Tagarchief: mali

Mali: het nieuwe Afghanistan

In januari 2012 riepen Toeareg-rebellen in het noorden van Mali een onafhankelijke staat, Azawad, uit. Dat leidde niet tot ingrijpen door de VN of Westerse troepen.

Maar de opstand in het Noorden leidde wel een staatsgreep in maart van 2012. President Touré werd weggestuurd en een militaire junta o.l.v. premier Cheikh Modibo Diarra nam de macht over. In december 2012 trad premier Diarra af en werd een nieuwe (niet gekozen) regering aangesteld o.l.v. President Dioncounda Traoré.

Mali is een failed state
Mali is geen natie-staat. In het land wonen veel verschillende bevolkingsgroepen. De grenzen van Mali zijn door Westerse koloniale mogendheden op de kaart getrokken zonder rekening te houden met de verschillende etnische groepen. De regering zetelt in Bamako in het welvarende zuiden. In dat deel van Mali floreert de landbouw en wordt erg veel grond verpacht aan buitenlandse investeerders. De nomaden in het woestijnachtige noorden, 10% van de totale bevolking van Mali, hebben niets met landbouw. Zij wantrouwen de Westerse inmenging en groeiende culturele invloed van het Westen. Het is begrijpelijk dat het Noorden van Mali zich wil afscheiden van het zuiden.

Op de failed-state-index van 2012 stond Mali op 79ste plaats, geen vuiltje aan de lucht. Maar in 2013 klom Mali naar de 38ste plaats. Ik neem aan dat Mali volgend jaar nog hoger staat op het lijstje van mislukte landen.
De kloof tussen het verwesterde Zuid-Malinezen en het traditioneel-islamitische nomaden uit het Noorden zal wijder worden.

Militair ingrijpen door Westerse landen
In april 2012 veroverden de nomadische rebellen uit Noord-Mali Timbouctou en omgeving. De rebellen worden geassocieerd met fundamentalische moslims door de verwoesting van kunstschatten in Timbouctou in de zomer van 2012. Dit is vergelijkbaar met de verwoesting van Boeddha door de Taliban in Bamiyan in maart 2001. Zeven maanden later vielen Amerikaanse troepen Afghanistan binnen om de Taliban te verslaan of verdrijven.
In januari 2013 bijna zeven maanden na de verwoesting van graftombes in Timbouctou vielen Franse troepen Mali binnen om de rebellen te verjagen.

Nadat Franse troepen Timbouctou hadden heroverd werden documenten gevonden, die definitief ‘bewezen’, dat de rebellen extremistische moslims waren gelieerd met Al Qaeda. Dit was voldoende bewijs voor de Veiligheidsraad om resolutie 2100 aan te nemen. In deze resolutie wordt een multinationale vredesmissie, MINUSMA, opgericht met als doel om de burgerbevolking en de Malinese overheid te beschermen tegen aanvallen van rebellen.

Momenteel ontplooien Franse troepen een groot offensief om de rebellen uit Mali te verdrijven. De suggestie wordt gewekt dat de rebellen geen Malinezen zijn, maar Toeareg uit Zuid-Algerije, Zuid-Libië en Tsjaad. In de praktijk is het erg moeilijk om op de grond vast te stellen waar Mali ophoudt en het ‘buitenland’ begint.
Zoals blijkt uit de documentaire hieronder zijn de Toeareg-rebellen al eerder verdreven uit de omgeving van Timbouctou. Moeten de Westerse vredestroepen de nomaden opnieuw verdrijven?

Nederlandse militairen naar Mali
Nederlandse militairen namen deel aan de ISAF-vredesmissie in Afghanistan. En ook aan de MINUSMA-vredesmissie in Mali zullen Nederlandse militairen meedoen. Het is ook goed mogelijk dat er Nederlanders zullen sneuvelen in de strijd tegen de moslimrebellen. Misschien zullen er ook Nederlandse F-16’s boven Mali worden ingezet om de grondtroepen te ondersteunen en te speuren naar bermbommen.

