Categorie archief: overig

Komt er nu toch een kunstmatig eiland in de Noordzee?

In november 2007 nam de Tweede Kamer een motie aan van CDA’er Joop Atsma. In de motie werd het toenmalig kabinet gevraagd om een verkennend onderzoek uit te voeren naar een tulpvormige Noordzeepolder. Een meerderheid van de Kamerleden dacht dat zo’n kunstmatige eiland wel haalbaar is. Het initiatief voor het eiland kwam van het Innovatieplatform, voorgezeten door CDA-premier Balkenende.
Het was natuurljk niet haalbaar. Een jaar later zuchtte en kreunde de wereldeconomie onder de kredietcrisis.

In 2017 duiken er nieuwe plannen op om een kunstmatig eiland aan te leggen in de Noordzee, op de Doggersbank om precies te zijn.
Het eiland moet 6 km² groot worden en zal aanleg en onderhoud van grootschalige offshore windmolenparken vergemakkelijken.
De animatie hieronder toont hoe het eiland eruit zal gaan zien. Het wordt niet tulpvormig.

Afgelopen week vormden energiebedrijven uit Nederland, Duitsland en Denemarken een consortium: een eerste stap om dit kunstmatig eiland mogelijk te maken. Voorlopig zal er nog weinig actie ondernomen worden. De aanleg zal plaatsvinden tussen 2030 en 2050.
Er zijn momenteel geen realistische schattingen van de kosten gemaakt.
De aanleg van het eiland zal gepaard gaan met een enorme CO2-uitstoot en het zal ontzettend veel energie gaan kosten. Daarom vind ik het een onzinnig idee.

Rusland nog altijd de belangrijkste olieleverancier van Nederland

Volgens de cijfers van het CBS importeerde Nederland afgelopen jaar 53,8 miljoen ton aardolie-grondstoffen. Dat is iets minder dan in 2015 toen er 54,0 miljoen ton werd geïmporteerd. De grootste import van aardolie-grondstoffen werd opgetekend in 2010: 56,3 miljoen ton.

Van die 53,8 miljoen ton in 2016 was 39,2% afkomstig uit Rusland. In 2015 kwam 27,4% uit Rusland.
In de grafiek hieronder kun je het marktaandeel van Rusland over de afgelopen jaren zien.

schermafbeelding-2017-02-18-om-09-36-33

Het lijkt erop dat Nederland olie uit Rusland prefereert boven olie uit Noorwegen. Het marktaandeel van Noorwegen daalde van 16,6% in 2015 naar 13% in het afgelopen jaar.

schermafbeelding-2017-02-18-om-20-41-42

Andere belangrijk olieleveranciers voor Nederland zijn:
– het Verenigd Koninkrijk met een marktaandeel van 10,6% in 2016 en
– Irak met 9,1% in het afgelopen jaar.

De wereldhandel groeit niet meer: we gaan de globalisering terugdraaien

De nieuwe Amerikaanse president Trump zegt het Trans-Pacific-Partnership-handelsverdrag (TPP) op. En waarschijnlijk gaat het TTIP-handelsverdrag tussen de VS en Europa de prullenbak in. President Trump zegt hardop dat de Amerikanen weer zelf spullen moeten gaan maken in plaats van spullen te importeren. Dat betekent een terugkeer naar halverwege de 20e eeuw.
Vorig jaar zagen we al dat de meerderheid van de Britse kiezers zich wil terugtrekken uit de EU en dat men in Europa niet zo happig is op uitbreiding van de handel met Rusland en Oekraïne. Allemaal signalen, die erop duiden dat de wereldwijde handel niet verder wil toenemen.

Naast die signalen zijn er ook keiharde cijfers, die laten zien dat de wereldhandel niet verder toeneemt.
De World Bank berekent jaarlijks het mondiale GDP, het Bruto Nationaal Produkt van de gehele wereld (dus eigenlijk Bruto Internationaal Produkt).
En de World Bank berekent dan ook welk deel van dat GDP verdiend wordt aan handel.
Volgens die berekening werd in 2008 61% van het mondiale GDP gegenereerd door handel. In het jaar 2015 was dat aandeel teruggelopen naar 58,3%
Op de website van de World Bank zijn deze cijfers terug te vinden in eenreeks, die terugloopt tot 1960.

schermafbeelding-2017-01-24-om-11-49-28

Er zijn twee mogelijke verklaringen voor de trendbreuk in de grafiek hierboven:
– na 2008 is de wereldhandel niet verder gegroeid
– de wereldhandel is na 2008 wel gegroeid, maar die groei draagt netto niets bij aan het mondiale GDP

