Nederland wordt steeds afhankelijker van import-energie

Het energieverbruik in Nederland daalt. Auto’s worden zuiniger, elektrische apparaten worden zuiniger, woningen en gebouwen worden beter geïsoleerd. We gaan ook steeds meer de restwarmte van de industrie gebruiken.
Dat dalende verbruik vind je terug in de datatabellen van het Amerikaanse Energy Information Agency (EIA). In 2010 bedroeg het totale Nederlandse energieverbruik 3034 biljoen BTU’s. In 2016 was het verbruik lager: 1949 biljoen BTU’s.

Maar de Nederlandse productie van energie, door winning van fossiele brandstoffen, kernenergie en duurzame energie opwekking daalt sneller dan het Nederlandse energieverbruik. Dat komt vooral omdat de winning van aardgas sterk terugloopt.
In de grafiek hieronder zijn energieverbruik en energieproductie sinds 1980 weergegeven.

Het verschil tussen productie en verbruik wordt geïmporteerd.
In 1980 importeerde Nederland netto 110 biljoen BTU aan energie. In 1985 was dat nog ietsje minder: 77 biljoen BTU.
Maar in 2016 werd er 1952 biljoen BTU geïmporteerd. De Nederlandse energieproductie bedroeg in 2016 1947 biljoen BTU. De helft van de in-2016-verbruikte energie werd geïmporteerd.

 

 

Op de lange termijn is deze Nederlandse afhankelijkheid van import-energie onhoudbaar.
De prijs van energie kan gaan stijgen en om de stijgende energierekening te kunnen blijven betalen zal er bezuinigd moeten worden op andere dingen; of Nederland zal zich dieper in de schulden gaan steken.
De hoeveelheid energie, die beschikbaar is om te importeren zal krimpen. Zoals de Nederlandse energieproductie afneemt, zo zal ook de energieproductie in andere landen gaan afnemen. Olie- en gasvelden raken leeg en de makkelijk winbare steenkool zal opraken. De duurzame energie-opwekking zal weliswaar flink gaan groeien, ook in Nederland. Maar te weinig om de afname van de conventionele fossiele energieproductie te compenseren.

Nederland zal de tering naar de nering gaan zetten: het energieverbruik zal verder omlaag gaan. Zuiniger auto’s, minder auto’s. Zuiniger verwarmen en ook minder verwarmen.
Het wordt een interessant decennium.

De niet-uitgekomen voorspellingen van 10 jaar geleden

Voorspellen is heel moeilijk, vooral de toekomst voorspellen is extreem lastig.
Toch zijn er prestigieuze instituten die zich vaak bezondigen aan toekomstvoorspellingen.

Het Amerikaanse energiebureau EIA (Energy Information Agency) maakt ieder jaar een prognose voor het energieverbruik van het volgende decennium. Die prognose heet Annual Energy Outlook (AEO). Het EIA publiceert gelukkig ook regelmatig een terugblik over de gemaakte prognoses. In december 2018 verscheen een retrospectief overzicht van de Annual Energy Outlooks van de afgelopen decennia. Ik ben er eens ingedoken en laat hieronder zien hoe ver de prognoses en de werkelijkheid uit elkaar kunnen lopen.

Aardolieverbruik in de VS 2007 – 2017
Het aardolieverbruik in de VS daalde sinds 2007 licht. In 2017 werden 7255 miljoen vaten olie verbruikt: 3,9% minder dan in 2007.
De prognose uit 2007 schatte het verbruik in 2017 op ruim 8500 miljoen vaten.
De grafiek hieronder laat de prognose zien met de stippellijn en het feitelijk verbruik met de rode lijn.

Steenkoolverbruik in de VS 2007 – 2017
Het verbruik van steenkool in de VS is sterk gedaald, doordat er steeds meer aardgas gestookt wordt om elektriciteit op te wekken.
In 2007 werd er 1128 miljoen steenkool verstookt. In 2017 was dat slechts 717 miljoen ton: een daling van maar liefst 36%.
Het EIA ging er in 2007 nog van uit dat het steenkoolverbruik zou groeien tot meer dan 1300 miljoen ton in 2017.
De grafiek hieronder laat de discrepantie tussen de prognose en de werkelijke ontwikkeling zien.

Amerikaans energieverbruik 2007 – 2017
In 2007 lag het totale energieverbruik in de VS op 101 triljoen BTU’s. Volgens de prognose in de Annual Energy Outlook van 2007 zou dat verbruik geleidelijk stijgen tot 114 triljoen BTU in 2017.
Maar de werkelijkheid verliep anders. Het energieverbruik daalde tussen 2007 en 2017 met 3,3% van 101 triljoen BTU naar 97,7 triljoen BTU.
De grafiek hieronder laat de werkelijke ontwikkeling zien (de rode lijn) afgezet tegen de optimistische prognose uit 2007 (stippellijn).

