Tagarchief: aardolie

Peakoil in Rusland

Net als in alle andere olieproducerende landen zal ook in Rusland de olieproduktie op een gegeven moment gaan afnemen. Het is erg moeilijk om te voorspellen wanneer de maximale, nationale olieroduktie (peakoil) bereikt zal worden. Dat moment kan pas achteraf met zekerheid worden aangewezen.
Hieronder staat de Russische olieproduktie voor de afgelopen 10 jaar weergegeven. De bron voor deze gegevens is de JODI-database. De auteurs waarschuwen dat de data vóór januari 2012 (waar de grafiek omlaag valt) minder betrouwbaar zijn.

Schermafbeelding 2015-03-05 om 08.35.36

De afgelopen 8 jaar is de Russische olieproduktie min of meer constant gebleven tussen 9,5 en 10,5 miljoen vaten per dag. De scherpe schommelingen van de olieprijs in 2008 en 2009 hadden weinig invloed op de produktie. Dat komt misschien omdat meer dan de helft van de Russische olie voor binnenlands gebruik is.
Over het jaar 2010 bedroeg de gemiddelde dagelijkse olieproduktie 10,2 miljoen vaten. De gemiddelde dagelijkse export bedroeg 5,0 miljoen vaten. En dat betekent dat er gemiddeld 5,2 miljoen vaten door de Russen zelf werd verbruikt.

Het binnenlandse Russische verbruik neemt geleidelijk iets toe, zodat de hoeveelheid, die geëxporteerd wordt geleidelijk afneemt. Rusland is wat dat betreft ook een voorbeeld van het export-land-model van Jeff Brown.
Over 2014 bedroeg de gemiddelde dagelijkse produktie 10,1 miljoen vaten en de gemiddelde dagelijkse export nog maar 4,5 miljoen vaten. Hetgeen betekent dat het binnenlands verbruik is opgelopen naar gemiddeld 5,6 miljoen vaten.
In de grafiek hieronder de hoeveelheid aardolie die Rusland exporteerde.

Schermafbeelding 2015-03-05 om 10.12.10

Omdat ook in Rusland de makkelijk winbare olie zal opraken, kunnen we een afnemende produktie verwachten. Leonid Fedun, vice president van de Russische oliemaatschappij Lukoil meldde afgelopen week dat de Russische olieproduktie eind 2016 800 duizend gedaald zal zijn. De produktie zal dan minder dan 9,5 miljoen vaten per dag bedragen. Als oorzaken noemt Fedun, de westerse sancties en de daling van de olieprijs. De prognose van Fedun betekent dat ook in Rusland peakoil gepasseerd is, waarschijnlijk ergens tussen 2010 en 2015.

Waarschijnlijk zal het binnenlands verbruik in Rusland iets gaan afnemen. Maar de lagere produktie zal ook ten koste gaan van de export van aardolie. Het valt te verwachten dat vooral Europa minder afhankelijk zal worden van Russische exportolie.
Het Amerikaanse Energy Information Agency denkt heel anders over de Russische olieproduktie. Dat gerenommeerde instituut verwacht dat de Russische olieproduktie (inclusief Natural Gas Liquids) voorlopig zal blijven toenemen.

Schermafbeelding 2015-03-05 om 10.43.28

De deskundigen van het EIA voorspellen dat de Rusland over 20 jaar nog altijd 11 miljoen vaten aardolie zal produceren. Die prognoses van het EIA worden nu echt ongeloofwaardig.

Aardolie-import van belangrijkste Europese landen al 25% gedaald

In de tweede helft van 2006 importeerden Nederland, Duitsland, Frankrijk, Italië en Spanje gezamenlijk ongeveer 8 miljoen vaten aardolie per dag. Per maand (30 dagen) komt dat neer op 240 miljoen vaten aardolie.

Acht jaar later, in de zomer van 2014 importeert dezelfde groep Europese landen minder dan 6 miljoen vaten per dag, ofwel 180 miljoen vaten in een maand van 30 dagen.

