Tagarchief: olieprijs

Dalende olieprijs en steenkoolprijs: de koolstofzeepbel loopt leeg

De afgelopen maanden is de prijs voor een vat aardolie gedaald tot onder de $100.
De prijs voor steenkool is al sinds begin 2011 aan het dalen.
In de grafiek hieronder is goed te zien dat de prijs van fossiele brandstoffen een dalende trend vertoont.

Schermafbeelding 2014-09-25 om 11.42.02

Een dalende prijs duidt erop dat het aanbod groter is dan de vraag.
De produktie van steenkool en aardolie wordt de laatste jaren met alle mogelijke middelen vergroot. Hieronder is de groei van de mondiale olie- en steenkoolproduktie uitgezet in twee grafieken.

Schermafbeelding 2014-09-25 om 11.48.30

Schermafbeelding 2014-09-25 om 11.52.16

In de steenkool- en aardolieproducerende landen wordt ook flink geïnvesteerd om de produktie te vergroten. In de VS worden vele miljarden gestoken in de exploitatie van schalie-olie en Brazilië leent meer dan 200 miljard dollar van investeerders om de diepzee-olie voor de Braziliaanse kust te kunnen exploiteren.
China heeft veel geinvesteerd om de steenkoolreserves van Mongolië te gaan exploiteren en in Australië en Zuid-Afrika wordt geïnvesteerd om de export van steenkool te bevorderen.
Bedrijven en regeringen hebben zich diep in de schulden gestoken om de winning van fossiele brandstoffen in de toekomst mogelijk te maken. Investeerders hebben onevenredig veel kapitaal geïnvesteerd in de winning van fossiele brandstoffen en zij hopen een goed rendement te halen op die investering. Waarschijnlijk is er in de olie-, gas- en steenkoolwinning sprake van een overinvestering en dat wordt ook wel de koolstofzeepbel (carbonbubble) genoemd. Het is verre van zeker dat de investeringen terugverdiend zullen worden.

Dalende vraag naar aardolie en steenkool
De dalende prijs voor olie en steenkool geeft aan dat het aanbod groter is dan de vraag. Economen en energiedeskundigen gaan er nog altijd vanuit dat de vraag naar aardolie en steenkool zal blijven stijgen. Maar in grote delen van de wereld zien we de vraag naar aardolie en steenkool al jarenlang dalen. Het verbruik van aardolie in de 6 grootste landen van de eurozone is de afgelopen 8 jaar al met een kwart afgenomen.
Ook in de VS daalt het aardolieverbruik.
Er zijn aanwijzingen dat het verbruik van aardolie in China niet verder meer groeit.

Schermafbeelding 2014-09-25 om 19.21.46

In juli 2014 verbruikte de Chinese economie 9,5 miljoen vaten per dag. In juli 2013 was dat nog 10,0 miljoen vaten per dag. (volgens de JODI-database: zie refinery intake)
China verbruikt ongeveer de helft van alle steenkool, die wereldwijd geproduceerd wordt. In de afgelopen maand kondigde de Chinese regering aan dat men het gebruik van steenkool wil gaan beperken. Dat kan door meer elektriciteit op te wekken met duurzame bronnen als waterkracht en wind. De vertraging van de economische groei draagt ook bij aan een lager steenkoolverbruik. Het gevolg is dat China in 2014 minder steenkool importeert dan in 2013.

Gaat de koolstofzeepbel leeglopen?
De afgelopen jaren hebben oliemaatschappijen al vaak investeringen in moeilijk winbare olie- en gasprojecten moeten afschrijven. Oliemaatschappij Shell ging voor vele miljarden het schip in bij de schaliegaswinning in de VS. Door de dalende olieprijs zullen oliemaatschappijen nog meer moeten afschrijven op hun reserves: de resterende reserves in de bodem zijn waarschijnlijk geen $120 per vat waard, maar misschien slechts $95 per vat.
Steeds vaker zullen oliemaatschappijen besluiten om exploitatie van olie- en gasvelden uit te stellen, omdat de exploitatiekosten bij de huidige lage olieprijs niet terugverdiend kunnen worden.
De schaliegaswinning in de VS dreigt uit te lopen op een financieel fiasco. Volgens insiders is de Amerikaanse schaliegaswinning net zo’n pyramidespel als de sub-prime hypothekenportefeuilles in de jaren 2006 en 2007. Als die zeepbel leegloopt zullen een paar profiteurs net op tijd hun winst gepakt hebben, maar de meeste investeerders zullen naar hun investering kunnen fluiten.
In de steenkool-industrie is men nog optimistisch. Maar als de steenkoolprijs door overproduktie en dalende vraag verder zal dalen, dan zal investeren in steenkoolmijnen niet langer rendabel zijn.
Nog voordat de wereld een strenger klimaatbeleid gaat voeren, dreigt de koolstofzeepbel al leeg te lopen. De Grenzen aan de Groei, die al 40 jaar geleden voorspeld werden, lijken in 2014 bereikt.

