Tagarchief: peakoil

Orwelliaanse groei: nieuwe rekenmethode verhoogt het GDP

Het CBS meldde dat het bureau het Bruto Binnenlands Produkt (BBP) op een andere, betere manier gaat uitrekenen.
Door deze berekening valt het Nederlandse BBP 3% hoger uit, we rekenen onszelf rijk. Eerder dit jaar werd de berekening van het BBP ook al aangepast. Na al deze correcties blijkt het BBP over 2010 maar liefst 7,6% hoger te zijn dan we tot nu toe dachten.

Schermafbeelding 2014-10-18 om 09.54.41

Het goede nieuws: staatsschuld onder de 60% van het BBP
Een citaat uit het persbericht:

Het netto effect van het voorgaande op het overheidstekort als percentage van het bbp bleek beperkt. Voor 2010 gaat het overheidstekort van 5,1 procent naar 5,0 procent van het bbp. De overheidsschuld is voor 2010 met 0,6 miljard euro naar boven bijgesteld, vanwege de inzet van nieuwe brongegevens. Omdat de bijstelling van het bbp relatief groter is, werd de overheidsschuld voor 2010 van 63,4 naar 59,0 procent van het bbp bijgesteld.

Fantastisch toch, wie kan daar nu tegen zijn?

De nieuwe rekenmethode van het CBS volgt uit Europese richtlijnen, de zogenaamde ESA 2010 methodology. Deze nieuwe rekenregels zijn nu voor heel Europa ingevoerd meldt Eurostat.
Door de invoering van het ESA 2010-rekenmodel is het BBP in de eurozone 1,3% en in de gehele EU 1,4% naar boven bijgesteld. Voor sommige landen is de opwaardering veel groter: het BBP van Cyprus groeide met 9,5% en zoals eerder gemeld groeide het BBP van Nederland met 7,6%.

Nog een interessant citaat uit het persbericht van Eurostat:

The main methodological changes with an impact on GDP are:
– research and development expenditure is now counted as investment. This increased the level of EU GDP in 2010 by 1.9%.
expenditure on weapon systems is now counted as investment. This increased the level of EU GDP in 2010 by 0.2%.

Wapens kopen telt tegenwoordig als een investering mee…

Orwelliaanse Groei
Het energieverbruik, de industriële produktie en de werkgelegenheid groeien niet meer in Europa: er is sprake van krimp.
Om dit te verdoezelen worden miljarden spiksplinternieuwe, van de ECB geleende euro’s, in de Europese economie geinjecteerd. Het is net alsof we een nieuwe spaarpot ontdekt hebben waar we nog een paar jaar lang de energierekening aan Rusland en andere olieleveranciers kunnen betalen. En het huishoudboekje wordt ondertussen bijgewerkt door het CBS en Eurostat, zodat het lijkt alsof het nu beter gaat dan 5 jaar geleden…
Nate Hagens, een voormalig investeringsadviseur van miljardairs, noemt dit Orwelliaanse groei. Dit soort boekhoudkundige truukjes zouden zo maar uit het boek 1984 van George Orwell kunnen komen, het is gewoon overheidspropaganda om de bevolking te misleiden.

Blogger Paradoxnl wees mij op een nieuwe glasheldere lezing van Nate Hagens waarin hij ook het begrip Orwelliaanse groei uitlegt. (vanaf 42 minuten in de video hieronder)
Maar je kunt ook het gehele verhaal beluisteren. (aanrader)

Russische roulette met het oliewapen

Asjylyn Loder en Isaac Arnsdorf, twee onderzoeksjournalisten werkend voor Bloomberg, bekeken de cijfers die Amerikaanse energiebedrijven naar buiten brengen over hun olie- en gasreserves. De CEO van de Marathon Oil Company vertelde investeerders dat het bedrijf 4,3 miljard vaten aan schalie-oliereserves in de portefeuille had. Dat getal was vijfeneenhalf keer zo hoog als de bewezen oliereserves, die het bedrijf had opgegeven aan de officiële instanties.
Dit geval staat niet op zichzelf. Van de 73 onderzochte oliemaatschappijen zijn er 62, die tegenover investeerders opscheppen over veel hogere oliereserves, dan ze officieel aan de Securities & Exchange Commission meldden. Goodrich Petroleum noemde een getal dat 19 keer hoger was. En Rice Energy spiegelde investeerders maar liefst 73 keer zo hoge reserves voor als de officiële opgave.
Hieronder een plaatje uit het artikel van Loder en Arnsdorf.

i1ZBrsDh.91c

De oliemaatschappijen, die zulke gouden bergen beloven, kunnen heel makkelijk kapitaal lenen om de schalie-olie naar boven te halen. Het hele Amerikaanse schalie-olie-succes draait op geleend geld, op krediet. De oliemaatschappijen steken zich steeds dieper in de schulden en het is maar de vraag of de investeerders ooit hun geld nog zullen terugzien. En nu de prijs van aardolie scherp is gedaald, is de kans daarop nog verder afgenomen.