Schermafbeelding 2014-09-05 om 21.32.29

De daling van het aardolieverbruik heeft in de belangrijkste Europese landen geleid tot een lagere industriële produktie, een lagere verkoop van autobrandstof en minder bouwactiviteit.

Je kunt dit ook omkeren.
De afname van benzineverkoop, industriële produktie en de bouwmijverheid hebben gezorgd voor een lager aardolieverbruik.

Je kunt uren discussieren over wat oorzaak is en wat gevolg is. Maar dat verandert niets aan de feiten: het aardolieverbruik is in acht jaar tijd met 25% afgenomen. En …. het ziet er naar uit dat die afname onomkeerbaar is en zal doorzetten.
Elk volgend jaar zullen de belangrijkste Europese landen nog minder aardolie importeren, het zal nooit meer gaan toenemen.

De doodgezwegen opstand in Saoedi-Arabië

De bevolking van Libië kwam in opstand tegen kolonel Gadaffi. De Syriërs kwamen in opstand tegen president Assad.
In Irak heeft een groot leger van Soenitische opstandelingen hele provincies veroverd en bedreigt de oliewinning. Daardoor is de olieprijs op de wereldmarkt flink opgelopen. Gelukkig is er geen opstand in het belangrijkste olieproducerende land in het Midden-Oosten, Saoedi-Arabië.

Hoewel.
In maart 2011 was er in Saoedi-Arabië een dag van woede. Die verliep zonder grote incidenten. Maar daarna zijn er nog regelmatig berichten demonstraties geweest. In 2011 en 2012 verschenen er berichten in de media, dat de Arabische Lente ook in Saoedi-Arabië onrust veroorzaakte. De sjiitische minderheid in Qatif in de Oostelijke provincie bleef demonstreren tegen discriminatie en willekeurige arrestaties. Daarbij vielen soms doden.
In maart van dit jaar werden twee sjiitische demonstranten (waaronder de zoon van een belangrijke geestelijke) ter dood veroordeeld. Het vonnis werd eind mei 2014 voltrokken.

De van oorsprong Saoedische documentairemaakster Safa Al Ahmad, maakte voor de BBC een film over de broeiende opstand in de olierijke Oostelijke provincie van Saoed-Arabië.
Je kunt de gehele documentaire bekijken op Journeyman Pictures.
Hieronder een korte versie, die op YouTube staat.

De opstand wordt tot nu toe hard onderdrukt. Moeten wij in Europa de opstandelingen steunen, zoals we ook de opstand tegen kolonel Gadaffi en president Assad hebben gesteund?
Of kijken we de andere kant op als de Saoedische regering de protesten keihard onderdrukt. Als de opstand zich uitbreidt, bestaat de mogelijkheid bestaat dat opstandelingen, net als in Libië, die olie-export zullen gaan hinderen. En dan zal Europa nog sneller moeten afkicken van haar verslaving aan aardolie.

De Nigerianen moeten afkicken van de olierijkdom

In juni 2011 produceerde Nigeria dagelijks 2,42 miljoen vaten aardolie. Bij een olieprijs van ca. $100 per vat betekent elke dag opnieuw 242 miljoen dollar.  De Nigeriaanse regering krijgt overigens niet $100 per vat, maar een veel kleiner deel.
De afgelopen jaren is de Nigeriaanse olieproduktie aan het afnemen.

Schermafbeelding 2014-06-03 om 17.06.52

In maart 2014 was de dageijkse produktie gedaald tot 2,07 miljoen vaten: 14% minder dan in 2011. Dat betekent dat ook de olie-inkomsten van de Nigeriaanse regering met 14% zijn gedaald.
De olieproduktie en de olie-inkomsten zullen blijven afnemen. En de Nigerianen zullen moeten afkicken van die extra bron van inkomsten.