LEES OOK:
Low Oil Prices: Sign of a Debt Bubble Collapse,Leading to the End of Oil Supply?
door Gail Tverberg.

Olieprijs zakt tot onder de $100 per vat.. waarom?

Schermafbeelding 2014-09-15 om 20.21.50

De prijs van een vat aardolie is aan het dalen. De belangrijkste olieprijs voor Europese landen, die van Brent, is gezakt tot onder de $98 per vat. Dat is merkwaardig, want veel mensen, waaronder ik, dachten juist dat aardolie schaars zou worden en dat de olieprijs juist hoger zou worden.
In 2008 kwamen er door een huizenzeepbel in de VS ontzettend veel dollars in omloop. In die situatie kon de olieprijs door speculanten worden opgedreven tot boven de 140 dollar per vat.
In 2014 is er ontzettend veel geld in de wereldeconomie gepompt door de centrale banken van de OECD (de FED, de Bank of England, de Bank of Japan en in mindere mate de ECB).Je zou verwachten dat de olieprijs opnieuw zou oplopen tot recordhoogte. Maar er zijn twee ontwikkelingen, waardoor de olieprijs niet stijgt, maar juist daalt.
1. dalende vraag naar aardolie
2. olieproducenten zetten alles op alles om de produktie hoog te houden

De vraag naar aardolie daalt: maar waarom?
De afgelopen jaren is de vraag naar aardolie in veel OECD-landen gdaald.
De import van aardolie naar de grootste Europese landen daalde in de periode 2006-2014 al met 25%. In de VS is het verbruik van aardolie met 9% gedaald van 20,8 miljoen vaten per dag in 2005 tot 18,9 miljoen vaten per dag in 2013. In Japan daalde het aardolieverbruik met bijna 15% van 5,4 miljoen vaten per dag in 2005 tot 4,6 miljoen vaten per dag in 2013.
De vraaguitval in Europa, Japan en de VS komt doordat aardolie in 10 jaar tijd ongeveer vier keer zo duur werd en doordat het besteedbaar inkomen van de bevolking sinds 2006 constant is gebleven of zelfs is gedaald. Hierdoor wordt er in Japan, Europa en de VS veel minder gebouwd en gereden dan voor 2006.

De groei van het olieverbruik in opkomende economieën, zoals Brazilië en China, blijft achter bij de verwachtingen. Het olieverbruik neemt in de opkomende economieën nog wel toe, maar niet zoveel als voor de wereldwijde economische recessie van 2008 en 2009.
Hieronder is het dagelijks olieverbruik van China uitgezet tegen de tijd.
De laatste 5 jaar groeit het aardolieverbruik nog altijd, maar niet meer zo snel als in de eerste jaren van de 21e eeuw.

Schermafbeelding 2014-09-15 om 20.57.00

De vraag naar aardolie stijgt minder snel omdat de economische teruggang in Europa en Noord-Amerika ook leidt tot een lagere groei in de opkomende economieën. De dalende koopkracht in het rijke Westen vertraagt de groei van de industrie in China, India en Brazilië. De industrie en het aardolieverbruik is de laatste jaren nog wel gestegen, maar niet meer zo snel als men gewend was en gehoopt had.

Olieproducenten zetten alles op alles om de produktie hoog te houden
Veel olieproducerende landen gebruiken de inkomsten uit aardolie om de bevolking te verwennen. Dat kan door allerlei sociale voorzieningen of door subsidies op brandstof en voedsel. De bevolking is de afgelopen jaren gewend geraakt aan de olierijkdom in de vorm van subsidies en voorzieningen. De regeringen van olieproducerende landen doen er alles aan om te voorkomen dat de bevolking er op achteruit gaat en proberen de olie-inkomsten zo hoog mogelijk te houden.

Anderhalf jaar geleden wees Bill Spindle in een Wall Street Journal-blog al op de risico’s van een dalende olieprijs (of een dalende olieproduktie) voor de olieproducerende landen in het Midden-Oosten. Hij merkt in zijn artikel fijntjes op dat Saoedi-Arabië jaarlijks 100 miljard dollar besteed aan werkeloosheidsuitkeringen, bouwprojecten, studiebeurzen en andere aardigheidjes voor de bevolking.

