Tagarchief: grondstoffen

Mondiale uraniumproduktie met 6% gedaald in 2014

In 2014 werd er wereldwijd 56,3 duizend ton uranium geproduceerd. Dat is 6% minder dan de 59,7 duizend ton die in 2013 werd gewonnen.
Tussen 2007 en 2012 steeg de uraniumproduktie gestaag, maar de laatste twee jaar is er een eind gekomen aan die groei.

Schermafbeelding 2015-08-26 om 09.11.45

De uraniumproduktie groeide tussen 2007 en 2012 omdat de prijs van uranium op de wereldmarkt na 2006 sterk gestegen is. In 2014 daalde de uraniumprijs terug naar het niveau van 2005. En die prijsdaling ging gepaard met een daling van de produktie.

Schermafbeelding 2015-08-26 om 09.34.38

Op de website van de World Nuclear Association vond ik een mooie grafiek (van CRU Strategies) die duidelijk maakt hoe een hogere uraniumprijs het rendabel maakt om moeilijk winbaar (en dus duurder) uranium te winnen.
Bij een prijs van $40 per pound uranium (zoals begin 2006) kunnen de wereldwijde produktiekosten van 30 tot 40 duizend ton uranium worden terug verdiend. Om de produktiekosten van 60 duizend ton te kunnen terugverdienen is (volgens CRU Strategies) een minimale uraniumprijs van $40 tot $45 per pound nodig.

uranium_mine_production_cost_curve_2010

De laatste maanden schommelt de prijs voor uranium rond de $35 per pound. Dat betekent waarschijnlijk dat de mondiale uraniumproduktiein 2015 niet zal stijgen en tussen de 50 en 56 duizend ton zal uitkomen.

De VS worden steeds afhankelijker van buitenlands uranium

Ik heb al eerder geblogd over de herkomst van het uranium dat in de Amerikaanse kerncentrales wordt opgestookt. De VS hebben het laatste decennium hoofdzakelijk buitenlands uranium gebruikt om kernenergie op te wekken.
Die situatie wordt er niet beter op.

In de grafiek hieronder heb ik uitgezet welk deel van het uranium, dat jaarlijks wordt verbruikt, door de VS geïmporteerd moet worden.

Schermafbeelding 2015-08-16 om 19.42.55

In 2014 was meer dan 90% van het benodigde uranium afkomstig uit het buitenland. Dat lijkt mij een vervelende situatie voor een land dat in de wereld zoveel vijanden heeft als de VS. Heeft de VS dan zelf geen uranium?
Het makkelijk winbare en rijke uraniumerts is al in de 20e eeuw gewonnen voor de produktie van kernwapens en kerncentrale-brandstof. In de periode 1955-1985 was de binnenlandse produktie van uranium vijf tot tien keer zo hoog als in het afgelopen decennium.

US_Uranium_Production_1949-2011

Het uraniumerts dat overgebleven is, bevat minder uranium en is moeilijker te winnen. Het kost daarom steeds meer energie (en geld) om zelf uranium te winnen. Kernenergie wordt op die manier steeds duurder.

Het lijkt erop dat de VS liever uranium kopen van buitenlandse leveranciers dan het resterende uraniumerts uit Amerikaanse bodem te winnen. In de grafiek hieronder staat het aantal gaten dat bij de winning van uraniumerts geboord wordt weergegeven. In 2014 werden nog maar 1750 gaten geboord: 67% minder dan in 2013.

uran_fig1

Als er minder gaten geboord worden, dan zal de binnenlandse produktie over een paar jaar weer gaan afnemen. En dan zal de VS nog meer uranium moeten importeren.
Of zouden de VS overwegen om kerncentrales te gaan sluiten en te gaan stoppen met kernenergie?

Lage olieprijs brengt olieproducerende landen in financiële problemen

Olieproducerende landen zoals Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten (UAE) zijn gewend aan hoge inkomsten uit de export van aardolie. De uitgaven van de overheid zijn navenant: brandstof wordt gesubsidieerd, er zijn goede medisch en sociale voorzieningen en de defensie-uitgaven zijn hoog. Het defensiebudget van Saoedi-Arabië groeide afgelopen jaar met 17% tot 10% van het Bruto Nationaal Product.
In de grafiek hieronder zie je hoe de uitgaven van de Saoedische regering gestegen zijn.