De World Bank-data geven ook inzicht in het GDP van individuele landen en de bijdrage van handel in dat GDP.
Laten we allereerst eens kijken naar de VS.
In 2008 verdiende de VS 29,9% van haar GDP door handel. In 2011 was dat nog hoger: 30,9%.
Maar in 2015 is dat gezakt naar 28,0% van het GDP.

schermafbeelding-2017-01-24-om-21-05-55

De veranderingen die in China opgetreden zijn in de laatste 50 jaar zijn spectaculair.
In de jaren 60 en het begin van de jaren 70 bedroegen de inkomsten uit handel voor China minder dan 10% van het GDP. Door de globalisering werd China een industriële grootmacht en groeide de handel met de rest van de wereld snel. In het jaar 2000 bedroegen de inkomsten uit handel al 40% van het GDP. In de periode 2004 – 2007 was het zelfs meer dan 60%. Maar sinds de crisis van 2008 is de handel voor China minder lucratief geworden. In 2015 kwam 40,7% van China’s GDP uit handel.

schermafbeelding-2017-01-24-om-21-37-11

Handel brengt met zich mee dat handelswaar verplaatst moeten worden. Dat transport kost energie.
De wereldhandel heeft kunnen groeien door goedkope energie. De goedkope fossiele brandstoffen maakten het transport zo goedkoop, dat het voor bedrijven mogelijk werd fabrieken te bouwen in lage lonen landen. In de tijd dat aardolie $20 per vat kostte werden de transportkosten naar lage lonen landen makkelijk terugverdiend. Bij een olieprijs van $100 per vat lukt dat niet meer. En bij een olieprijs van $50 per vat ook niet.

Het transport is te duur geworden en het wordt voor bedrijven interessant om de produktie weer te verplaatsen naar het land waar de spullen verkocht zullen worden. Daarom zegt president Trump hardop dat de Amerikanen weer zelf hun eigen spullen moeten maken. Misschien heeft hij het zelf bedacht, maar waarschijnlijk is de nieuwe economische realiteit doorgedrongen tot het Amerikaanse bedrijfsleven. En de president is gewoon de marionet, die voor de televisiecamera’s het beleid van de banken en grote bedrijven uitvoert.

Al 50% van de Nederlandse bovengrondse aardgasbuffer opgestookt

Op de website van Gas Infrastructure Europe wordt bijgehouden hoeveel aardgas er in de Europese bovengrondse buffervoorraden zit. In de zomer worden die buffers aangevuld en in de wintermaanden wordt het gas uit die buffers opgestookt. De cijfers worden bijgehouden in de eenheid Tera Watt Uur i.p.v. de gebruikelijke eenheid miljoen m³.

De winter van 2016 was erg zacht en er werd maar weinig gas uit de buffervoorraad verbruikt. Tussen 1 november 2014 en 12 januari 2015 werd er 18,54 TWh uit de gasbuffer verbruikt. Over de periode 1 nov 2015 tot 12 jan 2016 werd er 39,54 TWh aan de reserve onttrokken. Over de periode 1 nov 2016 tot 12 jan 2017 was dat 65,27 TWh.

schermafbeelding-2017-01-14-om-10-01-38

Het gevolg van het hogere verbruik is dat de resterende gasbuffer deze winter al op 12 januari onder de 50% is gezakt.
In 2015 was de bovengrondse reserve op 12 januari nog voor 73% gevuld.
Op 12 januari 2016 was de bovengrondse reserve nog voor 66% gevuld. En deze winter is de tussenstand op 12 januari 49%.
De grafiek hieronder laat zien dat de Nederlandse bovengrondse aardgasreserve deze winter sneller wordt opgestookt dan vorig jaar.

schermafbeelding-2017-01-14-om-08-55-24

Als de reserve de komende maanden in hetzelfde tempo wordt opgestookt, dan is de buffer begin april leeg.

In Duitsland is de bovengrondse gasbuffer groter dan in Nederland: 238 TWh tegenover 139 TWh in Nederland.
Ook in Duitsland wordt er deze winter meer gas uit de reserve gebruikt dan vorig jaar.
Op 12 januari was de Duitse gasbuffer nog voor 58% gevuld. Vorig jaar was op 12 januari de gasbuffer nog voor 75% gevuld.

schermafbeelding-2017-01-14-om-08-56-57

In de zomermaanden zullen de energiebedrijven de gasbuffers weer gaan aanvullen. Ik ben benieuwd of er dan meer aardgas geïmporteerd gaat worden uit Rusland en Noorwegen, of dat er meer gas uit de Nederlandse bodem gewonnen gaat worden.

