Klimaatverandering is reëel, maar zijn de klimaatmodellen dat ook?

25 mei 2012

Dr. David Evans werkte tot 2005 voor het Australische Greenhouse Office. Hij bracht koolstofstromen in kaart.
In de volgende video legt David Evans uit dat:
- de temperatuur de laatste eeuw is gestegen en dat
- CO2 een broeikasgas is.

Dr. Evans is dus geen ‘klimaatontkenner’: hij weet dat het broeikasgas een meetbaar effect heeft op temperatuur van de atmosfeer.
Maar de huidige klimaatmodellen voorspellen veel meer opwarming dan je op grond van CO2 kan verwachten. Dr. Evans legt uit:

De klimaatmodellen gaan ervan uit dat de opwarming door CO2 versterkt zal worden door positieve terugkoppelingen, waterdamp en bewolking.
In de afgelopen 15 jaar is gebleken dat die versterking niet optreedt.
Misschien bestaan de positieve terugkoppelingen niet.

In de tweede video legt David Evans uit waarom klimaatwetenschappers de positieve terugkoppeling overschatten.

De klimaatwetenschappers gaan er ten onrechte van uit dat alle opwarming sinds 1750 te wijten is aan CO2 en de positieve feedbacks.
De metingen wijzen erop dat de positieve feedbacks kleiner zijn. Misschien overheersen de negatieve feedbacks en wordt de opwarming door CO2 door ‘natuurlijke mechanismen’ gecompenseerd.

Dr. Evans legt in deze videos de kern van het klimaatdebat uit.
Iedereen is het er over eens dat het is opgewarmd. Iedereen erkent dat CO2 een broeikasgas is. Het wetenschappelijk debat gaat over de klimaatmodellen en de prognoses van die modellen.


Klimaatverandering: een momentopname

1 mei 2012

Als je wilt weten of het klimaat verandert en hoe snel, dan moet je af en toe een momentopname maken.
Is het in de afgelopen 24 jaar in Nederland veel warmer geworden?

Ik heb eens gekeken naar de eerste 4 maanden van het jaar: januari t/m april.
In 1988 was de gemiddelde temperatuur over de eerste 4 maanden van het jaar 6,1°C. De eerste 4 maanden van 2012 was het gemiddeld 5,6°C in De Bilt.


De laagste gemiddelde temperatuur, 3,3°C, werd gemeten in 1996, het jaar van de laatste Elfstedentocht. De hoogste temperatuur in 2007: 8,6°C.
De paarse lijn in de grafiek is een trendlijn: hij laat zien dat er geen sprake is van een opwarmende trend.
Als je deze grafiek laat beginnen in 1996 en dan zal de software een stijgende trend berekenen. Hetzelfde gebeurt met 1979 of 1963 als beginjaar.

Vorig jaar viel er te weinig neerslag in de winter en het voorjaar. Voor sommigen was dat een teken dat de mens het klimaat verandert.
Dit jaar was de maand april te nat en is er in Nederland sprake van een neerslagoverschot.

Dit wordt door niemand uitgelegd als een teken dat het klimaat door toedoen van de mens verandert.


Opwarming klimaat valt nog altijd mee (of tegen)

25 april 2012

James Lovelock, de bedenker van de GAIA-hypothese, maakte zich grote zorgen om de stijgende CO2-concentratie en de opwarming van het klimaat. Hij was zo bezorgd om het klimaatprobleem dat hij voorstelde om meer kerncentrales te bouwen en kolencentrales te sluiten. In 2008 voorspelde hij nog dat de klimaatverandering over 35 jaar enorme rampen zou veroorzaken.
Maar de afgelopen 12 jaar stagneert de opwarming en de wetenschapper Lovelock ziet in dat zijn bezorgdheid overdreven was. Tegen het Amerikaanse MSNBC zei Lovelock: ‘We dachten 20 jaar geleden dat we wisten hoe het klimaat werkt, maar nu blijkt dat we veel te weinig weten.’

De eerste 3 maanden van dit jaar was de gemiddelde mondiale temperatuur 0,4°C warmer dan het langjarig gemiddelde (over de periode 1951 – 1980). In 2000 en 2001 was de gemiddelde mondiale temperatuur over de periode januari, februari, maart ook 0,4°C boven het langjarig gemiddelde. (volgens gegevens van GISS)

Ook op de Noordpool valt de opwarming nog altijd mee.
Het ziet er niet naar uit dat we deze zomer een ijsvrije Noordpool zullen krijgen, zoals sommigen in 2007 voorspelden.
Momenteel is de hoeveelheid zeeijs bijna gelijk aan de gemiddelde hoevelheid voor eind april over de periode 1979 – 2000.

