Vergeet peakoil, het draait om peak-EROEI

Ik heb al vaak geblogd over peakoil.
Peakoil is het moment waarop de maximale produktie van aardolie wordt bereikt. In 1970 bereikte de Verenigde Staten hun maximale olieproduktie. In 1998 piekte de olieproduktie van het Verenigd Koninkrijk.
Het is nog onduidelijk of de mondiale aardolieproduktie al over het maximum heen is. Sommige deskundigen denken dat het mondiale peakoil-moment in 2006 gepasseerd werd. Anderen denken dat het nog moet komen, tussen nu en 2020.

Ik blogde ook al eerder over EROEI (Energy Return on Energy Invested), het netto-energie-rendement.
Om steenkool te kunnen verbranden moet je eerst energie verbruiken om het op te graven en om de kolen naar de kachel of oven te brengen. Om aardolie te kunnen gebruiken moet het eerst opgepompt, getransporteerd en geraffineerd worden.
Het verbranden van steenkool, aardgas en aardolie levert zoveel energie, dat de verhouding tussen de opbrengst en de investering kan oplopen tot 40:1. Anders gezegd: investeren van één kilowattuur levert 40 kilowattuur op.

eroeia

Aan het begin van het aardolietijdperk was oliewinning heel eenvoudig. Je hoefde maar een gat te boren op de juiste plaats en de olie spoot omhoog. De opbrengst aan energie was soms 100 keer zo groot als de energie, die geïnvesteerd moest worden (de EROEI was 100:1). Dat was de tijd van het hoogste energierendement: peak-EROEI.
Tegenwoordig vergt de oliewinning gigantische investeringen aan mankracht en materiaal. Er moet erg veel energie geïnvesteerd worden om de olie uit het gesteente te halen.

EROEI_2_Oil

Robert Rapier (van Energy Trends Insider) onderzocht de EROEI (het energie-rendement) van de teerzandoliewinning in Canada. Rapier keek naar de in-situ-produktietechniek, waarbij stoom in het teerzand wordt geïnjecteerd om de olie vloeibaar te maken. In een eerder artikel beschrijft Rapier dat proces.

Op basis van gegevens van Cenovus Energy, het bedrijf dat olie uit teerzand wint, berekende Rapier het energierendement (EROEI) voor een aantal projecten.
In het meest gunstige geval komt Rapier tot een EROEI van 6,8:1. Van elk vat nieuw gewonnen olie moet 15% worden verbruikt om het volgende vat olie te winnen.
Maar voor een ander project berekent Rapier een EROEI van 1,8:1. En dat wil zeggen dat van elk vat teerzandolie meer dan de helft opgestookt moet worden om het volgende vat te winnen.
(Lees hier het uitgebreide artikel van Robert Rapier)

De consumptiemaatschappij, waar wij in leven, is opgebouwd in een tijd waarin het energierendement EROEI voor de belangrijkste energiebronnen 20:1 was of hoger.
De makkelijk winbare fossiele brandstoffen leverden een overschot aan energie, waardoor we met de auto of de trein konden gaan reizen en niet meer hoefden te lopen en fietsen. De afstand tussen woonplaats en werk kon groter worden.
Er werden grote en hoge gebouwen neergezet, die makkelijk verwarmd en onderhouden konden worden met het energie-overschot.
Door het surplus aan energie kon de voedselproduktie worden gemechaniseerd en geoptimaliseerd, de opbrengsten in de landbouw verveelvoudigden.
Het surplus aan energie maakte sociale voorzieningen mogelijk en de uitgebreide medische zorg, die wij in Nederland vanzelfsprekend vinden.

Nu de makkelijk winbare fossiele brandstoffen opraken, daalt het netto-energierendement ofwel EROEI.
Een paar weken geleden schreef ik op dit blog dat energiedeskundige David Murphy het mondiale energierendement schat op 17:1.
Professor Charles Hall denkt dat onze huidige (consumptie)maatschappij een minimaal energierendement nodig heeft van 13:1 of 14:1.
Bij een lager rendement (EROEI) zullen we steeds meer van onze luxe-voorzieningen moeten gaan missen. In sommige landen wordt er al bezuinigd op sociale voorzieningen en op gezondheidszorg.

Misschien kan de mondiale aardolieproduktie met schalie-olie en teerzandolie-projecten nog jaren op hetzelfde peil gehouden worden: zo stellen we peakoil nog een paar jaar uit.
Maar het mondiale energierendement zal onstuitbaar blijven dalen… peak-EROEI ligt al ver achterons.

eroeib

Advertenties

3 gedachten over “Vergeet peakoil, het draait om peak-EROEI

  1. paradoxnl

    Hoi Cassandraclub,

    Terzijde…
    De structureel erg hoge olieprijzen. de gestagneerde wereldwijde economie en de relatief geringe toename in de totale wereldwijde olieproductie zijn m.i. een belangrijk signaal dat er iets goed mis is met de (goedkope) brandstoffen voorziening. Het wordt voor de olieproducenten steeds lastiger om zelfs onder erg hoge olieprijzen nog economisch rendabele olievelden te vinden en vervolgens te exploiteren. Zowel in de breedte als in de diepte is m.i. als het ware de eetbare koek op.

    Charles Hall heeft recentelijk nog een artikel uitgebracht over het belang van ERoEI. Alhoewel ERoEI heel belangrijk is, staat het niet op zichzelf aldus Hall.
    Het type (de soort) fossiele brandstof is superbelangrijk. In de loop van vele tientallen jaren heeft o.a. de westerse wereld enorm geïnvesteerd in een op fossiele brandstoffen (en dan in verband met transport met name olie) gebaseerde industriële samenleving. Heel onze infrastructuur, productie faciliteiten (machinerie)…de manier waarop we onze samenleving vorm gegeven hebben is gebaseerd en super afhankelijk gemaakt van het beschikbaar zijn van grote hoeveelheden aan betaalbare fossiele brandstoffen van het juiste type. Ook de opkomende economieën bouwen nog steeds een op fossiele brandstoffen gebaseerde samenleving op. Laatstgenoemde in combinatie met de aard van ons op schuld gebaseerde en van groei afhankelijke financieel economisch systeem maken de komende tien jaar voor mij bijzonder interessant om te volgen.

    Nog twee quotes uit het artikel van Charles Hall…
    1)
    A problem with substitutes to fossil fuels is that, of the
    alternatives currently available, none appear to have
    all the desirable traits of fossil fuels, especially liquids.
    These include “sufficient energy density”, “easy transportability”,
    “relatively low environmental impact per net unit
    delivered to society”, “relatively high EROI”, and “availability
    on a scale that society presently demands”. Thus
    it would seem that the United States and the rest of the
    world are likely facing a decline in both the quantity
    and EROI of its principal fuels. How we adjust to this
    will be a critical determinant of our future.

    2)
    An economy without enough domestic *fuels of the type
    it needs* must import the fuels and pay for them with
    some kind of surplus economic activity. Thus the economy’s
    ability to purchase the required energy depends
    upon what it can generate to sell to the world, as well
    as upon the fuel required to grow or produce that material.
    The EROI for the imported fuel is the relation
    between the amount of fuel bought with a dollar relative
    to the amount of dollar profits gained by selling
    goods or services for export. The quantity of the goods
    or services that need to be exported to attain a barrel of
    oil depends upon the relative prices of the fuel versus
    the exported commodities.

  2. Block

    Is er ergens data te verkrijgen van de eroei van plantaardige olieën. Planten, bemesten, onderhouden, oogsten…. kruipt ook veel (fossiele) olie in.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s