Olieprijs omlaag dwingen om Rusland in economische problemen te brengen?
Volgens diverse bronnen zit de VS samen met Saoedi-Arabië achter de daling van de olieprijs. Saoedi-Arabië heeft de olieprijs voor Aziatische klanten (China, Korea en Japan) verlaagt. Dat lijkt bedoeld om ervoor te zorgen dat de Aziatische landen geen Russische olie meer kopen. En in de VS wordt tegenwoordig zoveel aardolie geproduceerd dat er sprake is van een verzadiging op de wereldmarkt. Ook dit kan de afzet van Russische aardolie schaden.
Dit spel met de olieprijs lijkt bedoeld om een van ‘s werelds grootste olie-exporteurs Rusland economisch kapot te maken.

Maar de lage olieprijs heeft voor alle olie-exporterende landen dezelfde gevolgen.
Saoedi-Arabië heeft (volgens deskundigen) een minimale olieprijs nodig van $90 – $93 om de overheidsbegroting sluitend te krijgen. De huidige lage olieprijs brengt ook de Saoedische regering economisch in het nauw.
Op het plaatje hieronder zie je aan de rechterkant voor welke landen bij de huidige olieprijs een begrotingstekort dreigt (met de rode bolletjes weergegeven)

Schermafbeelding 2014-10-15 om 14.38.25

Irak geeft in navolging van Saoedi-Arabië ook korting aan Aziatische klanten. En dat betekent een daling van de olie-inkomsten van het in een burgeroorlog verzeild geraakte Irak. Ook Nigeria, Iran, Koeweit en Angola zien hun olie-inkomsten slinken. Het Bruto Binnenlands Produkt van olie-exporterende landen zal dalen. En dat zal zijn weerslag hebben op de wereldeconomie.

En de schalie-olie-zeepbel in de VS dan?
Dat is een goede vraag. Hoe zullen de investeerders in de VS reageren op de lage olieprijs?
Zullen ze doorgaan met het pompen van geld in de projecten van de leugenachtige schalie-olieboeren? Wordt de carbon-bubble in de VS nog verder opgeblazen?
Of zullen ze hun verlies nemen en voortaan hun geld weer anders gaan beleggen? In dat geval zal de produktie van aardolie in de VS al snel gaan haperen.

Dalende olieprijs zorgt voor lagere GDP-groei in olieproducerende landen

De prijs voor een vat aardolie (Brent) is afgelopen week gedaald tot ca. $92. In juni was dat nog $111 per vat. Laten we eens kijken wat dat betekent voor de belangrijkste olieproducenten.

In juni produceerde Saoedi-Arabië 9,7 miljoen vaten olie per dag. Bij een prijs van $111 per vat bracht die olieproduktie dagelijks 1,08 miljard dollar in het Arabische laatje.
Rusland produceerde in juni 10,1 miljoen vaten per dag ter waarde van 1,12 miljard dollar.
Brazilië verdiende met haar olieproduktie (2,25 miljoen vaten per dag) in juni 250 miljoen dollar per dag. Maar daarbij teken ik aan dat Brazilië vrijwel geen olie exporteert en de hele produktie door de Brazilianen zelf wordt verbruikt.

De actuele produktiecijfers voor begin oktober zijn nog niet bekend, als de produktie vergelijkbaar met die van juni, dan zijn de aardolie-inkomsten toch flink lager.
Bij een olieprijs van $92 per vat verdient Saoedi-Arabië momenteel nog maar 892 miljoen dollar per dag. Da’s 17% minder dan in juni.
Rusland verdient begin oktober aan de olieproduktie nog maar 930 miljoen dollar, ook 17% minder dan in juni.
Voor Brazilië is de waarde van de olieproduktie met 17% gedaald, tot 207 miljoen dollar per dag.

