Tagarchief: financieringstekort

Ka-ching: Geld was nog nooit zo goedkoop

Er was nog nooit zoveel geld als nu.
Het is dan ook onzin als mensen zeggen dat ergens geen geld voor is. Ze bedoelen: daar willen we geen energie, geen tijd en geen moeite insteken.

Geld kun je heel makkelijk lenen.
Geld voor een nieuwe auto kun je zelfs lenen zonder rente.
Landen kunnen ook nog altijd geld lenen, al moeten die dan wel rente betalen.
Maar als alles heel erg tegen zit, dan krijg wordt een deel van je schulden kwijtgescholden. En dan zit het opeens heel erg mee.

Geld lenen was nog nooit zo goedkoop als nu. Maar als je spullen wilt kopen, dan moet je waarschijnlijk steeds meer geld meenemen.

“We’ve created us a credit card mess
We spend the money that we don’t possess
Our religion is to go and blow it all
So it’s shoppin’ every Sunday at the mall

When you’re broke go and get a loan
Take out another mortgage on your home
Consolidate so you can afford
To go and spend some more when
you get bored”

Plasterk geeft in eigen strafschopgebied een voorzet aan kredietbeoordelaars

PVDA-kamerlid Ronald Plasterk vindt dat Nederland het begrotingstekort nog wel wat hoger mag laten oplopen.
Het voorbeeld van Griekenland volgen, is dat nu een goed idee?

Nederland betaalt nu een zeer gunstige rente op staatsleningen, 2,2% op 10-jaarsleningen. Als het financieringstekort steeds hoger oploopt, zullen we meer rente moeten betalen. België moet van de financiële markten 3,6% rente betalen; Spanje 5,0% en Griekenland maar liefst 34%.

Kredietbeoordelaars zoals Moody’s en S&P zullen al gauw inzien dat Nederland weigert om de tering naar de nering te zetten. Of ‘de noodzakelijke hervormingen door te voeren‘ zoals dat tegenwoordig eufemistisch genoemd wordt.
Er was een tijd dat ik de wetenschapper Plasterk een slimme man vond. Als natuurwetenschapper begrijpt hij ook wel dat de grenzen aan de groei reëel zijn, de fossiele brandstoffen raken gewoon op.
Maar nu is Plasterk meer politicus dan wetenschapper. Ik vind het geen verbetering.

Waarom lenen regeringen geld?

Bedrijven lenen geld omdat ze willen investeren en de productiviteit willen verbeteren.
Regeringen lenen om dezelfde reden. De regering wil het land verbeteren, zodat er meer geproduceerd kan worden en geëxporteerd kan worden.
De regering investeert het geleende geld in allerlei zaken.

Infrastructuur
De regering kan nieuwe autowegen, spoorlijnen en vliegvelden laten aanleggen. Daardoor kunnen goederen sneller vervoerd worden.
Het nadeel is dat de werknemers meer gaan reizen (woon-werk-verkeer) en dat er meer brandstof ingevoerd moet worden.

Onderwijs
Investeren in onderwijs zorgt ervoor dat de bevolking meer vaardigheden leert. Daardoor zou de productiviteit moeten stijgen.
Maar…. iemand die onderwijs volgt, werkt niet en produceert ook niets.
En werknemers met een hogere opleiding eisen een hoger salaris. En dat verslechtert de concurrentiepositie van het land.

Zorg
Extra investeren in gezondheidszorg, kan ervoor zorgen dat het ziekteverzuim daalt en dat arbeidsongeschikten weer aan het werk kunnen. Als de gezondheid (en levensverwachting) verbetert dan kan de bevolking langer doorwerken.
Maar… ouderen die geen bijdrage meer leveren zullen ook langer doorleven en langer een beroep doen op sociale voorzieningen en gezondheidszorg.

De Nederlande regering leent geld: van banken, van individuen, van beleggers. De regering zou ook gewoon genoegen kunnen nemen met de (belasting)inkomsten en die gebruiken om te investeren in het land. Maar op een of andere manier is het de gewoonte geworden om meer uit te geven dan je binnenkrijgt. Dat gaat goed als de investeringen inderdaad zorgen voor meer inkomsten, voor een verhoging van de productiviteit. Maar als de productiviteit niet verhoogd wordt, hoe moeten dan de leningen en rente worden betaald?
Niet meer lenen
Stel je nu eens voor dat de regering niet meer zou lenen en de tering naar de nering zou zetten.
Dat is even door de zure appel heenbijten, zoals de Grieken, de Ieren en de IJslanders. Maar het maakt ons leven een stuk eenvoudiger, zonder die staatsleningen.
We hoeven ons nooit meer zorgen te maken om onze kredietwaardigheid en de rating-agencies.