Schermafbeelding 2015-08-09 om 16.08.42

Maar in het afgelopen jaar is de olieprijs gehalveerd en zijn de olie-inkomsten van de OPEC-landen flink gedaald. Economen schatten dat de inkomsten van Saoedi-Arabië dit jaar 82 miljard dollar lager zullen uitvallen. Dat betekent een daling van het Bruto Nationaal Product met 8%.
Na de wereldwijde kredietcrisis (in 2008) daalde de olieprijs ook zeer sterk. Dat had ook grote gevolgen voor het Bruto Nationaal Product van Saoedi-Arabië. In de grafiek hieronder zie je dat het BNP (GDP) in 2009 met 11% daalde.

Schermafbeelding 2015-08-09 om 16.35.43

In het lopend boekjaar zal het BNP lager uitvallen en deskundigen verwachten dat Saoedi-Arabië binnenkort staatsleningen ter waarde van 5 miljard dollar zal uitschrijven.

Het IMF verwacht dat ook de Verenigde Arabische Emiraten (UAE) dit jaar een tekort zullen hebben. Het BNP van de UAE zal 5% dalen en men verwacht een begrotingstekort van 2,9%.

Het is nog even afwachten hoe de regeringen van de olieproducerende en exporterende landen zullen reageren op de aanhoudend lage olieprijs. Zullen ze besluiten om te gaan bezuinigen op sociale programma’s, onderwijs, gezondheidszorg en op defensie? Of zullen ze meer gaan lenen van beleggers en hun staatsschuld wat meer laten oplopen? De kredietwaardigheid van Saoedi-Arabië en de UAE is prima, zij het wat lager dan die van Nederland en Duitsland.

Is de wereld peak-steenkool al gepasseerd?

De produktie van steenkool in een land bereikt op een bepaald moment een maximum en neemt daarna af. In de meeste Europese landen werd de maximale steenkoolproduktie al in de eerste helft van de 20e eeuw bereikt.
In 1913 bereikte Groot-Brittannië peak-coal, zoals duidelijk zichtbaar in onderstaande grafiek.

BItishcoalproduction

In Duitsland piekte de produktie van “hard coal” in 1958. De totale Duitse steenkoolproduktie piekte in 1985.

Vroeger of later zal de gezamenlijke mondiale steenkoolproduktie ook een maximum bereiken en daarna gaan afnemen. Tadeusz Patzek en Gregory Croft berekenden in 2011 dat de mondiale steenkoolproduktie al dicht tegen het maximum aanzat. Zij voorzagen de mondiale peak-coal in 2011 of 2012.

Uit de nieuwste editie van BP’s Statistical Review of World Energy blijkt dat de mondiale steenkoolproduktie in 2014 lager was dan in 2013. In het afgelopen jaar bedroeg de wereldwijde produktie 8165 miljoen ton en dat was 0,7% minder dan de 8231 miljoen ton uit 2013 en ook minder dan de 8187 miljoen ton uit 2012.
De produktie van China, de grootste steenkoolproducent en verbruiken van de wereld daalde in 2014 met 2,6% t.o.v. 2013. De 3874 miljoen ton, die China in 2014 produceerde was ook nog 1,8% minder dan de 3945 miljoen ton uit 2012.

In de grafiek hieronder heb ik de mondiale steenkoolproduktie en de Chinese steenkoolproduktie voor de afgelopen decennia uitgezet. Op de Y-as staat de produktie in miljoen ton olie-equivalent.

