Tagarchief: grondstoffen

Bang voor het oprakende aardgas

Vroeger toen ik een kind was, maakten volwassenen kinderen wel eens bang om je gehoorzaam te houden. Bang voor God, die alles ziet. Bang voor Sinterklaas en Zwarte Piet, die je meenemen naar Spanje in de zak.
Tegenwoordig worden vooral de volwassen mensen bang gemaakt om ze gehoorzaam te houden. Bang voor terroristen, bang voor AIDS, beng voor Alzheimer, bang voor kanker en bang voor internetfraudeurs. We worden voortdurend voor van alles gewaarschuwd… maar nooit voor het opraken van de fossiele brandstoffen, zoals ons Nederlandse aardgas.

In de eerste 3 maanden van 2016 werd er 13,34 miljard m³ aardgas uit de Nederlandse bodem gewonnen. In het eerste kwartaal van 2015 was dat nog bijna de dubbele hoeveelheid: 25,95 miljard m³. En in het eerste kwartaal van 2012 werd er nog 29,59 miljard m³ aardgas gewonnen.
In de grafiek hieronder is de maandelijkse aardgaswinning in Nederland weergegeven in miljoen m³ per maand. De bron voor deze gegevens is de JODI Gas World-database.

Schermafbeelding 2016-05-26 om 15.35.57

Het aardgasverbruik van de Nederlandse bevolking in het eerste kwartaal van 2016 kwam uit op 11,65 miljard m³. Dat is 20% minder dan in het eerste kwartaal van vorig jaar. Het Nederlands aardgasverbruik vertoont al jaren een dalende trend, zoals blijkt uit de volgende grafiek.

Schermafbeelding 2016-05-26 om 15.44.46

De produktie van Nederlands aardgas (13,34 miljard m³) was in het eerste kwartaal nog net voldoende om te voorzien in de binnenlandse consumptie. Er bleef 1,69 miljard m³ aardgas over voor de export.

De import van aardgas was in het eerste kwartaal van dit jaar 8,94 miljard m³ tegenover 7,21 miljard m³ in dezelfde periode van 2014. De import van aardgas lag in het eerste kwartaal 24% hoger dan in het eerste kwartaal van 2015. Ik verwacht dat de import van aardgas de komende jaren nog verder zal toenemen.

Schermafbeelding 2016-05-26 om 15.52.21

De Nederlandse aardgasproduktie is het afgelopen jaar sterk verminderd met als reden het terugdringen van de aardbevingen in Groningen. Ik vermoed dat er nog een andere reden is waarom er minder aardgas gewonnen wordt: het aardgas begint op te raken.
We weten in ons achterhoofd allemaal dat het aardgas ooit op zal raken. We horen er eigenlijk nooit iets over in De Wereld Draait Door of in het NOS-journaal.
Zou het kunnen zijn dat de lagere produktie komt doordat het aardgas bijna op is?
En kunnen we volgende winter ook nog voldoende aardgas winnen om in de eigen behoefte te kunnen voorzien?

De makkelijk winbare steenkool raakt op

In een artikel op het weblog Peak Oil Barrel wordt door Dennis Coyne een modelberekening gepresenteerd over de hoeveelheid steenkool, die nog op een economisch rendabele manier uit de aardkorst gewonnen kan worden.
De auteur rekent vanuit 3 verschillende uitgangsituaties, waarbij de oorspronkelijk aanwezig winbare steenkoolreserves uiteenlopen van 390 Gigaton olie-equivalent (Gtoe), tot 620 Gigaton olie-equivalent.
In de grafiek hieronder zijn geschatte steenkoolproduktiecurves voor die uitgangsituaties weergegeven.

blog1603a

De schattingen van de totale hoeveelheid winbare steenkool, die Coyne maakt, zijn gebaseerd op het eerdere werk van andere auteurs.

blog1603b

Net als bij de peakoil-theorie van King Hubbert, stelt Dennis Coyne dat de steenkoolproduktie een afgeleide is van de hoeveelheid ontdekte steenkoolreserves.
Eerst worden steenkoolreserves ontdekt. Na een aantal jaar wordt de ontginning van die reserves opgestart en begint de produktie.

blog1603f

De ontdekking van steenkoolreserves, het ontginnen van de reserves en het verhogen van de steenkoolproduktie volgen elkaar op in de tijd.
Er zijn geen historische gegevens bekend over de ontdekking van steenkoolreserves. De groene curve in de grafiek hieronder is een schatting van de auteur. Volgens die schatting werd rond het jaar 1900 werd er jaarlijks 5500 miljoen ton olie-equivalent (Mtoe) aan de bekende steenkoolreserves toegevoegd. Tegenwoordig wordt er jaarlijks nog zo’n 500 Mtoe aan nieuwe reserves ontdekt.