Er zullen Al Qaeda-kopstukken worden gedood in Noord-Mali en terroristen zullen bomaanslagen plegen in de hoofdstad Bamako. Er zullen onschuldige burgers omkomen door vergissingen bij bombardementen en beschietingen. En omdat het goedkoper is zullen er onbemande drones worden ingezet i.p.v. bemande gevechtsvliegtuigen.
Het hele circus begint opnieuw in een Afrikaans land.

(vergeef mij de cynische toon in de laatste alinea, ik zal er geen gewoonte van maken)

Nederlandse militairen in Mali, Al Qaeda en landroof

De Nederlandse regering denkt erover om Nederlandse militairen naar Mali te sturen als onderdeel van een multinationale vredesmissie.
In Mali wordt de officiële regering in de hoofdstad Bamako bedreigd door opstandelingen uit de noordelijke provincies.

De Al Qaeda-connectie
Die opstand is niet nieuw. Meer dan twintig jaar geleden streefden de nomadische stammen in het noorden al naar onafhankelijkheid. Maar in de laatste twee jaar boekten de Toeareg-rebellen opmerkelijke successen. In januari 2013 werden de rebellen door Franse troepen verdreven uit de stad Timboektoe. De Franse regering rechtvaardigde het ingrijpen door de moslimrebellen te associëren met de Noord-Afrikaanse terreurbeweging Al Qaeda in de Magreb (AQIM). De verwoesting van heiligdommen en kunstschatten in Timboektoe in 2012 maakte de opstandelingen al verdacht. De vondst van een ‘uniek Al Qaeda-document‘ in februari 2013 zorgde voor het definitieve bewijs.
De opstand van de stammen in Noord-Mali is niet nieuw, de link met Al Qaeda wel.

Het legitieme bewind in de hoofdstad Bamako
In maart 2012 werd president Amadou Touré afgezet tijdens een militaire staatsgreep. In december 2012 volgde een nieuwe staatsgreep en momenteel is er een overgangsregering aan de macht met als tijdelijk president Dioncounda Traoré. Het gaat er niet echt democratisch aan toe in Mali.
De nationale overheid in Bamako voert wel onderhandelingen met bedrijven uit Europa en Oost-Azië over het pachten van landbouwgrond. De laatste jaren worden enorme lappen landbouwgrond door de ‘legitieme’ regering in Bamako verpacht aan buitenlandse investeerders. De investeerders zorgen voor irrigatieprojecten en landbouwmachines. Dit leidt tot hogere opbrengsten en daarmee tot hogere inkomsten uit export van gewassen voor Mali.
Maar in de meeste gevallen wordt de lokale bevolking verdreven van de grond, die zij bewoonden en bewerkten. Daarom wordt deze praktijk ook wel landroof genoemd, of in het Engels landgrab.

De landroof is alleen mogelijk met de medewerking van de ambtenaren en gezagsdragers in de hoofdstad Bamako. De lokale stamhoofden op vele honderden kilometers afstand van de hoofdstad kunnen de pachtovereenkomsten niet tegenhouden.
De overgangsregering van president Traoré zal door een zwaar bewapende buitenlandse vredesmacht in het zadel worden gehouden en beschermd tegen aanvallen van opstandelingen en Al Qaeda. En ondertussen kan de Malinese landbouw gemoderniseerd en gemechaniseerd worden, zodat de voedselproduktie stijgt.
Het is een win-win-situatie waarbij alleen wat lokale marginale boertjes het onderspit moeten delven.

De documentaire Why poverty – Land rush kun je ook in zijn geheel bekijken.

Waarom is Mali zoveel moeite waard?

In Syrië woedt al 2 jaar een burgeroorlog. In Jemen zijn moslimextremisten (die banden hebben met Al Qaida) heer en meester. Maar als moslimrebellen een deel van Mali bezetten, dan staan Europese landen opeens te trappelen om militair in te grijpen. Waarom wel in Mali en waarom niet in Jemen, Somalië of Syrië?

Tot 1960 was Mali een kolonie van Frankrijk. Sinds de onafhankelijkheid in 1960 beleeft Mali turbulente tijden. De grenzen van Mali zijn met een lineaal getrokken en weerspiegelen geen etnische grenzen tussen stammen of bevokingsgroepen. Mali is geen natie-staat. Het Malinese volk is een verzameling stammen.