Schermafbeelding 2015-07-01 om 15.41.10

in de grafiek zie je dat China de laatste jaren verantwoordelijk is voor ruim 45% van de mondiale produktie. Als de steenkoolproduktie in China verder afneemt, dan zal ook de mondiale produktie verder dalen.
In de eerste 3 maanden van 2015 lag de Chinese steenkoolproduktie 3,5% lager dan in dezelfde periode van 2014. Ook in Indonesië is de produktie lager dan vorig jaar. En in de VS, de op één na grootste steenkoolproducent ter wereld, verwacht men 5% minder te produceren dan in 2014.
Al met al lijkt de mondiale steenkoolproduktie in 2015 lager ook uit te vallen dan in 2013 en 2012. De kans dat de voorlopig maximale produktie  uit 2013 ooit zal worden overtroffen, wordt alsmaar kleiner. Misschien is de wereld peak-steenkool al in 2013 gepasseerd.

Heeft de mondiale steenkoolwinning al gepiekt?

Coal+mine

Bij de winning van delfstoffen treedt vrijwel altijd hetzelfde patroon op. De winning neemt gestaag toe, totdat door geologische, logistieke of economische factoren een maximale produktie wordt bereikt. Daarna neemt de produktie van de grondstof geleidelijk weer af. De makkelijk winbare reserves zijn het eerst geëxploiteerd en het kost steeds meer energie om de produktie op peil te houden. Uiteindelijk daalt de produktie naar nul. Ook de winning van steenkool vertoont dit klassieke piek-patroon.
Als voorbeeld de steenkoolwinning in Polen. De maximale Poolse steenkoolproduktie werd bereikt in 1988, ruim 266 miljoen ton. In 2013 was de steenkoolproduktie alweer afgenomen tot 143 miljoen ton.

Schermafbeelding 2015-04-16 om 19.50.24

Zo zal ook de gezamenlijke steenkoolproduktie van de gehele wereld uiteindelijk een maximum bereiken en daarna weer gaan afnemen. Patzek en Croft dachten in 2011 al dat de mondiale piekproduktie zeer nabij was. Het is interessant om te kijken of zij er ver naast zaten.
De mondiale steenkoolproduktie is het afgelopen decennium flink gestegen, vooral doordat de produktie in China sterk werd opgevoerd. China werd ‘s werelds grootste steenkoolproducent en is verantwoordelijk voor de helft van de wereldproduktie. Het afgelopen jaar daalde de produktie in China met ongeveer 2,5%.
De VS zijn de op één na grootste steenkoolproducent. In de VS steeg de steenkoolproduktie met 1,2%. De afname van de Chinese steenkoolproduktie is ongeveer 8x zo groot als toename in de Amerikaanse produktie. De gezamenlijke produktie van China en de VS bedraagt 58% van de mondiale produktie en was in 2014 lager dan in 2013.
De steenkoolproduktie in de landen, die de resterende 42% produceren, is nog niet in detail bekend. Het is mogelijk dat de mondiale steenkoolproduktie in 2014 iets hoger was dan de 7896 miljoen ton, die in 2013 uit de aardkorst werd opgegraven.

In de eerste maanden van 2015 is de steenkoolprijs verder gedaald. Die prijsdaling wijst op een overproduktie. De lage steenkoolprijs zal er waarschijnlijk toe leiden dat de winning voor sommige mijnbouwgebieden onrendabel wordt. Sommige mijnen zullen in 2015 gesloten worden. Andere mijnen zullen minder steenkool winnen dan in het afgelopen jaar.
De Chinese steenkoolproduktie is in het eerste kwartaal van 2015 verder gedaald en lag 3,5% lager dan in 2014. Het Energy Information Agency (EIA) verwacht dat de Amerikaanse steenkoolproduktie in 2015 flink lager (>5%) zal zijn dan in 2014. In de op vier na grootste steenkoolproducent, Indonesië, wordt gemeld dat de steenkoolproduktie in het eerste kwartaal van 2015 21% lager was in vergelijking met 2014.
Als drie van ‘s werelds vijf grootste steenkoolproducenten een lagere produktie melden, dan wordt het waarschijnlijk dat de mondiale steenkoolproduktie over heel 2015 lager zal zijn dan in 2014. Op basis van recente cijfers zou de mondiale steenkoolproduktie in 2014 gepiekt kunnen hebben.

