Tagarchief: grenzen aan de groei

Benzine- en dieselverkoop in Nederland daalt verder

Het CBS houdt nauwgezet bij hoeveel benzine en diesel er in Nederland getankt wordt. De afgelopen jaren vertoont die verkoop een dalende trend. Wij Nederlanders tanken steeds minder.
Hieronder de benzineverkoop over de laatste vierenhalf jaar.

Schermafbeelding 2014-10-25 om 09.40.32

In augustus 2014 werd er in Nederland 403 miljoen liter benzine getankt, dat is 6% minder dan dezelfde maand vorig jaar, toen er nog 430 miljoen liter werd getankt.
Over de eerste 8 maanden van 2014 werd er 3,38 miljard liter benzine verkocht (dat klinkt als een enorme plas en dat is het ook). Maar in de eerste 8 maanden van 2013 werd er 3,54 miljard liter verkocht. In 2014 ligt de verkoop van benzine 4,5% lager dan in 2013.

De verkoop van diesel neemt sterker af
In augustus werd er 480 miljoen liter diesel getankt: 14% minder dan in augustus 2013 toen er nog 559 miljoen liter diesel werd verkocht.
Over de eerste 8 maanden van 2013 bedroeg de dieselomzet 4,77 miljard liter. In 2014 is dat nog maar 4,43 miljard liter, 7% minder.

Schermafbeelding 2014-10-25 om 10.00.34

De verkoop van diesel is een belangrijke graadmeter voor de economische activiteit. Als er meer vrachtwagens rondrijden en graafmachines aan het werk zijn: dan gaat het goed met de economie.
De daling van de dieselverkoop laat zien dat er minder gereden en gegraven wordt in Nederland. Het is slecht nieuws.
De daling van de brandstofverbruik leidt ook tot een daling van de CO2-uitstoot. En dat lijkt me heel goed nieuws

Zijn er straks wel banen voor die 670 duizend studenten?

Politici hameren erop dat Nederland een kenniseconomie is en dat het afronden van een opleiding heel belangrijk is. Het gevolg is dat het aantal studenten aan hogescholen en universiteiten de afgelopen decennia verder is gestegen.
In 1991 stonden (volgens het CBS) 182 duizend studenten ingeschreven bij een universiteit en 243 duizend studenten bij een hogeschool.
Drieëntwintig jaar later (in 2014) staan er 250 duizend studenten ingeschreven bij een universiteit: een stijging van 37% t.o.v. 1991. Bij het HBO staan er 440 duizend studenten ingeschreven, dat is 80% meer dan in 1991.

Schermafbeelding 2014-10-22 om 16.01.45

Natuurlijk is de Nederlandse bevolking de afgelopen 23 jaar ook gegroeid.
Maar het deel van de bevolking dat studeert aan HBO of universiteit is verhoudingsgewijs sterker gegroeid.

In 1997 stond 1,07% van alle Nederlanders ingeschreven als student bij een universiteit. In 2014 is dat percentage opgelopen naar 1,49%.
Het percentage HBO-studenten steeg van 1,77% in 1997 naar 2,6% in 2014.

Schermafbeelding 2014-10-22 om 16.08.07

Er staan momenteel 670.000 studenten ingeschreven in het hoger onderwijs. Dat is ruim 4% van de totale Nederlandse bevolking. Over ongeveer 5 jaar komen deze studenten op de arbeidsmarkt met hun diploma. Zouden er dan 670.000 banen zijn? Of is het de bedoeling dat ze dan weer een opleiding gaan volgen?

Orwelliaanse groei: nieuwe rekenmethode verhoogt het GDP

Het CBS meldde dat het bureau het Bruto Binnenlands Produkt (BBP) op een andere, betere manier gaat uitrekenen.
Door deze berekening valt het Nederlandse BBP 3% hoger uit, we rekenen onszelf rijk. Eerder dit jaar werd de berekening van het BBP ook al aangepast. Na al deze correcties blijkt het BBP over 2010 maar liefst 7,6% hoger te zijn dan we tot nu toe dachten.

