Tagarchief: zonnevlekken

De invloed van kosmische straling op het klimaat

De Deense natuurkundige Henrik Svensmark heeft een hypothese bedacht, die de afkoeling tijdens de Kleine IJstijd kan verklaren. Volgens Svensmark zorgen geladen deeltjes uit kosmische straling voor wolkvorming. Als er meer straling de atmosfeer bereikt worden er meer wolken gevormd en die wolken weerkaatsen zonlicht en zorgen voor afkoeling van het klimaat.
De laatste weken zijn er twee onderzoeken gepubliceerd, die de theorie van Svensmark ondersteunen.

Roy Spencer schrijft op zijn blog over de publicatie van Laken et al., die een rechtstreeks verband laat zien tussen kosmische straling en wolkvorming. Een korte afname van de hoeveelheid kosmische straling leidt tot minder bewolking en een tijdelijke verhoging van de temperatuur. Als er minder wolken zijn bereikt meer zonlicht (energie) het aardoppervlak.

Vervolgens laat Spencer zien dat er voor de periode 2001 – 2010 een correlatie bestaat tussen de hoeveelheid kosmische straling en de hoeveelheid (door wolken) gereflecteerd zonlicht (SW).

In de jaren met de hoogste kosmische straling werd over het algemeen meer zonlicht weerkaatst door wolken.

Ondertussen heeft de onderzoeksgroep van Svensmark aangetoond dat gammastraling en elektronenstraling uit een deeltjesversneller in een klimaatkamer de vorming van ionen en aërosolen sterk stimuleren.
Ionen en aërosolen fungeren in de atmosfeer als condensatiekernen en spelen een belangrijke rol bij wolkvorming. Al eerder (2006) publiceerde Svensmark’s groep dat gammastraling in staat is om aërosolen te vormen.

De mens heeft geen enkele invloed op de hoeveelheid kosmische straling. Maar de Zon wel.
Hoe zwakker het magneetveld van de Zon, hoe meer kosmische straling in de atmosfeer kan binnendringen. Als de Zon weinig zonnevlekken vertoont en een zwak magneetveld heeft, kan het klimaat op Aarde afkoelen door toegenomen bewolking.

Aan de andere kant kan een actieve Zon met veel zonnevlekken het klimaat op Aarde tijdelijk opwarmen doordat er minder wolkvorming optreedt.

Lees meer over dit onderwerp op klimaatgek.nl

Nieuwe NASA-prognose voor zonnevlekken

Mensen, die denken dat CO2 belangrijker is voor het klimaat dan de Zon, hoeven niet verder te lezen. Voor klimaatsceptici is dit een interessant berichtje.

David Hathaway, de zon-expert van NASA, heeft opnieuw zijn prognose voor zonnecyclus 24 bijgesteld. Het blijkt ontzettend moeilijk om de zonne-activiteit te voorspellen.
In september 2007, dacht Hathaway dat zonnecyclus 24 op het maximum een zonnevlekkengetal zou halen van 150. Hij verwachtte meer zonnevlekken dan tijdens cyclus 23 (1997-2008), met een maximaal zonnevlekkengetal van 120.

In december 2009 stelde Hathaway de voorspelling naar beneden bij. Hij gokte dat cyclus 24 zou pieken in 2013 met een zonnevlekkengetal van ongeveer 80.
In oktober 2010 gaat Hathaway nog iets lager zitten op een maximum-zonnevlekkengetal van 66, in de zomer van 2013.
En zelfs de 66 bleek te hoog ingeschat: Hathaway denkt nu aan een maximum van 59.

(klik voor een vergroting)


Van 1645 tot 1715 maakte de Zon 6 cycli door met bijzonder weinig zonnevlekken. Deze periode noemen astronomen het Maunder-minimum. In deze periode koelde de atmosfeer sterk af: klimaatdeskundigen spreken van de Kleine IJstijd.
Tussen 1800 en 1830 waren er ook weinig zonnevlekken: men noemt de cycli 5, 6 en 7 ook wel het Dalton-minimum. Ook toen was het een stuk kouder dan in de 20se eeuw.

Zonnecyclus 24, die zal duren tot 2020, wordt een kopie van cyclus 5. Niemand, ook niet David Hathaway, heeft een idee wat er daarna gebeurt. Blijft de Zon daarna nog 25 jaar in rust? Of wordt de Zon weer zo actief als tussen 1970 en 2000?