Lager BBP door lagere olie-inkomsten
De daling van de aardolie-inkomsten voor de olieproducerende landen is vergelijkbaar met de afgenomen Nederlandse aardgasexport in het eerste kwartaal van 2014. In de eerste 3 maanden van 2014 kromp de Nederlandse economie met 0,5% t.o.v. een jaar eerder vanwege de sterk afgenomen aardgasinkomsten.
In Rusland en Saoedi-Arabië en andere olie-exporterende landen zal het Bruto Binnenlands Produkt (GDP) in de laatste 5 maanden van 2014 krimpen t.o.v. een jaar eerder toen de prijs van een vat olie nog $110 was.

Olieproducerende landen dragen flink bij aan de mondiale economische groei.
Rusland is één van de grootste economieën van de wereld en draagt ongeveer 3% bij aan het wereldwijde BBP. Brazilië staat net onder Rusland in diverse economische ranglijsten. De bijdrage van Brazilië aan de wereldwijde economische groei is ook ongeveer 3%.
Saoedi-Arabië draagt 1 tot 1,5% bij aan de wereldeconomie.

Lagere vraag naar olie?
Olieproducerende landen kunnen de daling van de olieprijs compenseren door de produktie op te voeren. Maar de daling van de olieprijs wijst al op een te groot aanbod. Het aanbod verder vergroten zou de olieprijs nog verder verlagen. Het lijkt erop dat de vraag naar aardolie wereldwijd aan het afnemen is.

In juni bedroeg de wereldwijde olieproduktie 76,7 miljoen vaten per dag.(volgens de Crude and Condensate-definitie van het Amerikaanse Energy Information Agency)
De wereld betaalde voor die hoeveelheid 85,1 miljard dollar.
Begin oktober 2014 zal de wereldolieproduktie ook min of meer 76,5 miljoen vaten per dag zijn geweest. Maar momenteel heeft de wereld daar minder dollars voor over: 71,1 miljard dollar.
De mensheid is aan het afkicken van olie.

Oliemaatschappijen Total en Statoil zetten teerzand-olie-projecten in de koelkast

De Noorse oliemaatschappij Statoil stelt een project om in de Canadese provincie Alberta met behulp van stoom aardolie te winnen uit teerzand voorlopig voor 3 jaar uit.
In een artikel in de Canadese krant Globe and Mail wordt de investering die Statoil voorlopig heeft uitgesteld geschat op 2 miljard dollar of meer. Dit besluit kost ca. 70 mensen hun baan.

statoil-oilsands

Het Statoil-project heet Corner en is al het tweede teerzandolie-project dit jaar dat op de lange baan wordt geschoven. In mei besloten Total en Suncor Energy Inc. al om werk aan het Joslyn-project (ter waarde van 11 miljard dollar) voorlopig stil te leggen.
Men verwachtte dat Corner per dag ca. 40 duizend vaten olie zou gaan produceren.

Er worden meerdere redenen aangedragen voor het uitstel.
Ten eerste zijn de kosten van het project (loonkosten en materialen) flink gestegen. Statoil is een laatkomer in de teerzanden van Alberta. Maatschappijen, die eerder begonnen, hebben al ervaren lokale arbeidskrachten in dienst. Statoil moet mensen van buiten de regio inhuren. Ook de machines en materialen, die Statoil nodig heeft, moeten van verder weg komen.
Ten tweede is de afzet van teerzandolie problematisch aan het worden nu er voorlopig geen pijpleiding naar de VS wordt aangelegd. De winning van teerzandolie groeit sneller dan de transportcapaciteit via het spoor.

Minder teerzandolie betekent minder CO2
De winning van teerzandolie vindt plaats door het olierijke zand met stoom te verhitten. Bij de produktie van de stoom wordt veel aardgas verstookt, wat een zeer grote uitstoot van CO2 betekent. Als de olie eenmaal gewonnen is, zal deze worden verwerkt en een groot deel zal als transportbrandstof worden verbrand tot CO2.
Uitstel van het Corner-project en het Joslyn-project van Total en Suncor betekent dat de CO2-uitstoot in Canada niet zo snel toeneemt als deskundigen eerst aannamen.

