Het opraken van fossiele brandstoffen gaat geleidelijk


Doemdenkers voorspellen net als milieubeschermers en klimaatactivisten, graag een catastrofe. Zonder die catastrofe worden ze niet serieus genomen. Maar het is erg ongeloofwaardig dat de wereld, zoals wij die kennen in een paar dagen of een paar maanden compleet verandert.

Het klimaat kan alleen verder opwarmen als de immense oceaanoppervlakken op Aarde opwarmen en dat duurt nu eenmaal erg lang (decennia).
Hetzelfde geldt voor het opraken van steenkool, aardgas en aardolie. Het duurt tientallen jaren voordat de produktie van een kolenmijn, een aardgasveld of een oliebron zover is afgenomen dat vootzetten van exploitatie onrendabel wordt.

Een mooi voorbeeld is de oliewinning in de Noordzee. Die begon schoorvoetend in de jaren 60 van de vorige eeuw. In het jaar 2000 bereikte de olieproduktie in de Noordzee haar maximum met 6,4 miljoen vaten per dag. Inmiddels is de produktie dalende, in 2010 nog 3,1 miljoen vaten per dag. Als de produktiedaling dezelfde trend blijft volgen, produceert de Noordzee over 10 jaar nog altijd 1,7 miljoen vaten per dag en dat is evenveel als Libië.
De Noordzee vormt nu al 30 jaar een redelijk stabiele bron van aardolie. De olieproduktie neemt slechts geleidelijk af, we hebben nog zeker 10 jaar om af te kicken.

Omdat de winning van fossiele brandstoffen op zoveel plaatsen tegelijk gebeurt, duurt het erg lang voordat er merkbaar minder olie, gas en steenkool op de markt komt.
De olieproduktie in de VS piekte in 1970 en de economische almacht van de VS staat het laatste decennium onder druk. Toch leveren de duizenden oliebronnen binnen de VS al tientallen jaren voldoende olie om miljoenen auto’s te laten rijden en duizenden vliegtuigen in de lucht te houden. De afname van de olieproduktie, en van het aantal gereden en gevlogen kilometers gaat heel geleidelijk. Van een catastrofale ineenstorting is geen sprake.

Ook als de produktie van steenkool, aardgas en aardolie wereldwijd terugloopt, dan wordt dat produktieverlies uitgesmeerd over heel veel gebruikers.
Er is geen sprake van een catastrofe als er ieder jaar wereldwijd 5 miljoen auto’s (van de 700 miljoen) stoppen met rijden. En al helemaal niet als het merendeel van die auto’s in economisch zwakke landen als Griekenland, Ierland, Portugal, Zimbabwe, Pakistan en Iran blijft stilstaan.
Pas over 5 tot 10 jaar kun je terugkijkend zien welk effect het schaarser en duurder worden van fossiele brandstoffen heeft gehad. En zelfs dan zullen de mensen hun schouders ophalen en zeggen: ‘Nou en, het is toch geen ramp.’

2 gedachten over “Het opraken van fossiele brandstoffen gaat geleidelijk

  1. Pingback: Catastrofaal of geleidelijk afkicken van fossiele brandstof « Visionaire berichten

  2. Paradox

    Consuminderen wordt door sommigen al als doemdenken opgevat.
    De verwachting dat binnen 10 jaar het voor velen te duur zal worden om regelmatig verre reizen te maken, wordt door menigeen als behoorlijk negatief ervaren.
    Ik merk dat er nu al bijvoorbeeld steen en been over de dure brandstofprijzen en het verkrijgen van geld voor een hypotheek wordt geklaagd. Dat het 10 jaar geleden een stuk beter was.

    Ook bij veel mensen een sterk geloof in technologie. Technologie als een soort van magisch instrument. Over laatstgenoemde ben ik in vergelijking met vroeger een stuk pessimistischer geworden. Op papier is er veel mogelijk, maar naar mijn bescheiden mening worden bottlenecks behoorlijk gebagatelliseerd. Er komt heel wat bij kijken om alternatieven op grote schaal te implementeren. Ik vrees dat er soms veels te makkelijk over gedacht wordt.

    Persoonlijk hecht ik niet veel aan luxe zaken, maar wel aan wat ik basale zaken noem, zoals huisvesting (klein appartement), warmte, electriciteit, drinkwater, voedsel, gezondheidszorg (wat in vergelijking met 10 jaar geleden erg duur is geworden, veel mensen hebben het erover), en tot op zekere hoogte ook onderwijs.

    Wat betreft de komende jaren ben ik zeker wat goedkope fossiele brandstofvoorziening betref, pessimistischer geworden. Niet dat ik het zelf zo erg vind, het is een interessant fenomeen. Je vind het interessant of je vind het niet interessant.

    Uit mijn hoofd (zou het moeten nazoeken), verbruikt de EU-27 grofweg 14 miljoen olievaten per dag en ‘produceert’ er zelf minder dan 4 miljoen. De bulk van de olie wordt (door de landen behorende tot de EU-27) vanuit de rest van de wereld geimporteerd.
    Het zou me niet verbazen dat de EU-27 olie import vanuit de rest van de wereld, in vergelijking met de vorige tien jaar, de komende tien jaar om verschillende redenen versneld zal gaan afnemen. Denk bij laatstgenoemde vooral aan het nog steeds toenemend verbruik van opkomende economieen, het toenemend verbruik van grote (netto) olie exporterende landen, olie die steeds lastiger te winnen is, afnemende kwaliteit.
    Naar mijn idee is de kans dus groot dat wij hier in de EU-27 de komende tien jaar extreem de gevolgen gaan voelen van een versneld dalende olie import.
    Als we niet bereid zijn om vrijwillig en met beleid te consuminderen, zullen we binnen niet al te lange tijd noodgedwongen en onvoorbereid flink moet gaan consuminderen.
    Sommigen noemen dit doemdenken. Ik beleef het anders.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s