Het onderzoeksbureau APICORP Research van de Arab Petroleum Investments Corporation zocht in de zomer van 2013 uit welke olieprijs de olieproducerende landen nodig hebben om hun begroting sluitend te krijgen.Dat liep uiteen van $60 per vat voor Qatar tot $140 per vat voor Iran.
Voor bijna alle olieproducerende landen lag de benodigde olieprijs voor een sluitende begroting in 2013 hoger dan in 2012. (zie de figuur hieronder)

OPEC_fiscal_break-even_oil_prices_changes_2013_2012

Saoedi-Arabië, de grootste of op één na grootste olieproducent te wereld, heeft een minimale olieprijs nodig van $95 tot $100 per vat, wanneer het land in 2014 net zoveel produceert als in 2013, tussen de 9,5 en 10 miljoen vaten per dag. Als Saoedi-Arabië de olieproduktie vrijwillig zou beperken tot minder dan 9 miljoen vaten per dag, dan dalen de inkomsten en moet de regering bezuinigen op de uitgaven. Bezuinigen is in Saoedi-Arabië net zo impopulair als in Europa.
Voor de andere olieproducerende van Noorwegen tot Venezuela (heeft eigenlijk een minimale olieprijs van $121 per vat nodig) geldt hetzelfde: als de olie-inkomsten afnemen moet men impopulaire bezuinigingen doorvoeren. Daarom zal geen enkel olieproducerend land vrijwillig de produktie beperken om op die manier een hogere prijs af te dwingen. Als de grootste producent, Saoedi-Arabië, het al niet aandurft, dan zullen de kleintjes het zeker niet doen.

De lage olieprijs maakt het voor oliemaatschappijen erg lastig om moeilijk winbare aardolie te gaan exploiteren. Olievelden in de poolzee of in de diepzee kunnen pas winstgevend geëxploiteerd worden als de wereld bereid is om een hoge prijs te betalen, meer dan $100 per vat.
Dat de olieprijs weer onder de $100 per vat staat, is een signaal van de consumenten naar de oliemaatschappijen om die moeilijk winbare aardolie voorlopig maar niet naar boven te halen. De koopkracht daalt en de consumenten worden gedwongen om minder te rijden en minder aardolie te gebruiken. Misschien is de moeilijk winbare aardolie in de poolstreken en de diepzee te duur om te verspillen aan massatoerisme, pretkilometers en ruimtevaart.

Aardolie-import van belangrijkste Europese landen al 25% gedaald

In de tweede helft van 2006 importeerden Nederland, Duitsland, Frankrijk, Italië en Spanje gezamenlijk ongeveer 8 miljoen vaten aardolie per dag. Per maand (30 dagen) komt dat neer op 240 miljoen vaten aardolie.

Acht jaar later, in de zomer van 2014 importeert dezelfde groep Europese landen minder dan 6 miljoen vaten per dag, ofwel 180 miljoen vaten in een maand van 30 dagen.

Schermafbeelding 2014-09-05 om 21.32.29

De daling van het aardolieverbruik heeft in de belangrijkste Europese landen geleid tot een lagere industriële produktie, een lagere verkoop van autobrandstof en minder bouwactiviteit.

Je kunt dit ook omkeren.
De afname van benzineverkoop, industriële produktie en de bouwmijverheid hebben gezorgd voor een lager aardolieverbruik.

Je kunt uren discussieren over wat oorzaak is en wat gevolg is. Maar dat verandert niets aan de feiten: het aardolieverbruik is in acht jaar tijd met 25% afgenomen. En …. het ziet er naar uit dat die afname onomkeerbaar is en zal doorzetten.
Elk volgend jaar zullen de belangrijkste Europese landen nog minder aardolie importeren, het zal nooit meer gaan toenemen.

Diesel- en benzineverkoop in Nederland verder gedaald in mei 2014

Volgens het CBS werd er in mei 2014 575 miljoen liter diesel verkocht. Dat is 8% minder dan in mei 2013 en zelfs 13,5% dan de 665 miljoen liter, die in mei 2012 werd verkocht.

In de grafiek hieronder zijn de maandelijkse CBS-cijfers voor de dieselverkoop uitgezet.
De paarse lijn geeft het voortschrijdend gemiddelde over 6 maanden weer.