We hebben geen enkele invloed op de Zon

In de 17e en 18e eeuw waren de winters koud in Europa. Dat kwam niet door CO2 of afsmeltend poolijs. De meest waarschijnlijke oorzaak van de Kleine IJstijd was de Zon.
Tijdens het Maunder minimum van 1645-1715 waren er zeer weinig zonnevlekken en was het magneetveld van de Zon sterk verzwakt. In die periode drong er veel kosmische straling door in de atmosfeer.
De laatste 100 jaar zijn er veel meer zonnevlekken, is het magneetveld van de zon sterker en dringt er minder kosmische straling in de atmosfeer. In die afgelopen eeuw 100 jaar is het ook geleidelijk warmer geworden.

Komt er opnieuw een periode met weinig zonnevlekken?
Ja, daar heeft de mens geen enkele invloed op.
Er komt hoe dan ook een nieuwe Kleine IJstijd. Alleen weten we nog niet wanneer.

Sinds 2008 wachten astronomen op een toename van zonnevlekken. In 2009 waren er 260 dagen zonder zonnevlekken. In 2010 zijn dat er slechts 51 zonnevlekloze dagen, maar het aantal zonnevlekken blijft achter bij de verwachtingen.
Het magneetveld van de Zon blijft ook verzwakt. Astronomen denken serieus dat de zon de komende eeuw weer een minimum zal gaan doormaken.

De invloed die de Zon heeft op het geomagnetisch veld kan worden uitgedrukt met de Ap-index. De afgelopen jaren is die index gedaald.

Ap-index is de afgelopen jaren lager dan tijdens de 20e eeuw

Het magneetveld van de Zon, dat ons beschermt tegen kosmische straling, is nu een stuk zwakker dan tijdens de warme jaren 90 van de 20e eeuw. We weten gelukkig niet hoe zwak het magneetveld werd tijdens de Kleine IJstijd.

sterkte van het interplanetaire magneetveld van de Zon 1965 - 2009

Op de website van ESA wordt de Ap-index dagelijks bijgehouden.

De mens kan het magneetveld van de Zon niet beinvloeden, net zoals we de seizoenen niet kunnen tegenhouden of stilzetten. Voorspellen van de zonne-activiteit kunnen we niet, het heeft geen zin om elkaar bang te maken. We moeten maar afwachten wat er gaat gebeuren.


Update: Dr. David Hathaway, de zonexpert van NASA heeft opnieuw zijn voorspelling voor zonnecyclus 24 naar beneden bijgesteld. Hij verwacht een maximum-zonnevlekgetal van 64 in juni van 2013. Op Anthony Watts-blog (WUWT) kun je lezen hoe moeilijk het is om de zonne-activiteit te voorspellen.

Zonnevlekken-update

Cassandra houdt van de zon. De zon is de bron van alle leven op aarde.
Maar de zon weet zelf niet dat wij op aarde volkomen afhankelijk zijn van haar. De zon gaat haar eigen gang.
Tijdens de Kleine IJstijd was de zon erg rustig. Er waren zeer weinig zonnevlekken en het magneetveld van de zon was zo zwak dat het minder bescherming bood tegen kosmische straling.

Dat gaat vast en zeker nog een keer gebeuren. Daarom houdt Cassandra de zon in de gaten.
Er zijn meer zonnevlekken dan een jaar geleden.

Maar het aantal zonnevlekken blijft achter bij de prognose, gemaakt door de knapste koppen van NASA.
Het magneetveld van de zon, dat de aarde beschermt tegen kosmische straling, kan worden uitgedrukt in de geomagnetische Ap-index. Die Ap-index is iets hoger dan vorig jaar, maar wel aan het dalen.

Het is nog veel te vroeg om een nieuwe Kleine IJstijd aan te kondigen. Maar nu het magneetveld van de zon tijdelijk verzwakt is, kunnen we kijken of de hypothese van Henrik Svensmark juist is. Svensmark denkt dat een zwak magneetveld van de zon leidt tot meer kosmische straling en meer bewolking. Extra bewolking kan op lange termijn zorgen voor een afkoeling van het klimaat.

Cassandra is benieuwd.