In de jaren 60 kende Mali een marxistische regering. Van 1968 tot 1979 was er een militair bewind. Tussen 1980 en 1990 was er een min of meer democratisch bewind. Maar van 1990 tot 1997 was er opnieuw sprake van een burgeroorlog. In 1997 volgde een bestand en politieke hervormingen. Na 10 jaar betrekkelijke rust laaide de opstand in het noorden van Mali wederom op. In 2012 pleegden militairen o.l.v. kolonel Sanogo een staatsgreep.

Frankrijk heeft zich al die tijd niet bemoeid met de burgeroorlogen en staatsgrepen in Mali. Maar nu in 2013 geeft de voormalige Franse kolonisator tientallen miljoenen euro’s uit om de opstandelingen te bombarderen en tegen te houden. Waarom zijn de belangen van Frankrijk in de regio nu opeens groot genoeg om militair in te grijpen?

Het blijkt dat in Mali enorme stukken vruchtbare landbouwgrond worden verpacht aan Westerse bedrijven. De gewassen, die verbouwd worden op die landbouwgrond zijn bestemd voor export en niet voor de lokale bevolking. De export van landbouwprodukten levert Mali kostbare buitenlandse valuta op: de Wereldbank steunt deze economische ontwikkeling. Maar de bevolking profiteert niet (of nauwelijks) van de export van zonne-energie in de vorm van landbouwgewassen.

Is de landbouwgrond (landgrab) in Mali zo belangrijk voor Frankrijk dat men daarvoor een militaire interventie (die tientallen miljoenen euro’s kost) op touw zet?
Kijk naar de volgende documentaire en oordeel zelf.

Franse interventie in Mali: het nieuwe Vietnam

In 1954 verloren Franse strijdkrachten de slag bij Dien Bien Phu. Vietnamese opstandelingen wonnen de slag en later in 1954 werd de Unie van Indochina verdeeld in een communistisch Noord-Vietnam en Zuid-Vietnam dat gesteund werd door de VS.
Het Franse leger wordt niet graag herinnerd aan de smadelijke nederlaag uit 1954. Het Franse leger komt liever met overwinningen in de krant.

Deze week boeken Franse militairen successen ver verwijderd van la Patrie, in het Afrikaanse Mali. Kunnen we het Franse militaire ingrijpen in Mali vergelijken met de Vietnam-oorlog, die begon in 1954 met de slag bij Dien Bien Phu en duurde tot 1975?
Ik denk van wel.

De Franse regering geeft als reden voor het ingrijpen het beschermen van Franse belangen in de regio en het beschermen van de regio tegen radicale islamitische strijders. In Vietnam vochten Fransen en Amerikanen tegen communistische rebellen. Het communisme was toen een evengrote bedreiging als het moslim-extremisme nu. Ik heb in commentaren het woord domino-effect al gehoord. De Amerikanen vreesden dat een communistisch Vietnam ertoe zou leiden dat de gehele regio communistisch zou worden. De Franse regering vreest

De tegenstanders in Mali zijn ook goed te vergelijken met de Vietcong. Het betreft slecht bewapende, maar zeer gedreven Malinezen, die streven naar een streng islamitische staat. De rebellen dragen geen uniformen en zijn niet goed te onderscheiden van de lokale bevolking. De rebellen kunnen waarschijnlijk ook rekenen op steun onder de lokale bevolking. Een langdurige burgeroorlog in Mali zal net als in Vietnam en Afghanistan leiden tot veel burgerslachtoffers, vooral door het hypermoderne wapentuig dat Westerse landen zullen inzetten.

Het is niet zeker dat Frankrijk (en het Westen) de rebellen in Mali zullen kunnen verslaan. Net als in Vietnam en in Afghanistan zijn de lokale strijders in het voordeel. De geschiedenis leert dat je geen oorlog kunt winnen  met vliegtuigen alleen en ik vraag me dan ook af waarom de Franse luchtmacht zoveel brandstof en bommen verspild aan een oorlog, die niet te winnen is zonder de inzet van duizenden militaire op de grond.