Tagarchief: el nino

Enter La Nina

Na de zomer komt de herfst en daarna weer een winter. We kunnen dat niet tegenhouden.
Zo komt er na een El Nino vanzelfsprekend een La Nina.
In de zomer van 2009 werd het oppervlaktewater in de Stille Oceaan warmer, een verschijnsel dat El Nino heet. Het warme zee-oppervlak draagt warmte over van de oceaan naar de atmosfeer, het is vergelijkbaar met een radiator van de CV-installatie. De hoge temperaturen, die het afgelopen half jaar werden gemeld door GISS en de Hadley Climate Research Unit zijn een direct gevolg van de warmte-overdracht in de Stille Oceaan.

De oceaan is geen onuitputtelijke bron van warmte. De warmte-overdracht door El Nino is inmiddels gestopt: het oppervlak van de Stille Oceaan is sterk afgekoeld.
Dit verschijnsel heet La Nina.

zee-oppervlak in de Stille Oceaan 29-7-2010

Deskundigen verwachten dat laagste temperaturen van deze La Nina zullen optreden tussen oktober en december 2010. De condities zullen voortduren tot in het voorjaar van 2011.

Zonder de warmte uit de Stille Oceaan koelt de atmosfeer geleidelijk af. Ook al zit er veel CO2 en waterdamp in de atmosfeer, de warmte lekt toch weg naar het heelal. Het komend half jaar verliest de aarde meer warmte dan ze krijgt van de zon en daarom zal de temperatuur dalen.
Dit is al begonnen.
Het is niet te voorspellen hoe ver de atmosfeer zal afkoelen. Het is ook niet te voorspellen hoe de afkoeling lokaal zal uitpakken.

Dankzij La Nina is het sterk afgekoeld in Zuid-Amerika. In het Andes-gebergte daalde de temperatuur sterk. In Argentinië,  Peru en Bolivia vielen honderden doden door de koudegolf.

uitzonderlijk koud in Zuid-Amerika

Het komende jaar zullen er nog meer doden vallen door de afkoeling. Zoals er de laatste twee winters op het Noordelijk Halfrond ook al veel doden vielen in China en in Mongolië.
De koudegolven en de slachtoffers halen de voorpagina’s niet.
Het duurt nog minstens 2 jaar voordat er een nieuwe El Nino komt. Pas dan zullen de klimaatactivisten weer paniek kunnen zaaien over de oplopende temperatuur en de slachtoffers van hittegolven.

Bronnen: Dr. Roy Spencer, Steve Goddard

Koude arctische winter door nieuwe La Nina?

Afwijking oppervlakte watertemperatuur tropische deel van Stille Oceaan

Sinds kort is er ‘officieel’ weer sprake van een La Nina en deze zal zich de komende maanden naar verwachting nog versterken.
De temperatuur van het oppervlakte water in het tropische deel van de Stille Oceaan (en dat is een enorm groot gebied) is binnen enkele weken tijd al een paar graden gedaald en zal de komende maanden nog wel even doorgaan.
Zie bovenstaand plaatje dat het oppervlakte water rond de evenaar (EQ) van een groot deel van de Stille Oceaan zich reeds één of meerdere graden Celsius onder het gemiddelde bevind.
Enige weken terug kleurde laatstgenoemde gebied nog volledig oranje en rood.

Komende 18 maanden stevige afkoeling van de gemiddelde wereldtemperatuur?
Terwijl de wereldwijde temperatuur de laatste maanden volgens de satellietwaarnemingen bijna net zo hoog waren als in 1998, het jaar waarin sprake was van een stevige El Nino, en volgens menigeen voor de komende jaren een nog hogere wereldwijde temperatuur te wachten staat, gaat volgens Jeff Masters (zie onderstaande video link) de komende 18 maanden de gemiddelde wereldtempatuur door een nieuwe relatief stevige La Nina een flinke duik naar beneden maken.

Video: Major Cooling on the Way Worldwide
http://www.accuweather.com/video/110914873001/more-on-the-coming-cooling.asp?channel=vbbastaj

Wereldwijde temperatuur volgens satellietwaarnemingen
Hetzelfde (flinke afkoeling) gebeurde trouwens ook tijdens een nieuwe La Nina die vlak na de stevige El Nino van het jaar 1998 optrad.
Afgaande op satellietmetingen is de afgelopen tien jaar de gemiddelde wereldwijde temperatuur niet of nauwelijks gestegen, ondanks de relatief hoge gemiddelde wereldtemperatuur van de afgelopen maanden.