Wordt de Zon wakker, of wordt de Zon zwakker


Klimatologen denken dat het zwakke magneetveld van de Zon tijdens de 16e en 17e eeuw de oorzaak was van de wereldwijde afkoeling in die periode, de Kleine IJstijd. De sterkte van het magneetveld van de Zon kan min of meer worden afgelezen uit het aantal zonnevlekken.
Weinig zonnevlekken betekenen een zwak magneetveld en als dat langere tijd (tientallen jaren) verzwakt blijft, dan kan dat op Aarde zorgen voor afkoeling.

In het begin van de 19e eeuw was er opnieuw een periode met weinig zonnevlekken, het Dalton-minimum. Ook in die periode was het aanmerkelijk koeler dan de afgelopen eeuw.
De afgelopen eeuw was het magneetveld van de Zon een stuk sterker. Natuurlijk hebben wetenschappers die periode tot de normale situatie bestempeld, hoewel daar strikt genomen geen goed reden voor is.

Het magneetveld van de Zon voorspellen is erg moeilijk. De zon-voorspellingsexpert van NASA heet Dr. David Hathaway. Uit zijn laatste voorspellingen blijkt dat we eigenlijk geen idee hebben hoe de Zon en haar magneetveld zich ontwikkelen.
Aan het eind van zonnecyclus 23, in september 2007, dacht Hathaway dat zonnecyclus 24 op het maximum een zonnevlekkengetal zou halen van 150. Dat is meer dan cyclus 23 (1997-2008), die op het maximum een zonnevlekkengetal van 120 bereikte.
Volgens NASA zou de Zon juist sterker worden.

In december 2009 stelde Hathaway de voorspelling naar beneden bij. Bij nader inzien verwachtte hij dat cyclus 24 zou pieken in 2013 met een zonnevlekkengetal van ongeveer 80.

In oktober 2010 gaat Hathaway nog iets lager zitten op een maximum-zonnevlekkengetal van 66, in de zomer van 2013. Heel wat lager dan de 150 van 3 jaar geleden.

Voor Hathaway is het vervelend, maar het is niet wereldschokkend.

Behalve als de invloed van de Zon op de temperatuur op Aarde groter blijkt te zijn dan we tot nu toe dachten. Als zonnecyclus 24 gevolgd wordt door nog een zwakke zonnecyclus (25), dan zou dat een wereldwijde afkoeling tot gevolg kunnen hebben.

Er zijn wetenschappers, die menen dat het zwakke magneetveld van de Zon in de afgelopen jaren, nu al gevolgen heeft voor het klimaat op Aarde.
Hoe dan ook: we kunnen er niets aan veranderen.

Het actuele zonnevlekkengetal kun je vinden op de mooie website van het Solar Influences Data Analysis Center (SIDC) in België.
Nog interessanter is misschien de Ap-index, een maat voor het magneetveld van de Zon.

Het zonnevlekkengetal is al iets aan het stijgen, maar de Ap-index blijft nog altijd laag.

Wat gaat de Zon doen met ons klimaat ?

Tijdens de 17e en 18e eeuw was de Zon in diepe rust. Er waren heel weinig zonnevlekken te zien en waarschijnlijk was het magneetveld van de Zon, dat de Aarde beschermt tegen kosmische straling erg verzwakt.
Gelijktijdig met de winterslaap van de Zon, koelde de Aarde af. Wetenschappers noemen die periode “Kleine IJstijd”. En de wetenschappers zijn het erover eens dat die afkoeling te maken heeft met de lage activiteit van de Zon.
Henrik Svensmark heeft een hypothese ontwikkeld, die de afkoeling tijdens de Kleine IJstijd verklaart. Die hypothese stelt dat een sterk magneetveld van de Zon de temperatuur op Aarde verhoogt. Svensmark is dan ook van mening dat de opwarming in de laatste decennia van de 20-ste eeuw voornamelijk te danken is aan de hogere zonne-activiteit en dat CO2 geen grote rol speelt. Op de website van het KNMI staat een uitgebreide uitleg over de theorie van Svensmark.
Het KNMI vindt de menselijke uitstoot van broeikasgassen een betere verklaring voor de opwarming na 1975.

De activiteit van de Zon varieert volgens een cyclus van ongeveer 11,5 jaar. Het afgelopen jaar was de zonne-activiteit minimaal, 2009 telde 260 dagen zonder zonnevlekken. Langzamerhand zouden er meer zonnevlekken moeten verschijnen en zou het magneetveld van de Zon weer sterker moeten worden. Maar dat valt tegen.

