2011 met 10% t.o.v. 2010.

chartjordanCO2