Klimaatonderzoekers mogen uitzoeken waarom de opwarming pauzeert. Ik hoop dat ze snel met een verklaring en betere modellen komen.

Wij moeten zo snel mogelijk ons energieverbruik en onze CO2-uitstoot beperken. De fossiele brandstoffen worden steeds moeilijker te winnen en steeds duurder. We moeten anders gaan leven. Niet omdat het klimaat verandert, maar vooral omdat de makkelijk winbare energie opraakt


Smelten van Noordpoolijs begint steeds later

6 april 2012

Op 18 maart 2012 bereikte het Noordpoolijs haar maximale omvang van dit winterseizoen: vlak voor het begin van de lente.
In de periode 1979 – 2000 werd de maximale omvang meestal eerder waargenomen: gemiddeld op 6 maart.

De afgelopen jaren komt het vaker voor dat het vriesseizoen op de Noordpool langer duurt. Ook in 2010 en 2011 begon het afsmelten pas na half maart. Deskundigen weten nog niet waarom het smelten steeds later begint.

Daardoor is de omvang van het Noordpoolijs in de maanden april en mei min of meer normaal. Voor meer informatie over het Noordpoolijs verwijs ik naar Neven’s voortreffelijke weblog.

In Europa leek het in maart al lente. Volgens het KNMI in De Bilt lag de gemiddelde temperatuur in maart 2012 2 graden boven het langjarig gemiddelde.
Inmiddels is de temperatuur flink gedaald.
Voor Schotland is het gezegde ‘Aprilletje zoet geeft wel eens een witte hoed’ in 2012 weer van toepassing.

De inwoners van Moskou moeten ook nog een weekje wachten op de lente. Er komt eerst nog een pak sneeuw. Sakahlin in Siberië kreeg nog een heuse sneeuwstorm te verwerken.


Herberekening van temperaturen leidt tot mooiere grafieken

20 maart 2012

Professor Diederik Stapel verzon onderzoeksgegevens en trok daar dan de conclusies uit, die hij van tevoren al had bedacht. Dat is in de wetenschap een doodzonde.

Klimaatonderzoeker Michael Mann liet metingen van boomringen weg, als die zijn hockeystick omlaag deden wijzen. Hij probeerde te onderbouwen waarom dat gerechtvaardigd was, maar hij kon niet al zijn collega’s overtuigen. Sommige noemen het nog altijd fraude.

(in rood de boomring-metingen, die niet in de hockeystick pasten)

In de klimaatwetenschap zijn er nog meer discussies over de zuiverheid van metingen en berekeningen. Het Goddard Institute for Space Studies (GISS) berekent iedere maand een gemiddelde temperatuur voor de gehele wereld. Daarvoor gebruikt men duizenden metingen en een ingewikkelde berekeningsmethode.
Ook de Hadley Climate Research Unit uit Groot-Brittannië maakt een berekening van de wereldgemiddelde temperatuur op basis van meetstations en een ingewikkelde methode.

GISS is eind 2011 overgestapt op een nieuwe ‘betere’ set metingen. Men gebruikte jarenlang de GHCN V2-gegevens en sinds kort is men overgestapt op de GHCN V3-data. De nieuwe data zijn aangepast: men heeft geprobeerd om foute metingen te corrigeren of te verwijderen.
Hieronder een voorbeeld van de aanpassingen, die GISS heeft doorgevoerd.

De Hadley Climate Research Unit zal binnenkort ook overstappen op een nieuwe berekeingsmethode. In deze nieuwe jaargemiddelden (CRUTEMP4) zijn meer metingen uit het Noordpoolgebied opgenomen.

Doel van de aanpassingen en herberekeningen
Wetenschappers moeten zich afvragen waarom ze hun metingen op een bepaalde manier bewerken tot gemiddelden en grafieken. Ik denk dat de klimaatwetenschappers van GISS en Hadley zich ten doel hebben gesteld om een mooiere grafiek te maken van de wereldtemperatuur: eentje met niet teveel uitschieters en met een duidelijke trend.
Je kunt je afvragen of dit doel het aanpassen van metingen en het verwijderen van verdachte metingen rechtvaardigt.