De Zon houdt zich niet aan de voorspellingen van wetenschappers. David Hathaway, de zonneprofessor van NASA, heeft zijn prognose voor de nieuwe zonnecyclus (nummer 24) al een paar keer moeten aanpassen.
In zijn nieuwste voorspelling gaat Hathaway uit van een maximumactviteit halverwege 2013. Tijdens het maximum verwacht hij een zonnevlekgetal van 65. Ter vergelijking: bij het vorige maximum in 2001 bedroeg het zonnevlekgetal 150 en het maximum daarvoor (in 1990) zelfs 180.

Inmiddels denken meer wetenschappers, dat het magneetveld van de Zon voor opwarming kan zorgen. En die wetenschappers denken dat de koude winter van 2010 in Europa misschien wel te wijten is aan het zwakke magneetveld van de Zon.

Kunnen we de komende 10 jaar rekenen op een afkoeling van het klimaat, zoals tijdens de Kleine IJstijd? Niemand die het zeker weet.
Wat we wel zeker weten is dat de fossiele brandstoffen zullen opraken. We hebben al 2/3e deel van het Groningse aardgas opgestookt.
Waarom maken we ons zoveel zorgen over zeespiegelstijging en het klimaat na 2050?
Lang voor die tijd komen we zonder benzine en zonder aardgas te zitten.

De volgende winter weer sneeuw en ijs

De afgelopen winter was de koudste van de 21e eeuw (zelfs de koudste van het milennium). En het ziet er naar uit dat ook de komende winter weer sneeuw en ijs zal brengen.
Het KNMI waagt zich alleen aan voorspellingen van 3 dagen vooruit, over de winter van 2011 durven ze nog niets te zeggen. Er zijn wetenschappers, die dat wel durven.

Het winterweer in West-Europa hangt sterk samen met de North Atlantic Oscillation (NAO).
Als de NAO positief is, dan stroomt er tussen het Azoren-hogedrukgebied en het lagedrukgebied bij Groenland zachte oceaanlucht naar West-Europa. Bij een positieve NAO hebben we een zachte winter.
Als de NAO negatief is, zoals afgelopen winter, dan stroomt er koude poollucht met een noorden of noordoostenwind over Scandinavië naar West-Europa. We hebben dan een koude winter met veel sneeuwval. In jaren met een negatieve NAO (1956, 1963, 1969 en 1996) hebben we strenge winters.

Mike Lockwood van de Space Environment Physics Group van de universiteit van Reading publiceerde onlangs een theorie over de samenhang tussen een negatieve NAO en een lage zonne-activiteit. Lockwood ziet een verband tussen de hoge zonne-activiteit in de periode 1965 – 1995 en de zachte winters met een westelijke stroming (positieve NAO). Lockwoods theorie sluit aan bij de theorie van Henrik Svensmark, die meent dat lage zonneactiviteit op Aarde leidt tot een afkoeling.

Lage zonne-activiteit zorgt ervoor dat er meer kosmische straling kan doordringen in de atmosfeer. De geladen deeltjes in de kosmische straling zijn miljoenen jaren geleden ontstaan in suprnova-explosies en ze dragen bij aan de vorming van wolken. Meer kosmische straling betekent meer wolken en dat leidt tot een afkoeling van het klimaat.

De zonne-activiteit is nog altijd erg laag. Het magneetveld van de Zon, dat de Aarde beschermt tegen de afkoelende kosmische straling is momenteel vrij zwak. De Ap-geomagnetische index van de Zon is weliswaar wat hoger dan vorig jaar, maar de stijging zet niet echt door.
Mijns inziens is de invloed van de Zon en de invloed van de kosmische straling (deeltjes die al miljoenen jaren onderweg zijn) groter dan de invloed van de mens. Bestel alvast maar wat meer strooizout, want de komende winter zal weer koud zijn ondanks de alsmaar stijgende CO2-concentratie.

Het lijkt me toch verstandig om minder fossiele brandstoffen te gebruiken. Het spul raakt op en het wordt steeds moeilijker om olie, gas en steenkool uit de aardkorst te winnen. De olieramp in de Golf van Mexico en de mensonterende omstandigheden waaronder steenkool gedolven wordt zijn een betere reden om minder fossiele brandstoffen te gebruiken dan de zogenaamde klimaatverandering.

(bron: klimaatgek.nl) en Wattsupwiththat.com