Schermafbeelding 2014-07-23 om 12.12.37

Ook de benzineverkoop in mei 2014 was lager dan in dezelfde maand vorig jaar. In mei 2013 werd er in Nederland 472 miljoen liter benzine verkocht. In mei van dit jaar was dat nog maar 445 miljoen liter; 5,7% minder.

Schermafbeelding 2014-07-23 om 12.14.40

De benzineprijs was in mei 2013 ietsje lager dan in mei 2014: 1 euro 78 per liter tegen 1 euro 80 per liter dit jaar. (bij Shell).
Ook diesel was in 2014 duurder geworden: 1 euro 49 per liter tegen 1 euro 44 in mei 2013.

De doodgezwegen opstand in Saoedi-Arabië

De bevolking van Libië kwam in opstand tegen kolonel Gadaffi. De Syriërs kwamen in opstand tegen president Assad.
In Irak heeft een groot leger van Soenitische opstandelingen hele provincies veroverd en bedreigt de oliewinning. Daardoor is de olieprijs op de wereldmarkt flink opgelopen. Gelukkig is er geen opstand in het belangrijkste olieproducerende land in het Midden-Oosten, Saoedi-Arabië.

Hoewel.
In maart 2011 was er in Saoedi-Arabië een dag van woede. Die verliep zonder grote incidenten. Maar daarna zijn er nog regelmatig berichten demonstraties geweest. In 2011 en 2012 verschenen er berichten in de media, dat de Arabische Lente ook in Saoedi-Arabië onrust veroorzaakte. De sjiitische minderheid in Qatif in de Oostelijke provincie bleef demonstreren tegen discriminatie en willekeurige arrestaties. Daarbij vielen soms doden.
In maart van dit jaar werden twee sjiitische demonstranten (waaronder de zoon van een belangrijke geestelijke) ter dood veroordeeld. Het vonnis werd eind mei 2014 voltrokken.

De van oorsprong Saoedische documentairemaakster Safa Al Ahmad, maakte voor de BBC een film over de broeiende opstand in de olierijke Oostelijke provincie van Saoed-Arabië.
Je kunt de gehele documentaire bekijken op Journeyman Pictures.
Hieronder een korte versie, die op YouTube staat.

De opstand wordt tot nu toe hard onderdrukt. Moeten wij in Europa de opstandelingen steunen, zoals we ook de opstand tegen kolonel Gadaffi en president Assad hebben gesteund?
Of kijken we de andere kant op als de Saoedische regering de protesten keihard onderdrukt. Als de opstand zich uitbreidt, bestaat de mogelijkheid bestaat dat opstandelingen, net als in Libië, die olie-export zullen gaan hinderen. En dan zal Europa nog sneller moeten afkicken van haar verslaving aan aardolie.

Peakoil: piek-aanbod = piek-vraag

Dit is een wat technisch verhaal over peakoil. Bedoeld om een paar misverstanden over peakoil uit de wereld te helpen.

Piek-aanbod of piek-vraag
Sommige mensen menen dat peakoil alleen maar gaat over de olieproduktie , ofwel het aanbod van olie. Dat is een misverstand.
Alle olie die geproduceerd wordt, wordt verbruikt. De voorraden, die bedrijven en landen hebben aangelegd worden niet elk jaar groter. Dus alle olie die uit de aardkorst gewonnen wordt, gaat op.
Dat betekent dat de vraag naar olie precies gelijk is aan het aanbod.
Als er tijdelijk minder vraag is, dan zal de prijs ietsje zakken. Door die lagere prijs stijgt de vraag weer iets (meer mensen kunnen die iets lagere prijs betalen). En zo wordt toch alle geproduceerde olie verkocht en opgestookt.
Als het aanbod wat minder wordt, stijgt de prijs een beetje en wordt de aangeboden olie voor sommige klanten net te duur.
Vraag en aanbod zijn precies gelijk. Dus peakoil betekent maximale produktie en tegelijkertijd maximaal verbruik van olie.

Steeds meer moeilijk winbare olie
Volgens de statistieken van het Internationaal Energie Agentschap (IEA) en de Energy Information Agency (EIA) stijgt de mondiale olieproduktie nog altijd.
Dat is ook in de onderstaande grafiek te zien.

Schermafbeelding 2014-05-10 om 09.49.05

Maar een steeds groter deel van die olie wordt (in Noord-Amerika) gewonnen uit teerzand en schalie. Dat kost meer moeite.
Steeds minder olie wordt op land gewonnen en steeds meer olie wordt gewonnen uit de zeebodem. En de oliewinning verschuift naar steeds diepere wateren. Ook dat kost steeds meer moeite en energie.
De olie, die wij in Europa gebruiken komt ook van steeds verder weg. We gebruiken minder olie uit de Noordzee en steeds meer olie uit Afrika, Siberië en de poolsteken. Het transport van de oliebron naar de oliegebruiker kost ook steeds meer moeite en energie.

