Walvissen, grote grazers en de Afghanen: bijvoeren of laten verhongeren?

In de Noordelijke IJszee, nabij het Oost-Siberische schiereiland Chukotka zijn tientallen witte dolfijnen ingesloten door het zeeijs. Er is nog genoeg open water om boven te komen en adem te halen. Maar de dieren worden door een barriere van 25 kilometer zeeijs gescheiden van de open zee. Op de lange termijn krijgen de dieren gebrek aan voedsel. Een reddingspoging door een ijsbreker moest worden gestaakt wegens brandstofgebrek.
Moeten de Russen de walvissen redden door ze bij te voeren met vis of moeten sommige walvissen sterven van de honger?

Oostvaardersplassen
In de afgelopen strenge winters bleken de Oostvaardersplassen te klein om de huidige populatie grote grazers te voeden. In een natuurlijke omgeving zouden de dieren wegtrekken op zoek naar voedsel. In de Oostvaardersplassen kan dat niet dus stierven sommige dieren van de honger. De politiek zat met een akelig dilemma: de natuur haar wrede gang laten gaan, de dieren bijvoederen of een aantal dieren afschieten om de populatie te verkleinen. Bijvoeren en de dieren in leven laten is misschien niet de beste oplossing.

Afghanistan
In Afghanistan wonen ca. 29,8 miljoen mensen. Die hebben per jaar zo’n 6 miljoen ton graan nodig. Ten tijde van de Russische invasie in 1978 woonden er slechts 13 miljoen mensen in Afghanistan. Die konden gevoed worden met het graan dat binnen de landsgrenzen werd geproduceerd: zo’n 2 miljoen ton. Afghanistan was zelfvoorzienend en importeerde geen graan.

Sinds de Russische interventie en de volgende Westerse interventie is de bevolking van Afghanistan meer dan verdubbeld. Van de 6 miljoen ton graan, die de Afghanen jaarlijks nodig hebben moet bijna de helft worden geïmporteerd.
Die import van voedsel wordt betaald uit Westerse humanitaire hulp.

Mede dankzij die Westerse hulp zal de bevolking van Afghanistan blijven groeien met 2,3% per jaar. Deze situatie wordt al snel onhoudbaar als het Westen de hulp aan Afghanistan afbouwt.
In de bovenstaande figuur kun je dan ook lezen:
– they can’t be fed in the future, so there’s no point in feeding them now –

Voedselhulp geven aan Somaliërs of Afghanen is vergelijkbaar met het bijvoeren van de grote grazers in de Oostvaardersplassen of het ophangen van vetbollen in je tuin om de koolmeesjes en pimpelmeesjes door de winter heen te helpen.
We zetten de wrede natuur even buitenspel om onszelf een goed gevoel te geven. Maar tegelijkertijd creëren we een groter probleem: ooit wordt de populatie zo groot, dat bijvoeren onmogelijk wordt. De ramp en het lijden zullen dan vele malen groter zijn, dan wanneer we nu de natuur haar wrede, noodzakelijke werk laten doen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s