Misschien komt van uitstel wel afstel en dan zal een groot deel van de teerzandolie gewoon blijven liggen waar ze al miljoenen jaren ligt. In dat geval krijgt het IPCC ongelijk met haar prognoses over de mondiale CO2-uitstoot.
Gezien de ontwikkelingen van de laatste jaren lijkt het mij een goed idee als het IPCC nog eens zeer kritisch naar de CO2-emissiescenarios kijkt en ze naar beneden bijstelt.

ipcc-anthropogenic-carbon-emissions

Dalende olieprijs en steenkoolprijs: de koolstofzeepbel loopt leeg

De afgelopen maanden is de prijs voor een vat aardolie gedaald tot onder de $100.
De prijs voor steenkool is al sinds begin 2011 aan het dalen.
In de grafiek hieronder is goed te zien dat de prijs van fossiele brandstoffen een dalende trend vertoont.

Schermafbeelding 2014-09-25 om 11.42.02

Een dalende prijs duidt erop dat het aanbod groter is dan de vraag.
De produktie van steenkool en aardolie wordt de laatste jaren met alle mogelijke middelen vergroot. Hieronder is de groei van de mondiale olie- en steenkoolproduktie uitgezet in twee grafieken.

Schermafbeelding 2014-09-25 om 11.48.30

Schermafbeelding 2014-09-25 om 11.52.16

In de steenkool- en aardolieproducerende landen wordt ook flink geïnvesteerd om de produktie te vergroten. In de VS worden vele miljarden gestoken in de exploitatie van schalie-olie en Brazilië leent meer dan 200 miljard dollar van investeerders om de diepzee-olie voor de Braziliaanse kust te kunnen exploiteren.
China heeft veel geinvesteerd om de steenkoolreserves van Mongolië te gaan exploiteren en in Australië en Zuid-Afrika wordt geïnvesteerd om de export van steenkool te bevorderen.
Bedrijven en regeringen hebben zich diep in de schulden gestoken om de winning van fossiele brandstoffen in de toekomst mogelijk te maken. Investeerders hebben onevenredig veel kapitaal geïnvesteerd in de winning van fossiele brandstoffen en zij hopen een goed rendement te halen op die investering. Waarschijnlijk is er in de olie-, gas- en steenkoolwinning sprake van een overinvestering en dat wordt ook wel de koolstofzeepbel (carbonbubble) genoemd. Het is verre van zeker dat de investeringen terugverdiend zullen worden.

Dalende vraag naar aardolie en steenkool
De dalende prijs voor olie en steenkool geeft aan dat het aanbod groter is dan de vraag. Economen en energiedeskundigen gaan er nog altijd vanuit dat de vraag naar aardolie en steenkool zal blijven stijgen. Maar in grote delen van de wereld zien we de vraag naar aardolie en steenkool al jarenlang dalen. Het verbruik van aardolie in de 6 grootste landen van de eurozone is de afgelopen 8 jaar al met een kwart afgenomen.
Ook in de VS daalt het aardolieverbruik.
Er zijn aanwijzingen dat het verbruik van aardolie in China niet verder meer groeit.

Schermafbeelding 2014-09-25 om 19.21.46

In juli 2014 verbruikte de Chinese economie 9,5 miljoen vaten per dag. In juli 2013 was dat nog 10,0 miljoen vaten per dag. (volgens de JODI-database: zie refinery intake)
China verbruikt ongeveer de helft van alle steenkool, die wereldwijd geproduceerd wordt. In de afgelopen maand kondigde de Chinese regering aan dat men het gebruik van steenkool wil gaan beperken. Dat kan door meer elektriciteit op te wekken met duurzame bronnen als waterkracht en wind. De vertraging van de economische groei draagt ook bij aan een lager steenkoolverbruik. Het gevolg is dat China in 2014 minder steenkool importeert dan in 2013.

Gaat de koolstofzeepbel leeglopen?
De afgelopen jaren hebben oliemaatschappijen al vaak investeringen in moeilijk winbare olie- en gasprojecten moeten afschrijven. Oliemaatschappij Shell ging voor vele miljarden het schip in bij de schaliegaswinning in de VS. Door de dalende olieprijs zullen oliemaatschappijen nog meer moeten afschrijven op hun reserves: de resterende reserves in de bodem zijn waarschijnlijk geen $120 per vat waard, maar misschien slechts $95 per vat.
Steeds vaker zullen oliemaatschappijen besluiten om exploitatie van olie- en gasvelden uit te stellen, omdat de exploitatiekosten bij de huidige lage olieprijs niet terugverdiend kunnen worden.
De schaliegaswinning in de VS dreigt uit te lopen op een financieel fiasco. Volgens insiders is de Amerikaanse schaliegaswinning net zo’n pyramidespel als de sub-prime hypothekenportefeuilles in de jaren 2006 en 2007. Als die zeepbel leegloopt zullen een paar profiteurs net op tijd hun winst gepakt hebben, maar de meeste investeerders zullen naar hun investering kunnen fluiten.
In de steenkool-industrie is men nog optimistisch. Maar als de steenkoolprijs door overproduktie en dalende vraag verder zal dalen, dan zal investeren in steenkoolmijnen niet langer rendabel zijn.
Nog voordat de wereld een strenger klimaatbeleid gaat voeren, dreigt de koolstofzeepbel al leeg te lopen. De Grenzen aan de Groei, die al 40 jaar geleden voorspeld werden, lijken in 2014 bereikt.