Steeds meer olie van mindere kwaliteit
De hoeveelheid vloeibare brandstof, die wereldwijd wordt geproduceerd, stijgt ook nog altijd. De laatste jaren stijgt vooral de produktie van ‘nieuwe’ vloeibare brandstoffen, zoals Natural Gas Liquids (NGL) en biobrandstof.
In de grafiek hieronder (van Euan Mearns) zie je de hoeveelheid vloeibare brandstof stijgen van 70 miljoen vaten in 1995 tot 90 miljoen vaten in 2013. Maar je ziet ook dat er vooral exotische nieuwe brandstoffen zijn bijgekomen.

Schermafbeelding 2014-05-10 om 10.57.25

In een tweede grafiek heeft Eaun Mearns de groei van die exotische onconventionele brandstoffen weergegeven. Totaal haalt de wereld dagelijks inmiddels 16 miljoen vaten vloeibare brandstof uit andere bronnen dan ruwe aardolie.

Schermafbeelding 2014-05-10 om 11.04.21

Over het algemeen kun je stellen dat deze nieuwe brandstoffen minder energie bevatten dan ruwe olie.
Eén liter biobrandstof ethanol levert bij verbranding 24 MegeJoule (MJ) aan energie.
Eén liter LPG (mengsel van NGL’s propaan en butaan) levert 26 MJ.
Maar één liter ouderwetse benzine levert 34 MJ.
Eén liter kerosine (vliegtuigbrandstof) 35 MJ. en één liter diesel levert zelfs 38 MJ.

Eén vat ethanol (biobrandstof) is dus eigenlijk maar 0,71 vat benzine of maar 0,63 vat diesel.

Onomkeerbare ontwikkeling
Als peakoil eenmaal is bereikt en de olieproduktie begint te dalen, dan is die daling meestal onomkeerbaar. De olieproduktie in Mexico piekte in 2004 en in de toekomst zal Mexico nooit meer boven die piekproduktie uitkomen.
Zo zal dat ook gaan met de mondiale olieproduktie. Er komt een moment dat de mondiale olieproduktie zal gaan afnemen.
Het precieze tijdstip van de mondiale piek is nog niet bekend en ook niet zo belangrijk. Maar het staat vast dat de wereldbevolking na die piek ieder jaar minder aardolie te verdelen heeft. We kunnen zuiniger voertuigen ontwerpen en stoppen met verspilling. Uiteindelijk zal de hoeveelheid olie afnemen tot 0 vaten per dag en dat is dan het eind van het aardolie-tijdperk.

Peak-mobiliteit: Amerikanen gebruiken steeds minder benzine en kerosine

De cijfers van het Amerikaanse EIA laten zien dat de verkoop van benzine en kerosine (vliegtuigbrandstof) in de VS flink daalt. Dat komt doordat de Amerikanen zuiniger geworden zijn: ze rijden in kleinere, zuinigere auto’s en de luchtvaartmaatschappijen zorgen dat er minder brandstof verspild wordt.
Tegelijkertijd kunnen minder Amerikanen zich een auto permitteren en rijdt de gemiddelde Amerikaan steeds minder kilometers.

Hieronder de hoeveelheid motorbrandstof, die Amerikaanse raffinaderijen dagelijks verkopen. Begin 2010 was dat nog 30 miljoen gallons per dag. Begin 2014 is dat afgenomen tot 11 miljoen gallons per dag.

Schermafbeelding 2014-05-05 om 20.13.51

Bovenstaande grafiek vertoont een scherpe daling. Op ds.com staat een soortgelijke grafiek, maar daar is de daling veel minder scherp.

De sterke afname van de autobrandstofverkoop wordt niet veroorzaakt doordat brandstomaatschappijen meer benzine importeren uit het buitenland. De import van autobrandstof vertoont over de periode 2010-2014 ook een dalende trend.

De produktie en verkoop van vliegtuigbrandstof in Amerika daalt ook.

Schermafbeelding 2014-05-05 om 20.21.13

Ik verwacht dat de dalende trend zal doorzetten. De makkelijk winbare olie raakt op: de produktiekosten van benzine en kerosine zullen steeds verder oplopen. Steeds minder Amerikanen zullen nog benzine en kerosine kunnen betalen.