Olieproductie en olieverbruik in Brazilië, Canada en Mexico

In de JODI-Oil database kun je cijfers vinden over olieproductie, olie-import en export en het binnenlands verbruik van tientallen landen. Afgelopen week heb ik me verdiept in de olie-cijfers van Brazilië, Canada en Mexico.

Brazilië
De afgelopen jaren is de olieproductie van Brazilië geleidelijk gestegen van 2 miljoen vaten per dag in 2012 tot 2,5 miljoen vaten per dag in 2016.
Het binnenlands olieverbruik, dat tot uitdrukking komt in het verbruik van de raffinaderijen (refinery intake), vertoont over de afgelopen jaren een dalende trend.

braziljodi2016a

De Braziliaanse bevolking gebruikt zelf minder aardolie, terwijl er steeds meer olie gewonnen wordt voor de Braziliaanse kust.
Wat gebeurt er dan wel met die groeiende olieproduktie?  Die wordt geëxporteerd.
In de afgelopen 4 jaar is de export van aardolie gestegen van 300.000 vaten per dagen aar 900.000 vaten per dag.

schermafbeelding-2016-12-22-om-20-54-39

In de JODI-Oil database is niet terug te vinden naar welke landen de Braziliaanse olie wordt geëxporteerd.

Canada
Ook in Canada is de aardolieproductie de afgelopen jaren gestegen. Van 2,5 miljoen vaten eind 2012 naar 3,0 mniljoen vaten in het afgelopen jaar.
het verbruik van de Canadese raffinaderijen is in die periode niet gestegen, maar heel lichtjes gedaald.

schermafbeelding-2016-12-22-om-21-10-58

De stijgende Canadese olieproductie leidt niet tot een stijgend binnenlands verbruik, maar tot een stijgende export. Eind 2012 exporteerde Canada ongeveer 2 miljoen vaten per dag. In 2016 is dat meer dan 2,5 miljoen vaten per dag.

schermafbeelding-2016-12-22-om-21-33-06

Mexico
De Mexicaanse olieproductie daalt al jaren. Eind 2012 produceerde het land nog 2,5 miljoen vaten per dag. In 2016 is de productie gedaald tot 2,1 miljoen vaten per dag.
De bevolking van Mexico gaat steeds minder olie verbruiken. In 2012 verbruikten de Mexicaanse raffinaderijen bij elkaar 1,3 miljoen vaten per dag. In de laatste maanden is dat minder dan 1 miljoen vaten per dag.

schermafbeelding-2016-12-22-om-21-57-12

De olie-export van Mexico is over de afgelopen 4 jaar op hetzelfde peil gebleven: 1,2 tot 1,3 miljoen vaten per dag.
Opvallend is wel dat de export van olie de laatste maanden weer lijkt te stijgen naar 1,5 miljoen vaten per dag.

schermafbeelding-2016-12-22-om-22-10-49

Samenvattend
De belangrijkste olie-exporterende landen van het Westelijk Halfrond verbruiken zelf steeds minder olie.
Brazilië, Mexico en Canada proberen zoveel mogelijk olie te exporteren.
Mexico en Canada exporteren hun aardolie vooral naar de VS. Het is mij niet bekend wie de grootste importeur is van de Braziliaanse export-olie.
Ik ben benieuwd of de olieproductie in Canada en Brazilië bij de huidige lage olieprijs nog verder zal stijgen. En of de Mexicaanse olieproductie nog lang op peil gehouden kan worden.

NB. Venezuela is ook een belangrijke olieproducent en olie-exporteur. Ik heb dit land buiten beschouwing gelaten omdat de JODI-Oil database de cijfers uit Venezuela onbetrouwbaar acht.