De afkoeling is begonnen
Onderstaande is een enigszins gechargeerde en versimpelde voorstelling van zaken (mede op basis van bovenvermelde video):
Terwijl de bovenste laag van het tropische deel van de Stille Oceaan al enige weken aan het afkoelen is, begint met enige vertraging ook de bovenliggende atmosfeer geleidelijk af te koelen en bovendien verplaatst het relatief koude water zich onder andere ook uit in noordelijke richting.
Door laatstgenoemde zou de zogenaamde PDO een extra impuls krijgen, extra koud worden. Simpel gesteld is tijdens een PDO het water langs de kusten van Noord-Amerika tot aan Alaska kouder dan gemiddeld. Door de nieuwe La Nina zou het daardoor ook extra koud in meer Noordelijk gelegen delen van de oceaan worden.
Mede door de intensiverende (koudere) PDO wordt door allerlei modellen een relatief koude arctische winter verwacht!

Als een nieuwe La Nina de kop op steekt, ziet men tegelijkertijd de bewolking boven een groot deel van het tropische deel van de Stille oceaan afnemen, waardoor er weer extra zonlicht het oceaan oppervlak kan bereiken en vooral het kortgolvige zonlicht de diepere lagen van de oceaan weer extra gaat opwarmen.
Een nieuwe El Nino wordt alvast vorm gegeven.
Terwijl de afkoeling van de bovenste lagen van de oceaan nog wel even zal aanhouden, wordt door de verminderende bewolking de diepere oceaanlagen alvast weer wat opgewarmd.

Bij een nieuwe El Nino vindt grofweg het omgekeerde proces plaats.
Om redenen neemt tijdens een (nieuwe) El Nino de bewolkingsgraad boven het tropisch deel van de Stille oceaan noemenswaardig toe, waardoor er minder zonlicht het oceaan oppervlak kan bereiken met als gevolg dat er ook minder kortgolvig zonlicht de diepere oceaanlagen kan bereiken.
Terwijl de bovenste laag van de oceaan nog aan het opwarmen is, beginnen de diepere delen geleidelijk aan af te koelen.
Een nieuwe La Nina wordt dan alvast vorm gegeven

Samengevat:
Een voor de komende maanden optredende (volgens Jeff Masters zeer waarschijnlijke) flinke afkoeling, welke vooral veroorzaakt wordt door een nieuwe La Nina.
En volgens Jeff Master (op basis van enkele lange termijn modellen) een mogelijk extra stevige afkoeling door meer bewolking veroorzaakt door een verhoogde kosmische straling welke weer het gevolg is van een langduriger minder sterk magneetveld van de zon (met onder andere een beduidend lagere zonnevlek activiteit).

Gastblogger Paradox

Adios El Nino

Afgelopen weken daalde de temperatuur van het zeeoppervlak in de Stille Oceaan tot normale waarde. De El Nino van 2009 – 2010 is voorbij.

Het afgelopen half jaar zorgde het warme oppervlak van de Pacific voor een opwarming van de atmosfeer. El Nino dumpt een berg warmte (energie) en waterdamp in de atmosfeer. Net als in 1998 werden tijdens deze El Nino hogere temperaturen gemeten.
In januari 2010 was de gemiddelde temperatuur, volgens de UAH-satelliet, 0,64°C boven het gemiddelde. Februari en maart waren ook warmer 0,61°C en 0,66°C respectievelijk. Maar april was alweer wat koeler 0,50°C.

De warmte die El Nino het afgelopen jaar in de atmosfeer dumpte zal snel weglekken naar het heelal. Met het verdwijnen van El Nino is de warmtebron uitgeschakeld. We kunnen de komende maanden een daling van de temperatuur verwachten. Net zoals na de El Nino van 1998 en 2007.
Het is natuurlijk niet te voorspellen hoe ver de atmosfeer zal afkoelen.

De volgende opwarming wordt pas over een paar jaar verwacht. Het duurt 3 tot 7 jaar voordat er voldoende zonne-energie in de oceaan is opgeslagen voor een nieuwe El Nino.
De zonne-activiteit is nog altijd laag en het is onduidelijk of dit gevolgen zal hebben voor de intensiteit van van de volgende El Nino, of op het aantal jaar dat we erop moeten wachten.

De temperatuursverschillen, die El Nino veroorzaakt zijn geen signaal van de klimaatverandering door CO2. De hoeveelheid energie, die de oceaan absorbeert uit het zonlicht is onafhankelijk van de CO2-concentratie in de atmosfeer.
Het is wel interessant om de afkoeling, het weglekken van warmte naar het heelal, te volgen. Het versterkte broeikaseffect, door de hogere CO2-concentratie, zou ervoor moeten zorgen dat de temperatuur minder snel daalt en hoger blijft tussen twee El Nino’s in.


In 1999 en 2007 was daar niets van te merken. De temperatuur zakte razendsnel terug naar het normale gemiddelde.