Schermafbeelding 2014-10-18 om 09.54.41

Het goede nieuws: staatsschuld onder de 60% van het BBP
Een citaat uit het persbericht:

Het netto effect van het voorgaande op het overheidstekort als percentage van het bbp bleek beperkt. Voor 2010 gaat het overheidstekort van 5,1 procent naar 5,0 procent van het bbp. De overheidsschuld is voor 2010 met 0,6 miljard euro naar boven bijgesteld, vanwege de inzet van nieuwe brongegevens. Omdat de bijstelling van het bbp relatief groter is, werd de overheidsschuld voor 2010 van 63,4 naar 59,0 procent van het bbp bijgesteld.

Fantastisch toch, wie kan daar nu tegen zijn?

De nieuwe rekenmethode van het CBS volgt uit Europese richtlijnen, de zogenaamde ESA 2010 methodology. Deze nieuwe rekenregels zijn nu voor heel Europa ingevoerd meldt Eurostat.
Door de invoering van het ESA 2010-rekenmodel is het BBP in de eurozone 1,3% en in de gehele EU 1,4% naar boven bijgesteld. Voor sommige landen is de opwaardering veel groter: het BBP van Cyprus groeide met 9,5% en zoals eerder gemeld groeide het BBP van Nederland met 7,6%.

Nog een interessant citaat uit het persbericht van Eurostat:

The main methodological changes with an impact on GDP are:
– research and development expenditure is now counted as investment. This increased the level of EU GDP in 2010 by 1.9%.
expenditure on weapon systems is now counted as investment. This increased the level of EU GDP in 2010 by 0.2%.

Wapens kopen telt tegenwoordig als een investering mee…

Orwelliaanse Groei
Het energieverbruik, de industriële produktie en de werkgelegenheid groeien niet meer in Europa: er is sprake van krimp.
Om dit te verdoezelen worden miljarden spiksplinternieuwe, van de ECB geleende euro’s, in de Europese economie geinjecteerd. Het is net alsof we een nieuwe spaarpot ontdekt hebben waar we nog een paar jaar lang de energierekening aan Rusland en andere olieleveranciers kunnen betalen. En het huishoudboekje wordt ondertussen bijgewerkt door het CBS en Eurostat, zodat het lijkt alsof het nu beter gaat dan 5 jaar geleden…
Nate Hagens, een voormalig investeringsadviseur van miljardairs, noemt dit Orwelliaanse groei. Dit soort boekhoudkundige truukjes zouden zo maar uit het boek 1984 van George Orwell kunnen komen, het is gewoon overheidspropaganda om de bevolking te misleiden.

Blogger Paradoxnl wees mij op een nieuwe glasheldere lezing van Nate Hagens waarin hij ook het begrip Orwelliaanse groei uitlegt. (vanaf 42 minuten in de video hieronder)
Maar je kunt ook het gehele verhaal beluisteren. (aanrader)

Voorlopig geen zonnestroom uit het kalifaat: Desertec mislukt?

Desertec is een megalomaan plan om in de woestijn van Noord-Afrika grote zonne-energie-centrales te bouwen, die Europa van duurzame energie kunnen voorzien. De video hieronder toont alle voordelen van het plan en is bedoeld om investeerders over de streep te trekken om hun kapitaal te steken in Desertec.

Desertec ontleent zijn naam aan de desert, de woestijn. Maar het is de bedoeling om ook andere duurzame energiebronnen, zoals windenergie uit Noord-West Europa en geothermische energie uit IJsland aan het Europese elektriciteitsnet te koppelen.

Schermafbeelding 2014-10-11 om 10.50.57

Er zijn enorme investeringen nodig: in Noord-Afrika, maar ook in Europa om de overvloed aan duurzame elektriciteit goed te kunnen transporteren naar de plaatsen waar de elektriciteit gebruikt gaat worden.
Het lag in de bedoeling om private investeerders te trekken en hen een goed rendement te bieden op hun investering. Maar zoals wel vaker, steekt de praktijk bleekjes af bij de propaganda uit de brochures en video’s.

In Noord-Afrika is het erg onrustig. In Libië woedt een burgeroorlog. In Algerije ontvoeren islamitische extremisten Europeanen en in Mali streven de Toeareg naar een eigen onafhankelijke staat Azawad. Er komen steeds meer Europese en Amerikaanse militairen naar Noord-Afrika. Maar ondertussen haken de partners en investeerders af.
Der Spiegel meldde al dat energiemaatschappij Eon, HSH Nordbank en bouwbedrijf Bilfinger, zich hebben teruggetrokken uit Desertec. In 2012 waren Bosch en Siemens al afgehaakt. Er zijn nog 35 bedrijven over en die zijn het niet eens over de lange-termijn-strategie voor het project. Zij zullen zich binnenkort beraden over de toekomst van Desertec.