Dalende CO2-uitstoot van de Amerikaanse energiesector
In de AEO van 2007 voorzagen de experts van het EIA dat de CO2-uitstoot van de Amerikaanse energiesector zou stijgen van 6000 miljoen ton in 2007 tot ruim 6700 miljoen ton in 2017. Die prognose wordt in de grafiek hieronder weergegeven met de stippellijn.
Met de rode lijn is de feitelijk opgetreden CO2-emmissie van de energiesector weergegeven.

In 2017 bleek de feitelijke CO2-uitstoot 14% lager dan in 2007. De uitstoot lag maar 23% lager dan de schatting, die het EIA in 2007 maakte.

De nieuwste Annual Energy Outlook AEO2018 kun je downloaden van de EIA-website. Ik garandeer je nu alvast dat de prognoses niet zullen uitkomen.

Peakoil: hoe lang blijft de winning en het gebruik van aardolie nog groeien?

In de JODI-Oil-database kun je cijfers over de wereldwijde oliewinning, import en export sinds januari 2002 terugvinden. Het is een schat aan informatie voor degenen, die (zoals ik) geïnteresseerd zijn in peakoil en de “grenzen aan de groei”.

Hieronder presenteer ik in een aantal grafieken de cijfers uit de JODI-Oil database over de laatste vijf jaar.
Allereerst de totale mondiale output van raffinaderijen.
In januari 2013 bedroeg de totale output van alle raffinaderijen ter wereld gemiddeld 75,3 miljoen vaten per dag. In januari van dit jaar was die hoeveelheid opgelopen tot 79,2 miljoen vaten per dag. Het hoogste volume, 81,3 miljoen vaten per dag, werd bereikt in december 2015.
De grafiek laat zien dat de output van raffinaderijen sinds begin 2016 niet verder gestegen is.


De doorgetrokken donkere lijn in de grafiek is het voortschrijdend gemiddelde over 12 maanden.

In de grafiek hieronder is de mondiale productie van diesel en “motor gasoline” weergegeven.
De doorgetrokken lijnen geven opnieuw het 12-maands voortschrijdend gemiddelde weer.

De mondiale productie van diesel en “motor gasoline” lijkt dus in de afgelopen jaren ook niet verder te stijgen.

In de JODI-data wordt ook de inname door raffinaderijen bijgehouden.
De grafiek hieronder laat de hoeveelheid ruwe olie zien, die de gezamenlijke mondiale raffinaderijen verwerken. De doorgetrokken lijn is ook nu weer het voortschrijdend gemiddelde over 12 maanden.

Sinds januari 2016 schommelt de inname van de mondiale raffinaderijen tussen de 75 en 76 miljoen vaten per dag.

Als laatste heb ik de gezamenlijke mondiale olieproductie over de laatste 3 jaar weergegeven in een grafiek. De cijfers zijn opnieuw afkomstig uit de JODI-Oil database. En de doorgetrokken lijn geeft het gemiddelde over 12 maanden weer.

Het lijkt erop dat de wereldwijde productie van ruwe olie aan het dalen is van 75 miljoen vaten per dag in 2015 tot minder dan 72 miljoen vaten per dag in de laatste maanden.
Op het weblog van Ugo Bardi, Cassandra’s Legacy, kun je nog een interessant verhaal over peakoil, gebaseerd op de JODI-Oil cijfers lezen.

Aardgaswinning in Groningen loopt verder terug

In de afgelopen 12 maanden is er uit het Groninger-gasveld 20,1 miljard m³ aardgas gewonnen. In de grafiek hieronder zie je de dalende gaswinning uit het Groninger-gasveld over de afgelopen jaren.

In de afgelopen 12 maanden is de Groningse gasproductie verder afgenomen. In maart 2018 werd er nog 2,23 miljard m³ gewonnen, de hoogste productie sinds februari 2017. Maar de gemiddelde productie over de laatste 12 maanden (zie de rode lijn in onderstaande grafiek) is gedaald tot minder dan 1,8 miljard m³ per maand.

De aardgaswinning in Groningen loopt terug, omdat de NAM en de Nederlandse overheid willen voorkomen dat er nog meer aardbevingen optreden in het gebied waar het gas gewonnen wordt. Maar daarnaast moeten we rekening houden met het opraken van het aardgas.
De overheid streeft er nu naar om de gaswinning in Groningen geleidelijk te verminderen tot nul in het jaar 2030.
Als productiedaling in het huidige tempo doorgaat, dan zal er ruim voor 2030 geen gas meer gewonnen worden in Groningen.
Ik heb de trendlijn in bovenstaande grafiek geëxtrapoleerd: zie hieronder.

Hmmm, volgens deze extrapolatie zou het kunnen zijn dat in 2023 de gaswinning in Groningen marginaal zal worden.
De trendlijn is gebaseerd op een korte periode van 3 jaar. Misschien zit ik er wel helemaal naast met deze projectie.