El Nino: de oceaan blaast stoom af

El Nino is een regelmatig terugkerend verschijnsel. In het westen van de Stille Oceaan ontstaat een gebied waar het zeewater aan de oppervlakte beduidend warmer is dan normaal. Bij het ontstaan spelen passaatwinden een belangrijke rol. Het verschijnsel herhaalt zich met tussenpozen van 2 – 7 jaar.
El Nino is van invloed op het weer in grote gebieden op aarde. Het warme water verhoogt de temperatuur in het gebied en verandert daarmee vaste windpatronen. Het warme oppervlakte-water zorgt er ook voor dat er meer waterdamp in de atmosfeer terechtkomt. Aangezien waterdamp een sterk broeikasgas is, leidt een El Nino vaak tot een hogere wereldwijde temperatuur. De El Nino van 1998 zorgde voor de recordwarmte waar Al Gore zo beroemd mee is geworden.

Waar komt al die energie om de atmosfeer op te warmen, het weer te veranderen en al dat zeewater te laten verdampen vandaan ?
Dat is simpel: het is allemaal zonne-energie.
De zon schijnt op de oceaan, het licht dringt diep door in de waterkolom en wordt omgezet in warmte. De oceaan wordt opgewarmd door zonlicht.
De oceaan geeft die warmte voortdurend af aan de atmosfeer. Al het water op onze planeet fungeert als een centrale verwarming. Het warme water circuleert en warmt alle kamers (Afrika, India, Europa, Australie enz.) op.
De atmosfeer warmt ook op boven land, door zonnestraling. Maar deze warmte verdwijnt heel snel weer uit de slecht geisoleerde atmosfeer. Midden op de continenten koelt het ’s nachts behoorlijk af. Boven zee is de temperatuur dag en nacht min of meer constant.

El Nino is een verschijnsel waarbij er opeens meer energie vanuit de oceaan in de atmosfeer belandt. De oceaan blaast als het ware stoom af. Het gevolg is dat het zeeoppervlak na een El Nino tijdelijk koeler is dan normaal. Door het afkoelen van het zeeoppervlak, daalt ook de wereldwijde temperatuur naar normale waarden. Dit trad ook op na de El Nino van 1998: de jaren 1999 en 2000 waren beduidend koeler dan 1998.

Onderzoekers hebben uitgezocht of El Nino een bijdrage heeft geleverd aan Global Warming. Dit lijkt niet het geval. De tijdelijke opwarming van de atmosfeer door El Nino (in 1998, 2006 en 2009) is veel groter dan de totale opwarming in de afgelopen 30 jaar. Het El Nino-effect van 1998 wordt wel vaak misbruikt in grafieken om de klimaatverandering aan te tonen.
De El Nino van 2009 is nu op zijn hoogtepunt.
Na een El Nino, het stoom afblazen, koelt het zeeoppervlak in de Stille Oceaan af. Meestal volgt dan een periode waarin het water koeler is dan normaal, La Nina. Ook de atmosfeer zal dan snel weer afkoelen, zoals in 1999 en eind 2007.
Daarna zal het zeewater door de invallende zonnestraling geleidelijk weer opwarmen. Als de hoeveelheid zonlicht afneemt door vulkanisch stof (zoals in 1992) of door een toename van bewolking, dan zal het langer duren voor een nieuwe El Nino zich aandient. Na de uitbarsting van de Pinatubo duurde het 6 jaar voordat er een nieuwe El Nino opkwam.
De CO2-concentratie in de atmosfeer is niet van invloed op het interval tussen El Nino’s en ook niet op de intensiteit van El Nino (zie KNMI).

El Nino bestond 350.000 jaar geleden ook al.

Oceanen spelen een hoofdrol in klimaatverandering

De zeeën en oceanen beslaan 70% van het aardoppervlak: dus 70% van alle energie die de Zon aan de Aarde schenkt, valt op een wateroppervlak. Een klein deel van het zonlicht wordt weerkaatst door het oppervlak, maar het overgrote deel van de zonne-energie wordt geabsorbeerd door de waterkolom. Op 100 m. diepte is het stikdonker.

Alle energie, die het water absorbeert, wordt omgezet in warmte. Het zeewater warmt op door absorptie van zonlicht en niet door de lucht die boven het wateroppervlak zweeft.  Zo kun je een bad vol koud water ook niet opwarmen door een extra straalkacheltje in de badkamer te plaatsen. En toch willen het IPCC, politici en de media dat we dat gaan geloven: dat CO2 de atmosfeer warmer maakt en dat daardoor de oceanen warmer zullen worden.