De Amerikaanse olieproduktie daalt

Onder president Obama groeide de Amerikaanse olieproduktie van 5 miljoen naar 9,5 miljoen vaten per dag. Maar in de laatste 16 maanden is de olieproduktie weer afgenomen naar 8,6 miljoen vaten per dag.

schermafbeelding-2016-12-12-om-21-11-42

Het is niet de verdienste van Obama dat de olieproduktie omhoog ging. Omdat de olieprijs in de periode 2010-2014 hoog was, konden oliemaatschappijen makkelijk kapitaal lenen om te investeren in oliewinning. De winning van schalie-olie (Light Tight Oil, LTO) in de VS kwam op gang en was bij een prijs van $100 per vat was die oliewinning zelfs winstgevend. En dankzij de Quantitative Easing-projecten van de Amerikaanse centrale bank (de Federal Reserve) was er heel veel nieuw kapitaal in de markt om te investeren in olie- en gaswinning.
De daling van de olieprijs en de daling van de Amerikaanse olieproduktie is ook niet de schuld van president Obama.

Waarschijnlijk is de koopkracht van de wereldbevolking niet hoog genoeg om de prijs van produkten van de oliewinning te betalen als de olieprijs boven de $80 per vat is. Gail Tverberg heeft op haar blog meermalen geschreven dat een olieprijs boven de $50 te hoog is voor de consumenten en dat een olieprijs onder de $50 zo laag is dat de oliemaatschappijen verlies lijden op onconventionele oliewinning.

In 2016 zien we de gevolgen van de lage olieprijs terug in de dalende olieproduktie in de VS. De afname komt vooral op rekening van de winning van onconventionele schalie-olie (LTO). De verhoging van de olieproduktie door de schalie-olieprojecten heeft slechts kort geduurd van 2011 tot begin 2016.
Ik acht het onwaarschijnlijk dat de nieuwe president, Trump, de daling van de olieproduktie kan tegenhouden, laat staan de produktie weer kan verhogen.
De Amerikaanse olieproduktie zal verder gaan dalen in de komende jaren. Er lijkt wereldwijd nog altijd een overproduktie aan aardolie te zijn, zodat de olieprijs laag zal blijven.

Onlangs hebben de OPEC-landen besloten om hun olieproduktie vrijwillig iets te beperken, in de hoop daarmee aanbod en vraag naar aardolie weer in evenwicht te brengen. In 2017 zal naast de Amerikaanse olieproduktie ook de gezamenlijke mondiale olieproduktie gaan dalen.
Misschien zal de olieprijs daardoor weer gaan stijgen, maar het is vrijwel zeker dat een stijging van de olieprijs zal leiden tot een lagere vraag.

Over de opwarming van de Noordzee en de Atlantische Oceaan

Ik heb al eerder geblogd over de opwarming van de Noordzee. In de periode 1980-2005 is de temperatuur het het Noordzee-oppervlak gemiddeld één graad warmer geworden. De gemiddelde jaartemperatuur steeg van ca. 10ºC. in de jaren 80 naar ongeveer 11ºC. in de periode 2000-2005.
In de afgelopen jaren is de Noordzee niet verder opgewarmd. Er lijkt zelfs sprake van een lichte afkoeling.
De grafiek hieronder toont de afwijking t.o.v. het langjarig gemiddelde voor het zeeoppervlak tussen 1 en 8°OL en tussen 53,5 en 58°NB.

noordzeetemp19802016

Over dit verschijnsel zul je nooit iets horen van het KNMI of in de media. Het is ook nog niet duidelijk waarom de opwarming stagneert.

Als je kijkt naar de temperatuur van het oppervlak van de Atlantische Oceaan tussen 0 en 60ºWL en 30 en 70ºNB, dan zie je eenzelfde verloop. Tussen 1980 en 2000 stijgt de temperatuur (0,6-0,7ºC). Maar na het jaar 2005 begint het zeeoppervlak in dat gebied weer af te koelen.

atloceaantemp19802016

Omdat de opwarming en afkoeling eenzelfde patroon volgt, kunnen we aannemen dat de opwarming en afkoeling veroorzaakt worden door dezelfde oorzaken.
Over het algemeen wordt er vanuit gegaan dat de opwarming van de Noordzee en de Atlantische Oceaan een gevolg is van de gestegen CO2-concentratie in de atmosfeer. Maar de opwarming is in 2005 gestopt, terwijl de CO2-concentratie verder is blijven stijgen.
Het is vooralsnog een raadsel waarom de Atlantische Oceaan en de Noordzee in de afgelopen jaren niet verder zijn opgewarmd, maar iets zijn afgekoeld. Maar het is wel heel goed nieuws… de klimaatverandering lijkt in ons deel van de wereld (Noord-West Europa) langzamer te verlopen dan 20 jaar geleden.

De grafieken zijn gemaakt m.b.v. de KNMI Climate Explorer.