LEES OOK:
Low Oil Prices: Sign of a Debt Bubble Collapse,Leading to the End of Oil Supply?
door Gail Tverberg.

Dieselverkoop in Nederland daalt verder

In de maand juli werd in Nederland 531 miljoen liter dieselbrandstof verkocht. In juli 2013 was dat 592 miljoen liter. Tijdens de eerste 7 maanden van 2014 werd totaal 3950 miljoen liter diesel verkocht. Dat is 6% minder dan in dezelfde periode van 2013 toen er 4213 miljoen liter diesel werd verkocht en verbruikt in Nederland.
In de grafiek hieronder zijn de verkoopcijfers van het CBS over de afgelopen vierenhalf jaar uitgezet. De rode lijn geeft het voortschrijdend gemiddelde over 6 maanden weer.

Schermafbeelding 2014-09-24 om 16.33.41

De verkoop van benzine lag in juli 2014 3% lager dan in dezelfde maand van 2013: er werd 429 miljoen liter benzine verkocht tegenover 443 miljoen liter een jaar eerder.
In de eerste 7 maanden van 2013 werd er 3106 miljoen liter benzine verkocht. Dit jaar staat de teller na 7 maanden 4% lager op 2979 miljoen liter.

Schermafbeelding 2014-09-24 om 16.38.16

De paarse lijn in de grafiek is het voortschrijdend gemiddelde over een periode van 6 maanden.

Bijkomend voordeel is dat de CO2-uitstoot van het Nederlandse wagenpark ook daalt. Ik verwacht dat de verkoop en het verbruik van benzine en diesel zal blijven dalen. Er zullen tankstations en misschien ook raffinaderijen gaan sluiten.

Olieprijs zakt tot onder de $100 per vat.. waarom?

Schermafbeelding 2014-09-15 om 20.21.50

De prijs van een vat aardolie is aan het dalen. De belangrijkste olieprijs voor Europese landen, die van Brent, is gezakt tot onder de $98 per vat. Dat is merkwaardig, want veel mensen, waaronder ik, dachten juist dat aardolie schaars zou worden en dat de olieprijs juist hoger zou worden.
In 2008 kwamen er door een huizenzeepbel in de VS ontzettend veel dollars in omloop. In die situatie kon de olieprijs door speculanten worden opgedreven tot boven de 140 dollar per vat.
In 2014 is er ontzettend veel geld in de wereldeconomie gepompt door de centrale banken van de OECD (de FED, de Bank of England, de Bank of Japan en in mindere mate de ECB).Je zou verwachten dat de olieprijs opnieuw zou oplopen tot recordhoogte. Maar er zijn twee ontwikkelingen, waardoor de olieprijs niet stijgt, maar juist daalt.
1. dalende vraag naar aardolie
2. olieproducenten zetten alles op alles om de produktie hoog te houden

De vraag naar aardolie daalt: maar waarom?
De afgelopen jaren is de vraag naar aardolie in veel OECD-landen gdaald.
De import van aardolie naar de grootste Europese landen daalde in de periode 2006-2014 al met 25%. In de VS is het verbruik van aardolie met 9% gedaald van 20,8 miljoen vaten per dag in 2005 tot 18,9 miljoen vaten per dag in 2013. In Japan daalde het aardolieverbruik met bijna 15% van 5,4 miljoen vaten per dag in 2005 tot 4,6 miljoen vaten per dag in 2013.
De vraaguitval in Europa, Japan en de VS komt doordat aardolie in 10 jaar tijd ongeveer vier keer zo duur werd en doordat het besteedbaar inkomen van de bevolking sinds 2006 constant is gebleven of zelfs is gedaald. Hierdoor wordt er in Japan, Europa en de VS veel minder gebouwd en gereden dan voor 2006.