blog1603g

De blauwe curve geeft de steenkoolreserves aan, die jaarlijks in produktie worden genomen. Ook dat is een schatting van de auteur. Deze curve loopt 40 tot 50 jaar achter bij de ontdekkingscurve. De rode curve geeft de mondiale steenkoolproduktie weer. De produktiecurve loopt 100 tot 120 jaar achter bij de ontdekkingscurve.
Volgens dit rekenmodel zal de mondiale steenkoolproduktie 100 tot 120 jaar na de ontdekking van steenkoolreserves een maximum bereiken: ergens tussen 2000 en 2030.
Dit is slechts een korte samenvatting. Het gehele (Engelstalige) artikel van Dennis Coyne is duidelijker en zeker de moeite van het lezen waard.

Het scenario met de laagste reserves (390 Gtoe) nader bekeken
Dennis Coyne heeft ook een paar grafieken gemaakt voor het Low Case URR (Ultimate Recoverable Resource) waarbij de maximaal winbare hoeveelheid steenkool geschat wordt op 390 Gtoe. In dit Low Case-scenario is er een scherpe produktiepiek op in de eerste 20 jaar van de 21e eeuw (de rode curve in de grafiek hieronder).

blog1603r

Rond 2050 is de jaarlijkse produktie dan alweer gedaald tot 1500 Mtoe per jaar, vergelijkbaar met de produktie tussen 1975 en 1980.
De auteur doet voor zijn model veel aannames en schattingen en heeft eigenlijk maar één reeks van feitelijke data waaraan hij zijn model kan toetsen: de jaarlijkse mondiale steenkoolproduktie in de afgelopen eeuw.
In de laatste grafiek is de mondiale steenkoolproduktie weergegeven met oranje plusjes. Door die puntenreeks is een groene curve getekend: de produktiecurve, die heel goed de produktiecurve uit het rekenmodel volgt.

blog1603t

Als de mondiale steenkoolproduktie de komende jaren verder daalt, dan kunnen we voorzichtig gaan aannemen dat de maximaal winbare hoeveelheid steenkool op aarde in de buurt ligt van die 390 Gigaton olie-equivalent. En dat de mensheid al ongeveer de helft van die hoeveelheid heeft opgestookt.
(wordt vervolgd)

Aardolieverbruik in Europa sinds 2006 met 15% afgenomen

In 2006 verbruikten de gezamenlijke raffinaderijen in Frankrijk, Duitsland, Nederland, Spanje, Italië en het Verenigd Koninkrijk gemiddelde 10,8 miljoen vaten aardolie per dag. Over 2015 is het gemiddelde dagelijks verbruik van aardolie door raffinaderijen in voornoemde landen afgenomen tot 9,1 miljoen vaten. M.a.w. het olieverbruik was afgelopen jaar 15% lager dan in 2006.
De bron voor deze cijfers is de JODI-database, die maandelijks cijfers publiceert over olieproductie, olieverbruik en import en export van aardolie.
In de grafiek hieronder is de gemiddelde olie-inname door raffinaderijen in een aantal belangrijke Europese landen over de afgelopen 10 jaar weergegeven.

Schermafbeelding 2016-02-22 om 13.49.01

In het jaar 2015 is het aardolieverbruik weer iets gestegen t.o.v. 2014 en 2013; vermoedelijk een gevolg van de sterk gedaalde olieprijs.

In sommige Europese landen is het olieverbruik niet gedaald, maar lichtjes gestegen. Dit is het geval in Spanje en Nederland.
In Spanje lag het olieverbruik door raffinaderijen in 2015 met 1,296 miljoen vaten 7,6% hoger dan in 2006. In Nederland steeg het verbruik door raffinaderijen van 0,98 miljoen vaten per dag in 2006 tot 1,06 miljoen vaten per dag in 2015. Dat is een stijging van 8,1%. Waarschijnlijk is de lage olieprijs in het afgelopen jaar een belangrijke factor bij het gestegen verbruik.
De grafiek hieronder laat het gestegen olieverbruik in Spanje en Nederland zien.

Schermafbeelding 2016-02-22 om 18.42.37

In het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Frankrijk en Italië is het olieverbruik door raffinaderijen gedaald sinds 2006.
In onderstaande grafiek is het olieverbruik van die landen sinds 2006 weergegeven.

Schermafbeelding 2016-02-22 om 13.51.16

In Duitsland lag het olieverbruik in 2015 16,9% lager dan in 2006. In Italië en het Verenigd Koninkrijk was de daling 27% en in Frankrijk zelfs 30%.
In Duitsland, Italië en Frankrijk is het olieverbruik in 2015, vermoedelijk vanwege de lage olieprijs, weer iets gestegen t.o.v. 2014.
Je zou kunnen beargumenteren dat het afgenomen olieverbruik in Europa, één van de factoren is, die zorgde voor de daling van de olieprijs na de zomer van 2014.