Nigeria heeft altijd een haat-liefde-verhouding gehad met de oliemaatschappijen, die de fossiele rijkdom exploiteren. Er wordt al olie geëxporteerd sinds 1958. En eigenlijk voelt de bevolking van de Niger-delta zich sinds die tijd uitgebuit en onderdrukt.
In de jaren 60 werd het verzet van de bevolking tegen onderdrukking geleid door Isaac Adaka Boro. In de jaren 80 door Ken Saro Wiwa. Sinds het begin van de jaren 90 is er ook internationaal protest tegen de vervuiling die de oliewinning veroorzaakt en de onderdrukking van de lokale bevolking.
In 2013 kondigde Shell aan dat het bedrijf de oliewinning op het vasteland staakt en haar belangen zal verkopen. Shell zet de offshore-oliewinning voor de kust van Nigeria gewoon voort.

Nog maar weinig Nigerianen beseffen dat de olierijkdom langzaam zal verdwijnen. Milieu-activist Nnimmo Bassey wil dat de Nigerianen zich voorbereiden op het leven na het olietijdperk.
Op World War 4 Report vond ik een interview met Nnimmo Bassey.

Er is steeds minder aardolie te exporteren

Nederland produceert zelf geen aardolie, net als de meeste andere Europese landen. Alle aardolie, die wij in Nederland gebruiken, is geëxporteerd door een ander olieproducerend land. In de afgelopen 5 jaar is de hoeveelheid aardolie, die door andere landen geëxporteerd wordt geleidelijk afgenomen. Als die afname van de olie-export doorzet, dan kan Nederland steeds minder aardolie invoeren.

De afname van de export van aardolie is door geoloog Jeff Brown in 2007 beschreven in het Export-Land-Model.
Brown zag dat het binnenlands aardolieverbruik van olieproducerende landen (zoals Saoedi-Arabië en Mexico) jaarlijks toenam. De binnenlandse consumptie blijft zelfs toenemen als de olieproduktie gelijk blijft of daalt. Daardoor zal het land netto steeds minder olie exporteren.

Ik heb de cijfers van het Joint Organisations Data Initiative Oil (JODI Oil) eens nageplozen om te zien of de export van aardolie inderdaad afneemt, zoals Jeff Brown voorspelt.
Niet alle olieproducerende landen geven hun produktie- en exportcijfers door aan de JODI-database: Saoedi-Arabië ontbreekt. De lijst van landen die hun cijfers wel via de JODI openbaar maken vind je op de JODI-website.

Hieronder de totale export van aardolie door de landen, die deelnemen aan de JODI-database van januari 2006 tot december 2013.

totalexportJODI20062013

In januari en februari van 2008 werd er (door de deelnemende landen) nog meer dan 41 miljoen vaten aardolie geëxporteerd. In de herfst van 2013 lag de totale export onder de 35 miljoen vaten.
In 2018 of 2019 zal de hoeveelheid aardolie, die beschikbaar is voor export dalen tot onder de 30 miljoen vaten.

Deze trend zal zich waarschijnlijk doorzetten.
Ook in Saoedi-Arabië, een van de grootste olieproducenten ter wereld, stijgt het binnenlands olieverbruik en zonder dat de produktie van aardolie verder stijgt. Ook de olie-export van Saoedi-Arabië zal gaan dalen. Men verwacht dat rond 2030 het binnenlands olieverbruik van Saoedi-Arabië zo hoog is dat het land een netto-importeur van olie wordt.

Economische hervormingen leiden tot een lager aardolieverbruik
Als het aanbod van aardolie op de wereldmarkt daalt, dan stijgt de prijs van aardolie. Landen die veel olie importeren, zoals Griekenland, Italië, Spanje en de Oekraïne, komen daardoor in grote economische problemen.
Gelukkig worden die landen door het IMF en de EU gedwongen om hun economie te ‘hervormen’. Die economische hervormingen leiden er altijd toe dat het aardolieverbruik daalt. Griekenland, Spanje en Italië gebruikten in 2012 beduidend minder aardolie dan in 2008. En ook in de Oekraïne zal het aardolieverbruik nog verder omlaag moeten… zodat er op de wereldmarkt nog genoeg overblijft voor Nederland.