Door de onrust in het Midden-Oosten en de Arabische Lente is het zelfbewustzijn van de moslims in Noord-Afrika wakker geworden. Ze hebben de fossiele energie, de aardolie, veel te lang bijna gratis weggegeven aan de Europeanen en Amerikanen. Ze zullen de zonne-energie, die dagelijks op de woestijnbodem neerregent niet zo makkelijk laten aftappen door de arrogante Europeanen met hun gevechtsvliegtuigen.

h/t to Deep Resource

Dalende olieprijs zorgt voor lagere GDP-groei in olieproducerende landen

De prijs voor een vat aardolie (Brent) is afgelopen week gedaald tot ca. $92. In juni was dat nog $111 per vat. Laten we eens kijken wat dat betekent voor de belangrijkste olieproducenten.

In juni produceerde Saoedi-Arabië 9,7 miljoen vaten olie per dag. Bij een prijs van $111 per vat bracht die olieproduktie dagelijks 1,08 miljard dollar in het Arabische laatje.
Rusland produceerde in juni 10,1 miljoen vaten per dag ter waarde van 1,12 miljard dollar.
Brazilië verdiende met haar olieproduktie (2,25 miljoen vaten per dag) in juni 250 miljoen dollar per dag. Maar daarbij teken ik aan dat Brazilië vrijwel geen olie exporteert en de hele produktie door de Brazilianen zelf wordt verbruikt.

De actuele produktiecijfers voor begin oktober zijn nog niet bekend, als de produktie vergelijkbaar met die van juni, dan zijn de aardolie-inkomsten toch flink lager.
Bij een olieprijs van $92 per vat verdient Saoedi-Arabië momenteel nog maar 892 miljoen dollar per dag. Da’s 17% minder dan in juni.
Rusland verdient begin oktober aan de olieproduktie nog maar 930 miljoen dollar, ook 17% minder dan in juni.
Voor Brazilië is de waarde van de olieproduktie met 17% gedaald, tot 207 miljoen dollar per dag.

Lager BBP door lagere olie-inkomsten
De daling van de aardolie-inkomsten voor de olieproducerende landen is vergelijkbaar met de afgenomen Nederlandse aardgasexport in het eerste kwartaal van 2014. In de eerste 3 maanden van 2014 kromp de Nederlandse economie met 0,5% t.o.v. een jaar eerder vanwege de sterk afgenomen aardgasinkomsten.
In Rusland en Saoedi-Arabië en andere olie-exporterende landen zal het Bruto Binnenlands Produkt (GDP) in de laatste 5 maanden van 2014 krimpen t.o.v. een jaar eerder toen de prijs van een vat olie nog $110 was.

Olieproducerende landen dragen flink bij aan de mondiale economische groei.
Rusland is één van de grootste economieën van de wereld en draagt ongeveer 3% bij aan het wereldwijde BBP. Brazilië staat net onder Rusland in diverse economische ranglijsten. De bijdrage van Brazilië aan de wereldwijde economische groei is ook ongeveer 3%.
Saoedi-Arabië draagt 1 tot 1,5% bij aan de wereldeconomie.

Lagere vraag naar olie?
Olieproducerende landen kunnen de daling van de olieprijs compenseren door de produktie op te voeren. Maar de daling van de olieprijs wijst al op een te groot aanbod. Het aanbod verder vergroten zou de olieprijs nog verder verlagen. Het lijkt erop dat de vraag naar aardolie wereldwijd aan het afnemen is.

In juni bedroeg de wereldwijde olieproduktie 76,7 miljoen vaten per dag.(volgens de Crude and Condensate-definitie van het Amerikaanse Energy Information Agency)
De wereld betaalde voor die hoeveelheid 85,1 miljard dollar.
Begin oktober 2014 zal de wereldolieproduktie ook min of meer 76,5 miljoen vaten per dag zijn geweest. Maar momenteel heeft de wereld daar minder dollars voor over: 71,1 miljard dollar.
De mensheid is aan het afkicken van olie.