Of het olieverbruik in 2016 verder zal stijgen hangt af van een groot aantal factoren. Bij een forse stijging van de olieprijs zal het olieverbruik niet verder groeien. Maar als de prijs laag blijft (< $50 per vat) dan kan het verbruik in Europa nog iets verder toenemen.
Het Europees olieverbruik in 2016 hangt ook af van de koopkracht van de Europeanen. Als er een economische recessie komt, met oplopende werkeloosheid  en stagnerende lonen, dan zal het aardolieverbruik gaan dalen.

Grenzen aan de groei van import

Het CBS houdt nauwkeurig bij hoeveel grondstoffen er in Nederland worden geïmporteerd. Onlangs werden de importcijfers over het jaar 2014 aan de statistieken toegevoegd.
Groeit de import van grondstoffen nog altijd, of is inmiddels peak-import bereikt en daalt de invoer van materialen?

In 2014 bedroeg de totale import van materialen 387,4 miljoen ton. Minder dan de 394 miljoen ton van 2012 en 2013. Maar meer dan de import in het crisisjaar 2009.
Hieronder de ontwikkeling van de import sinds 1996.

Schermafbeelding 2016-02-04 om 22.15.19

Nederlandse import van metaal
De import van metaal (en erts) bedroeg in 2007 en 2008 meer dan 40 miljoen ton. In de afgelopen jaren schommelt de ingevoerde hoeveelheid metaal rond de 36 miljoen ton (zie de grafiek hieronder).

piekm

 

De import van ijzererts wordt specifiek door het CBS gerapporteerd. In 2007 werd meer dan 25 miljoen ton ijzererts ingevoerd. In 2014 was dat nog 20,9 miljoen ton, ofwel 16% minder.

piekijz

 

Nederlandse import van biomassa en afgeleide producten
Het CBS rapporteert dat er in 2014 ruim 78 miljoen ton aan biomassa en afgeleide producten werd geïmporteerd. Hieronder vallen voedingsgewassen, levende dieren en vlees, vis en schaaldieren, maar ook hout en andere producten uit biomassa.
De import in 2014 was ietsje lager dan de 80 miljoen ton, die het jaar ervoor werd ingevoerd.

Schermafbeelding 2016-02-04 om 22.31.27

Nederlandse import van fossiele brandstoffen
De import van fossiele brandstoffen vertoont in Nederland nog altijd een stijgende trend. Hoewel de import in 2014 met 203 miljoen ton iets lager was dan in 2012 en 2013 toen de import uitkwam op respectievelijk 209 en 211 miljoen ton fossiele brandstof.

Schermafbeelding 2016-02-04 om 22.36.24NB.: de rode stippellijntjes in de grafieken heb ik handmatig getrokken

Momenteel is de prijs voor steenkool en aardolie erg laag. Het ligt voor de hand, dat bij die lage prijs meer steenkool en aardolie ingekocht zal worden door Nederlandse grootverbruikers. De import van fossiele brandstoffen is in 2015 misschien wel weer gestegen naar het nivo van 2013.
Aan de andere kant staat de Baltic Dry Index, een graadmeter voor de kosten van vervoer per vrachtschip, op een zeer lage stand. Dat betekent dat er momenteel zeer weinig vraag is naar vrachtvervoer per zeeschip. Wereldwijd zijn er begin 2016 weinig schepen met aardolie en steenkool onderweg. En dat betekent dat de invoer van materialen (zoals aardolie en steenkool) door Europese landen is afgenomen.

Mondiale uraniumproduktie met 6% gedaald in 2014

In 2014 werd er wereldwijd 56,3 duizend ton uranium geproduceerd. Dat is 6% minder dan de 59,7 duizend ton die in 2013 werd gewonnen.
Tussen 2007 en 2012 steeg de uraniumproduktie gestaag, maar de laatste twee jaar is er een eind gekomen aan die groei.

Schermafbeelding 2015-08-26 om 09.11.45

De uraniumproduktie groeide tussen 2007 en 2012 omdat de prijs van uranium op de wereldmarkt na 2006 sterk gestegen is. In 2014 daalde de uraniumprijs terug naar het niveau van 2005. En die prijsdaling ging gepaard met een daling van de produktie.