Europese raffinaderijen raffineren steeds minder olie

Aardolie wordt hoofdzakelijk gebruikt om vloeibare brandstoffen te maken voor voertuigen. De hoge energiedichtheid van kerosine, diesel en benzine maakt het mogelijk om grote afstanden af te leggen met een redelijk kleine hoeveelheid brandstof. Ruwe aardolie kan niet gebruikt worden in verbrandingsmotoren, maar moet eerst worden gescheiden in min of meer zuivere componenten. Dat proces gebeurt in raffinaderijen.

In Europa staan ongeveer 120 raffinaderijen, die veelal gebouwd werden tussen 1950 en 1970, toen de vraag naar benzine sterk steeg.
De vraag naar benzine in Europa is aan het dalen, doordat auto’s zuiniger worden en de benzine duurder wordt. Sinds 2008 zijn er al 16 raffinaderijen, met een totale capaciteit van 1,7 miljoen vaten per dag, gesloten.

Uit de grafiek hieronder blijkt dat de Europese vraag naar aardolieprodukten nog altijd daalt.

europerefineriesIEA2013

In 2003 werden er dagelijks 13,5 miljoen vaten aardolie geraffineerd. In 2013 waren dat nog 11,5 miljoen vaten. De laatste maanden in dit overzicht van het Internationaal Energie Agentschap waren dramatisch slecht.

Naast de dalende vraag naar olieprodukten, is ook de stijgende olieprijs en de afnemende kwaliteit van de aangeleverde aardolie van belang. Daardoor leveren raffinaderijen in Europa geen geld meer op voor oliemaatschappijen. De Franse Total-raffinaderijen boekten in 2013 zelfs een verlies van 500 miljoen euro.
Er zullen nog meer raffinaderijen in Europa gesloten worden.
Door het opraken van de makkelijk winbare olie zullen op den duur over de gehele wereld raffinaderijen gesloten worden.

In Nederland wordt ook geleidelijk aan minder aardolie geraffineerd.

netherlrefineriesIEA2013

Roestende en lekkende pijpleidingen: de erfenis van het olietijdperk

Afgelopen week lekte in de Chinese stad Qingdao een oliepijpleiding. Toen arbeiders het lek reapareerden is de pijpleiding in brand gevlogen en ontploft. Bij dit ongeluk vielen 52 doden en tientallen gewonden.

Eerder deze maand raakte een olieboring in Texas een gasleiding. De vrijkomende gaswolk ontplofte en het boorplatform werd daarbij verwoest.

Het lijkt wel of er steeds meer pijpleidingen bijkomen en of de leidingen ook steeds vaker lek raken. Kijk maar eens naar deze lijst op Wikipedia.
In Nigeria, Mexico en in de VS zijn dit soort ongelukken schering en inslag.

Explosies en brand maken direct slachtoffers. Maar als het vuur gedoofd is en de pijpleiding gerepareerd is, moet de weggelekte olie nog worden opgeruimd. De kosten van het opruimen zijn door de oliemaatschappijen niet ingecalculeerd. De oliemaatschappijen maken zich er met een Jantje-van-Leiden vanaf. Vaak blijft de grond en het water nog jarenlang verontreinigd met olie.
De documentaire “Oil Shock: USA’s creaking energy infrastructure” vertelt het verhaal van een lekkende oliepijpleiding in Mayflower in Arkansas.

Er zal steeds minder olie door de pijpleidingen stromen en uiteindelijk zal de oliestroom opdrogen. Ik denk niet dat de oliemaatschappijen geld opzij gezet hebben om de afgeschreven, nutteloze pijpleidingen weer op te ruimen. Over 100 jaar zullen de pijpleidingen er nog altijd liggen als gedenktekens aan het tijdperk van de fossiele brandstoffen.