Tom Murphy: eeuwige groei is fysisch onmogelijk (video)

Hieronder kun je een lezing bekijken van Tom Murphy, natuurkundig docent aan de University of San Diego.
Hij laat zien dat de groei van het energieverbruik (2,9% per jaar in de 20e eeuw) niet meer lang kan blijven voortduren. Wetenschappelijk gezien zullen we op begrenzingen stuiten.
1. over een paar honderd jaar zal het energieverbruik gelijk zijn aan alle energie, die de Zon naar de Aarde straalt
2. de restwarmte van de energie die we gebruiken, warmt de atmosfeer op: als de groei doorzet zal de totale restwarmte de atmosfeer tot boven de 100 graden opwarmen: het oppervlakte water gaat dan koken.

Gelukkig zullen lang voor die tijd onze energiebronnen opraken. We zullen het in de toekomst met minder energie moeten doen.
In het tweede deel van zijn verhaal beantwoordt Murphy de volgende vraag:
Kan de economie wel groeien, als het energieverbruik niet groeit?

Tijdelijk: we kunnen de energie efficiënter gebruiken. Maar ook daar zitten grenzen aan. In het begin levert het verbeteren van efficiëntie veel op. Maar de efficiëntieverbeteringen worden steeds kleiner.

Murphy laat ook zien dat economische activiteiten, die weinig of geen energie gebruiken, zoals de financiële sector, de economie niet kunnen dragen.
Erg interessant.

Oliemaatschappijen Total en Statoil zetten teerzand-olie-projecten in de koelkast

De Noorse oliemaatschappij Statoil stelt een project om in de Canadese provincie Alberta met behulp van stoom aardolie te winnen uit teerzand voorlopig voor 3 jaar uit.
In een artikel in de Canadese krant Globe and Mail wordt de investering die Statoil voorlopig heeft uitgesteld geschat op 2 miljard dollar of meer. Dit besluit kost ca. 70 mensen hun baan.

statoil-oilsands

Het Statoil-project heet Corner en is al het tweede teerzandolie-project dit jaar dat op de lange baan wordt geschoven. In mei besloten Total en Suncor Energy Inc. al om werk aan het Joslyn-project (ter waarde van 11 miljard dollar) voorlopig stil te leggen.
Men verwachtte dat Corner per dag ca. 40 duizend vaten olie zou gaan produceren.

Er worden meerdere redenen aangedragen voor het uitstel.
Ten eerste zijn de kosten van het project (loonkosten en materialen) flink gestegen. Statoil is een laatkomer in de teerzanden van Alberta. Maatschappijen, die eerder begonnen, hebben al ervaren lokale arbeidskrachten in dienst. Statoil moet mensen van buiten de regio inhuren. Ook de machines en materialen, die Statoil nodig heeft, moeten van verder weg komen.
Ten tweede is de afzet van teerzandolie problematisch aan het worden nu er voorlopig geen pijpleiding naar de VS wordt aangelegd. De winning van teerzandolie groeit sneller dan de transportcapaciteit via het spoor.

Minder teerzandolie betekent minder CO2
De winning van teerzandolie vindt plaats door het olierijke zand met stoom te verhitten. Bij de produktie van de stoom wordt veel aardgas verstookt, wat een zeer grote uitstoot van CO2 betekent. Als de olie eenmaal gewonnen is, zal deze worden verwerkt en een groot deel zal als transportbrandstof worden verbrand tot CO2.
Uitstel van het Corner-project en het Joslyn-project van Total en Suncor betekent dat de CO2-uitstoot in Canada niet zo snel toeneemt als deskundigen eerst aannamen.

Misschien komt van uitstel wel afstel en dan zal een groot deel van de teerzandolie gewoon blijven liggen waar ze al miljoenen jaren ligt. In dat geval krijgt het IPCC ongelijk met haar prognoses over de mondiale CO2-uitstoot.
Gezien de ontwikkelingen van de laatste jaren lijkt het mij een goed idee als het IPCC nog eens zeer kritisch naar de CO2-emissiescenarios kijkt en ze naar beneden bijstelt.

ipcc-anthropogenic-carbon-emissions