Maar. Als de vraag naar steenkool flink gaat toenemen, kan de prijs snel stijgen en kan de steenkoolwinning weer lucratief worden. Het is mogelijk dat de steenkoolproduktie in 2016 of later nog boven de recordproduktie van 2014 zal uitkomen. Naarmate er meer makkelijk winbare wordt opgestookt, wordt het echter steeds waarschijnlijker dat peak-steenkool in 2014 werd bereikt.

Peak-tin: makkelijk winbaar tin raakt op, moeilijk winbaar tin is te duur

tinprijs20082014

In 2011 liep de prijs van tin korte tijd op tot boven de 30000 dollar per ton. N.a.v. een artikel van Dave Cohen schreef ik een blog over Peak-Tin. De tinprijs liep zo hoog op omdat de vraag naar tin (soldeertin voor printplaatjes en conservenblikken) sneller groeide dan de wereldwijde produktie. Drie jaar geleden dacht Dave Cohen dat de jaarlijkse wereldwijde tinproduktie in 2011 zou uitkomen op 366 duizend ton en daarna zou gaan afnemen.

De prijs van tin is inmiddels een stuk lager geworden: ongeveer 20000 dollar per ton. Misschien omdat de vraag naar tin is gedaald. Er worden minder printplaatjes met soldeertin gemaakt voor TV’s en computers. En er worden minder conservenblikken verkocht.
Door die lagere prijs wordt het onrendabel om arme tinertsen en moeilijk winbaar tinerts te exploiteren. De lage tinprijs zou ertoe kunnen leiden dat de produktie van tin gaat afnemen. In de praktijk is dat al aan het gebeuren.

De hoogste mondiale jaarproduktie, peak-tin, dateert van 2007. Toen bedroeg de mondiale produktie volgens de statistieken van de British Geological Survey ruim 340 duizend ton geproduceerd. In 2012 was de produktie 12% lager dan in 2007: ruim 300 duizend ton. Over 2013 heb ik geen cijfers kunnen vinden.

Schermafbeelding 2015-01-04 om 14.05.29

Kennelijk kon de wereld zich in 2012 minder tin permitteren dan in 2011.
In 2007 was de tinprijs 16000 dollar per ton en bedroeg de waarde van de wereldtinproduktie: 5,50 miljard dollar.
In 2011 bij een tinprijs van gemiddeld 26000 dollar per ton kwam de waarde van de mondiale tinproduktie tussen 7,9 en 8,0 miljard dollar uit.
in 2012 was de tinprijs gemiddeld 21000 dollar per ton en bedroeg de waarde van de mondiale jaarproduktie: 6,3 miljard dollar.
Bij een tinprijs van 30000 dollar per ton is er in de wereldeconomie een verandering in gang gezet, die ertoe leidt dat er minder tin nodig is. Misschien werd het bij 30000 dollar per ton interessant om meer tin terug te winnen uit afval (recycling). Misschien heeft men een goedkoper alternatief gevonden voor conservenblikken. Feit is dat de vraag naar tin nu lager is dan in 2007 en 2011. Mijnbouwbedrijven laten het moeilijk winbare en dure tin in de grond zitten. Ze produceren minder tin en krijgen daar een lagere prijs voor.
Ik ga ervan uit dat de maximale tinproduktie van 2007 (340 duizend ton) nooit meer overtroffen zal worden.

Bij aardolie zie je eenzelfde ontwikkeling. Door de hoge olieprijs van de afgelopen jaren is er iets veranderd in de wereldeconomie. We zijn met zijn allen op zoek gegaan naar oplossingen om te besparen op de olie-uitgaven. En dat is vrij aardig gelukt: door de afnemende vraag is er nu een overproduktie aan aardolie. De olieprijs is flink gedaald en die lagere prijs zal olieproducenten dwingen om moeilijk winbare olie in de bodem te laten zitten.

Peak-oil leidt tot peak-uranium

Uraniumwinning wordt steeds duurder
In 2006 verwachtte het IEA dat de mondiale uraniumproduktie in 2020 zou stijgen tot 55 kiloton (het oranje gebied in de grafiek hieronder) wanneer de extractiekosten beperkt worden tot maximaal $40 per kg.