Het gevolg van de aanpassingen en berekeningen
De veranderingen in de datasets, die GISS gebruikt, leiden tot een steilere grafiek. In de periode voor 1970 zijn de nieuwe temperaturen lager en in de periode na 1970 zijn de nieuwe temperaturen hoger. Hierdoor wordt het duidelijker dat de temperatuur gestegen is. En de nieuwe grafiek maakt het plausibel dat de opwarming nog altijd doorgaat.

De nieuwe dataset van de Hadley Climate Research Unit, CRUTEMP4, laat hetzelfde beeld zien. Doordat er meer metingen uit het Noordpoolgebied verwerkt worden, wordt de grafiek steiler. In de nieuwe grafiek van CRUTEMP4 is 1998 niet langer het warmste jaar ooit: 2005, 2007 en 2010 zijn nu warmer, dan 1998.

Het gevolg van de aanpassingen van Hadley en GISS is steilere grafieken ofwel snellere opwarming en aanwijzingen dat de opwarming niet stagneert. Dat zijn precies de conclusies, die de beide onderzoeksinstituten nu al jarenlang in hun artikelen en persberichten vermelden. De nieuwe verbeterde selectie en presentatie van meetgegevens bevestigt die bestaande conclusies.

In de werkelijke wereld is de temperatuur door deze berekeningen niet veranderd. Er is geen grammetje ijs meer of minder gesmolten. De natuur is totaal niet onder de indruk van de nieuwe grafiek.
Daar ging het ook niet om.
De klimaatonderzoekers wilden laten zien dat de opwarming echt heel snel gaat en nog niet is gestopt. Er moet nog meer onderzoek gedaan worden en er is nog meer geld nodig voor dat onderzoek.


Alternatieve verklaringen voor het uitblijven van opwarming

2 maart 2012

De Hadley Climatic Research Unit publiceert elke maand een schatting van de gemiddelde mondiale temperatuur. In augustus 2011 kwam het instituut uit op 0,45°C boven het langjarig gemiddelde. Dat was lager dan augustus 2010 (0,49°C) en augustus 2009 (0,54°C).

In het afgelopen half jaar is de mondiale temperatuur nog verder gedaald. Volgens de Hadley Climate Research Unit was het in januari nog maar 0,22 °C boven het langjarig gemiddelde.
Die recente terugval van de temperatuur ondersteunt het idee dat de opwarming van het klimaat al 10 – 12 jaar lang stagneert.

Wetenschappers, die de menselijke CO2-uitstoot verantwoordelijk achten voor de opwarming, zitten in hun maag met het uitblijven van temperatuurstijging.
Ze kijken steeds minder naar de thermometers, maar wijzen op extreme weersomstandigheden, zoals droogte, tornado’s en zware sneeuwval.

Opwarming van de diepzee?
Er zijn ook wetenschappers, die proberen een verklaring te vinden voor de verdwenen opwarming. Ze veronderstellen dat de diepzee (oceanen dieper dan 700 m.) aan het opwarmen is. De warmte, die de oceaan opneemt, zou tientallen jaren later voor extra opwarming kunnen zorgen.

Meer sneeuwval op Noordelijk Halfrond?
Andere wetenschappers zien dat er de laatste jaren meer sneeuw valt op het Noordelijk Halfrond. De extra sneeuw weerkaatst meer zonlicht en misschien compenseert dat de opwarming door de menselijke CO2-uitstoot.

Lagere bewolking?
In Nieuw-Zeeland ontdekten wetenschappers, dat de wolken tegenwoordig minder hoog zijn dan 10 jaar geleden. Afnemende wolkenhoogte zou ook een rol kunnen spelen bij het uitblijven van opwarming.

Meer bewolking?
De theorie van Henrik Svensmark is een van de meest controversiële verklaringen voor de stagnerende opwarming. Svensmark meent dat het verzwakkende magneetveld van de zon ervoor zorgt dat meer kosmische straling in de dampkring kan doordringen.De geladen deeltjes in de kosmische straling zouden zorgen voor een kleine toename van de hoeveelheid bewolking. Meer bewolking zorgt er ook voor dat de atmosfeer niet verder opwarmt.

Het zou ook kunnen dat al de bovengenoemde verschijnselen gezamenlijk de opwarming door stijgende CO2-concentratie tegengaan.
De natuur blijkt toch weer ingewikkelder dan de wetenschappers tot nu toe dachten. De kennis en de invloed van de mens blijkt nu toch weer wat kleiner.


Follow

Get every new post delivered to your Inbox.