De waarheid is precies andersom. Warmte stroomt van het oceaanwater naar de atmosfeer die erboven hangt, hoofdzakelijk door verdamping. Miljoenen tonnen water verdampen iedere dag en daarmee wordt warmte onttrokken aan het zeewater. Bij condenseren van de waterdamp komt die warmte weer vrij, vaak op grote hoogte in de atmosfeer.

warmte

ZEEWATER    —>    ATMOSFEER

Dit proces is in evenwicht. Als de atmosfeer warmer is, dan kan die meer waterdamp bevatten. Er verdampt dan meer water en de waterdamp kan hoger opstijgen in de atmosfeer. Als de atmosfeer afkoelt, verdampt er minder water en condenseert het water lager in de atmosfeer. De oceaan en de verdamping zorgen ervoor dat de temperatuur min of meer constant blijft.

Tijdens de Kleine IJstijd ontving de Aarde tijdelijk minder energie van de Zon. Daardoor koelde de Aarde en de watermassa in de oceanen langzaam af. Sinds het jaar 1800 warmt de Aarde en de oceaan weer langzaam op. Door het opwarmen zet het water in de oceaan uit. Wetenschappers denken dat 50% van de zeespiegelstijging  veroorzaakt wordt door die uitzetting. De overige 50% zou het gevolg zijn van het smelten van ijsmassa’s op het land.

De afgelopen jaren zijn er door klimatologen cycli ontdekt in de oceaanstromingen: ENSO (El Nino Southern Oscillation) en AMO (Atlantic Multidecadal Oscillation). De temperatuur van het oceaanoppervlak vertoont schommelingen die soms wel 30 jaar lang zorgen voor wereldwijde opwarming en afkoeling. De ENSO had tussen 1976 en 2000 in een opwarmend patroon heeft daarmee bijgedragen aan de temperatuurstijging in die periode. Sinds 2001 vertoont ENSO een ander patroon en komen er meer La Nina’s voor, waardoor de atmosfeer afkoelt i.p.v. opwarmt.
Klimaatonderzoekers zwijgen hier liever over. Ze blijven liever CO2 onderzoeken, want daar krijgen ze wel subsidie voor.

Daarnaast is er nog een interessant verschijnsel waar je het KNMI nooit over zult horen. De oceanen koelen langzaam af.

Argo: meer dan 3000 boeien meten de temperatuur van de oceaan

Argo: meer dan 3000 boeien meten de temperatuur van de oceaan

Met drijvende boeien wordt sinds 2003 de temperatuur van de oceaan gemeten: tot een diepte van ca. 1000 meter. De meetresultaten van de Argo-boeien geven aan dat de warmte-inhoud van de oceaan lichtjes daalt: ongeveer 0.035°C per decade (10 jaar)

Sinds 2003 daalt de warmte inhoud van de oceaan

Sinds 2003 daalt de warmte inhoud van de oceaan

Niet spectaculair maar het verklaart veel.

De afkoeling van de oceanen verklaart bijvoorbeeld waarom de zeespiegelstijging sinds 2006 sterk is afgenomen. Satellietmetingen laten zien dat de zeespiegel jaarlijks met ongeveer 3,2 mm. stijgt …. tot het jaar 2006. Daarna is de stijging veel minder of nauwelijks meetbaar. Afkoeling betekent dat het volume van de oceaan afneemt, de zeespiegel gaat daardoor dalen. De zeespiegelstijging door het smelten van gletsjers en ijskappen wordt sinds 2006 nagenoeg gecompenseerd door het inkrimpen van het oceaanwater.

sinds 2006 stijgt de zeespiegel nauwelijks

sinds 2006 stijgt de zeespiegel nauwelijks

Het afkoelen van de oceanen verklaart ook waarom de temperatuur van de atmosfeer niet meer stijgt sinds 2001. Sinds het najaar van 2007 is het zelfs merkbaar koeler geworden. Het koelere water van de oceaan verdampt minder en draagt minder energie over aan de atmosfeer. Het opwarmende effect van de oceanen tussen 1976 en 2000 is verdwenen: de Aarde zit in een afkoelingsperiode.

Die afkoelingsperiode komt wel erg ongelegen. De Zon is nl. in een activiteitsminimum beland. Niemand weet nog hoe lang dat gaat duren en of het een nieuwe Kleine IJstijd zal betekenen. Maar het laat in elk geval zien dat de Aarde niet warm of koud wordt van onze grootheidswaan en ons kleine beetje CO2.
Tot zover het echte klimaatnieuws. De rest van de week zult u weer worden voorgelogen door het KNMI. Op woensdag 29 juli presenteert klimaatonderzoeker Albert Klein Tank het nieuwste klimaatonderzoek en hij zal uit de doeken doen wat de laatste metingen betekenen voor het klimaat in Nederland.
Ik denk dat het nieuws zo onheilspellend zal zijn dat het KNMI nog tot in lengte van dagen een vette onderzoekssubsidie zal krijgen.