Schermafbeelding 2015-08-26 om 09.34.38

Op de website van de World Nuclear Association vond ik een mooie grafiek (van CRU Strategies) die duidelijk maakt hoe een hogere uraniumprijs het rendabel maakt om moeilijk winbaar (en dus duurder) uranium te winnen.
Bij een prijs van $40 per pound uranium (zoals begin 2006) kunnen de wereldwijde produktiekosten van 30 tot 40 duizend ton uranium worden terug verdiend. Om de produktiekosten van 60 duizend ton te kunnen terugverdienen is (volgens CRU Strategies) een minimale uraniumprijs van $40 tot $45 per pound nodig.

uranium_mine_production_cost_curve_2010

De laatste maanden schommelt de prijs voor uranium rond de $35 per pound. Dat betekent waarschijnlijk dat de mondiale uraniumproduktiein 2015 niet zal stijgen en tussen de 50 en 56 duizend ton zal uitkomen.

De VS worden steeds afhankelijker van buitenlands uranium

Ik heb al eerder geblogd over de herkomst van het uranium dat in de Amerikaanse kerncentrales wordt opgestookt. De VS hebben het laatste decennium hoofdzakelijk buitenlands uranium gebruikt om kernenergie op te wekken.
Die situatie wordt er niet beter op.

In de grafiek hieronder heb ik uitgezet welk deel van het uranium, dat jaarlijks wordt verbruikt, door de VS geïmporteerd moet worden.

Schermafbeelding 2015-08-16 om 19.42.55

In 2014 was meer dan 90% van het benodigde uranium afkomstig uit het buitenland. Dat lijkt mij een vervelende situatie voor een land dat in de wereld zoveel vijanden heeft als de VS. Heeft de VS dan zelf geen uranium?
Het makkelijk winbare en rijke uraniumerts is al in de 20e eeuw gewonnen voor de produktie van kernwapens en kerncentrale-brandstof. In de periode 1955-1985 was de binnenlandse produktie van uranium vijf tot tien keer zo hoog als in het afgelopen decennium.

US_Uranium_Production_1949-2011

Het uraniumerts dat overgebleven is, bevat minder uranium en is moeilijker te winnen. Het kost daarom steeds meer energie (en geld) om zelf uranium te winnen. Kernenergie wordt op die manier steeds duurder.

Het lijkt erop dat de VS liever uranium kopen van buitenlandse leveranciers dan het resterende uraniumerts uit Amerikaanse bodem te winnen. In de grafiek hieronder staat het aantal gaten dat bij de winning van uraniumerts geboord wordt weergegeven. In 2014 werden nog maar 1750 gaten geboord: 67% minder dan in 2013.

uran_fig1

Als er minder gaten geboord worden, dan zal de binnenlandse produktie over een paar jaar weer gaan afnemen. En dan zal de VS nog meer uranium moeten importeren.
Of zouden de VS overwegen om kerncentrales te gaan sluiten en te gaan stoppen met kernenergie?

Lage olieprijs brengt olieproducerende landen in financiële problemen

Olieproducerende landen zoals Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten (UAE) zijn gewend aan hoge inkomsten uit de export van aardolie. De uitgaven van de overheid zijn navenant: brandstof wordt gesubsidieerd, er zijn goede medisch en sociale voorzieningen en de defensie-uitgaven zijn hoog. Het defensiebudget van Saoedi-Arabië groeide afgelopen jaar met 17% tot 10% van het Bruto Nationaal Product.
In de grafiek hieronder zie je hoe de uitgaven van de Saoedische regering gestegen zijn.

Schermafbeelding 2015-08-09 om 16.08.42

Maar in het afgelopen jaar is de olieprijs gehalveerd en zijn de olie-inkomsten van de OPEC-landen flink gedaald. Economen schatten dat de inkomsten van Saoedi-Arabië dit jaar 82 miljard dollar lager zullen uitvallen. Dat betekent een daling van het Bruto Nationaal Product met 8%.
Na de wereldwijde kredietcrisis (in 2008) daalde de olieprijs ook zeer sterk. Dat had ook grote gevolgen voor het Bruto Nationaal Product van Saoedi-Arabië. In de grafiek hieronder zie je dat het BNP (GDP) in 2009 met 11% daalde.

Schermafbeelding 2015-08-09 om 16.35.43

In het lopend boekjaar zal het BNP lager uitvallen en deskundigen verwachten dat Saoedi-Arabië binnenkort staatsleningen ter waarde van 5 miljard dollar zal uitschrijven.

Het IMF verwacht dat ook de Verenigde Arabische Emiraten (UAE) dit jaar een tekort zullen hebben. Het BNP van de UAE zal 5% dalen en men verwacht een begrotingstekort van 2,9%.

Het is nog even afwachten hoe de regeringen van de olieproducerende en exporterende landen zullen reageren op de aanhoudend lage olieprijs. Zullen ze besluiten om te gaan bezuinigen op sociale programma’s, onderwijs, gezondheidszorg en op defensie? Of zullen ze meer gaan lenen van beleggers en hun staatsschuld wat meer laten oplopen? De kredietwaardigheid van Saoedi-Arabië en de UAE is prima, zij het wat lager dan die van Nederland en Duitsland.