(bron: Energy Watch Group dec. 2006)

Als de mijnbouwbedrijven de extractiekosten laten oplopen tot maximaal $130 per kg. dan kunnen ook de moeilijk winbare uraniumreseves worden geëxploiteerd en is een hogere produktie van 70 kiloton per jaar haalbaar (aangegeven door het gele gebied in het plaatje hierboven). Maar die hogere extractiekosten moeten wel opgebracht worden door de afnemers.
Eind 2006 schommelde de olieprijs rond de $60 per vat.

De prijs, die de afnemers wilden betalen voor uranium, liep het afgelopen decennium snel op van $8 per pound in 2001 naar meer dan $50 per pound vanaf augustus 2006. De hogere extractiekosten kunnen bij die prijzen makkelijk worden terugverdiend.


(bron:Cameco)

De mondiale uraniumproduktie steeg geheel volgens de verwachting van 39 kiloton in 2006 naar 58 kiloton in 2012. Maar omdat er wereldwijd jaarlijks 70 kiloton uranium verbruikt wordt, is er nog altijd een onderproduktie ofwel supply-deficit.

Minder kernenergie betekent minder vraag naar uranium
Momenteel zijn er wereldwijd 435 kernreactors in bedrijf. En wordt er gebouwd aan 71 nieuwe reactors. Je zou verwachten dat de hoeveelheid elektriciteit, die kerncentrales opwekken, nog altijd stijgt.
In 2006 werd er wereldwijd ruim 2800 TeraWattuur (TWh) door kerncentrales opgewekt. Maar in 2013 was dat nog maar 2490 TWh, ofwel 11% minder dan in 2006. (zie grafiek hieronder)

peakkernenergie01

De afname van de hoeveelheid opgewekte kernenergie gaat gepaard met een dalende prijs voor uranium. De prijs voor een pound uranium is in de laatste 3 jaar weer gedaald tot onder de $30. Het wordt erg moeilijk om de stijgende mijnbouwkosten terug te verdienen.

uraniumprijs20112014
(bron:Cameco)

De dalende prijs duidt op een dalende vraag naar uranium. Maar waardoor is de vraag afgenomen?
Enerzijds zal de kernramp in Fukushima en de politieke keuze in Japan en Duitsland om kerncentrales te sluiten leiden tot een lagere vraag en lagere uraniumprijs.
Anderzijds kan de prijs van meer dan $50 per pound uranium te hoog zijn voor een deel van de afnemers.
Toen de prijs van een vat aardolie meer dan $140 bedroeg, trad er ook uitval van de vraag naar aardolie op (demand-destruction). Waarschijnlijk daalt ook de vraag naar uranium omdat het gewoon te duur is geworden.

De winning en zuivering van uranium wordt steeds duurder omdat de rijkste ertsen al in de 20e eeuw zijn verbruikt. Het uraniumerts dat over is, bevat minder uranium en er moet dus veel meer gesteente worden verplaatst en vermalen om dezelfde hoeveelheid splijtbaar uranium te winnen. En dat terwijl door de gestegen olieprijs de brandstof van de mijnbouwmachines en de elektriciteit voor de opwerkingsfabrieken de afgelopen 10 jaar veel duurder is geworden.

Er zit ook uranium opgelost in zeewater. En in principe hebben we de technologie om uranium uit zeewater te winnen. Maar in de praktijk zal uranium uit zeewater te halen zo duur zijn, dat de elektriciteit uit kerncentrales voor de afnemers onbetaalbaar wordt.
Aan het begin van het kernenergie-tijdperk dacht men dat elektriciteit uit kerncentrales zo goedkoop zo zijn, dat het verbruik niet meer gemeten hoefde te worden (“too cheap to meter“, waren de woorden van Lewis Strauss).
Dat is een fabeltje gebleken.
Binnenkort wordt elektriciteit uit kerncentrales te duur om te verkopen (too expensive to market).