De groei van het olieverbruik in opkomende economieën, zoals Brazilië en China, blijft achter bij de verwachtingen. Het olieverbruik neemt in de opkomende economieën nog wel toe, maar niet zoveel als voor de wereldwijde economische recessie van 2008 en 2009.
Hieronder is het dagelijks olieverbruik van China uitgezet tegen de tijd.
De laatste 5 jaar groeit het aardolieverbruik nog altijd, maar niet meer zo snel als in de eerste jaren van de 21e eeuw.

Schermafbeelding 2014-09-15 om 20.57.00

De vraag naar aardolie stijgt minder snel omdat de economische teruggang in Europa en Noord-Amerika ook leidt tot een lagere groei in de opkomende economieën. De dalende koopkracht in het rijke Westen vertraagt de groei van de industrie in China, India en Brazilië. De industrie en het aardolieverbruik is de laatste jaren nog wel gestegen, maar niet meer zo snel als men gewend was en gehoopt had.

Olieproducenten zetten alles op alles om de produktie hoog te houden
Veel olieproducerende landen gebruiken de inkomsten uit aardolie om de bevolking te verwennen. Dat kan door allerlei sociale voorzieningen of door subsidies op brandstof en voedsel. De bevolking is de afgelopen jaren gewend geraakt aan de olierijkdom in de vorm van subsidies en voorzieningen. De regeringen van olieproducerende landen doen er alles aan om te voorkomen dat de bevolking er op achteruit gaat en proberen de olie-inkomsten zo hoog mogelijk te houden.

Anderhalf jaar geleden wees Bill Spindle in een Wall Street Journal-blog al op de risico’s van een dalende olieprijs (of een dalende olieproduktie) voor de olieproducerende landen in het Midden-Oosten. Hij merkt in zijn artikel fijntjes op dat Saoedi-Arabië jaarlijks 100 miljard dollar besteed aan werkeloosheidsuitkeringen, bouwprojecten, studiebeurzen en andere aardigheidjes voor de bevolking.

Het onderzoeksbureau APICORP Research van de Arab Petroleum Investments Corporation zocht in de zomer van 2013 uit welke olieprijs de olieproducerende landen nodig hebben om hun begroting sluitend te krijgen.Dat liep uiteen van $60 per vat voor Qatar tot $140 per vat voor Iran.
Voor bijna alle olieproducerende landen lag de benodigde olieprijs voor een sluitende begroting in 2013 hoger dan in 2012. (zie de figuur hieronder)

OPEC_fiscal_break-even_oil_prices_changes_2013_2012

Saoedi-Arabië, de grootste of op één na grootste olieproducent te wereld, heeft een minimale olieprijs nodig van $95 tot $100 per vat, wanneer het land in 2014 net zoveel produceert als in 2013, tussen de 9,5 en 10 miljoen vaten per dag. Als Saoedi-Arabië de olieproduktie vrijwillig zou beperken tot minder dan 9 miljoen vaten per dag, dan dalen de inkomsten en moet de regering bezuinigen op de uitgaven. Bezuinigen is in Saoedi-Arabië net zo impopulair als in Europa.
Voor de andere olieproducerende van Noorwegen tot Venezuela (heeft eigenlijk een minimale olieprijs van $121 per vat nodig) geldt hetzelfde: als de olie-inkomsten afnemen moet men impopulaire bezuinigingen doorvoeren. Daarom zal geen enkel olieproducerend land vrijwillig de produktie beperken om op die manier een hogere prijs af te dwingen. Als de grootste producent, Saoedi-Arabië, het al niet aandurft, dan zullen de kleintjes het zeker niet doen.

De lage olieprijs maakt het voor oliemaatschappijen erg lastig om moeilijk winbare aardolie te gaan exploiteren. Olievelden in de poolzee of in de diepzee kunnen pas winstgevend geëxploiteerd worden als de wereld bereid is om een hoge prijs te betalen, meer dan $100 per vat.
Dat de olieprijs weer onder de $100 per vat staat, is een signaal van de consumenten naar de oliemaatschappijen om die moeilijk winbare aardolie voorlopig maar niet naar boven te halen. De koopkracht daalt en de consumenten worden gedwongen om minder te rijden en minder aardolie te gebruiken. Misschien is de moeilijk winbare aardolie in de poolstreken en de diepzee te duur om te verspillen aan massatoerisme, pretkilometers en ruimtevaart.