Afhankelijk van buitenlands aardgas

De meeste landen ter wereld zijn afhankelijk van buitenlands aardgas. En sinds dit jaar hoort Nederland daar ook bij.
Over de eerste vijf maanden van 2018 verbruikte de Nederlandse bevolking 20,6 miljard m³ aardgas. In diezelfde periode werd er 18,8 miljard m³ uit de Nederlandse bodem gewonnen. De Nederlandse gasproductie is te klein geworden om in de eigen behoefte te voorzien.

In onderstaande grafiek geven de rode balkjes de Nederlandse aardgasproductie weer en de groene balkjes staan voor het binnenlandse gasverbruik.
Als het groene balkje groter is dan het bijbehorende rode balkje, dan is er aardgas geïmporteerd om in de behoefte te voorzien.

In de laatste anderhalf jaar komt het binnenlands verbruik vaak uit boven de Nederlandse gasproductie in dezelfde maand.

De grafiek hieronder laat de gaswinning en het gasverbruik per jaar zien.
In 2017 werd er 43,9 miljard m³ gas gewonnen en 46,4 miljard m³ verbruikt.

2017 was het eerste jaar in de geschiedenis dat Nederland meer gas verbruikte dan er werd geproduceerd. Grappig genoeg hoor je wel in de media als een jaar het warmst of het natst is sinds de metingen begonnen, maar het wordt niet gemeld als het Nederlands gasverbruik groter wordt dan we zelf kunnen produceren.

Hoe nu verder?
Om het tekort aan aardgas aan te vullen importeert Nederland aardgas uit Noorwegen en uit Rusland.
De Nederlandse import van aardgas is de afgelopen jaren sterk gestegen (zie de grafiek hieronder) tot ruim 47 miljard m³ in 2017.

In 2017 exporteerde Nederland overigens nog 48 miljard m³: zodat import en export nagenoeg gelijk waren.

Eén oplossing voor het oplopend tekort is steeds meer aardgas importeren.
Als in 2030 de aardgaswinning in Nederland volledig afgebouwd zal zijn, dan zal het volledige binnenlandse verbruik, tussen de 40 en 48 miljard m³, geïmporteerd moeten worden. De capaciteit van de import-gasleidingen ut Noorwegen en Rusland is echter beperkt. Het is onzeker of Nederland in 2030 ook nog eens extra gas kan importeren om door te exporteren naar Belgïe, Frankrijk en het Verenigd koninkrijk.

Een andere oplossing voor het nijpend tekort aan aardgas is het binnenlands verbruik te verminderen.
Daar wordt hard aan gewerkt. De overheid dringt er bij bedrijven op aan om af te kicken van het aardgas. En de Nederlandse overheid heeft zich ten doel gesteld om in de komende 12 jaar meer dan 2 miljoen huizen, een kwart van het totaal in Nederland van het gasnet af te koppelen.Die huizen krijgen extra isolatie en warmtepompen. Persoonlijk denk ik dat de overheid wel wat hoger kan mikken op bijv. 80% van alle Nederlandse huizen gasloos maken en daarnaast ook alle overheidsgebouwen (van scholen en stadskantoren tot ministeries en de Tweede Kamer) af te koppelen van het gasnet.

Gaan we in het komend decennium afkicken van het aardgas? Of worden we een goede afnemer van het aardgas van Statoil en van Gazprom.

Het leger: de bewakers van de vrijheid of juist een bedreiging voor de vrijheid

In veel landen is het leger een bedreiging voor de vrijheid. De machthebbers gebruiken het leger om wetten te handhaven en de burgers in het gareel te houden. Opstanden worden neergeslagen en stakingen worden gebroken door inzet van het leger. Het bloedbad van het Tiananmen-plein in Beijing (1989) ligt nog vers in het geheugen.
In het voorjaar van 2014 werd het Oekraïnse leger ingezet tegen de Russisch-gezinde bevolking in Oost-Oekraïne in een poging om afsplitsing van die regio te voorkomen.

Let wel: in deze gevallen werd het leger ingezet tegen de eigen bevolking.

Het komt ook regelmatig voor dat het leger de macht grijpt in een militaire staatsgreep. De voorbeelden zijn talrijk: Zimbabwe, Myanmar, Suriname, Chili, Nigeria, Indonesië, Thailand… lees rustig verder in deze lijst
De burgers van sommige Europese landen (Polen, Griekenland, Turkije) kunnen er nog over meepraten.

Legers kunnen ook een bedreiging voor de vrijheid van burgers in buurlanden. Het waren militairen met wapens en uniformen, die in mei 1940, Nederland bezetten. En het waren ook militairen, betaald uit defensiebudgetten, die in 1968 Tsjechoslowakije binnenvielen.

In Nederland lijkt het soms alsof militairen vrijheid en vrede brengen.
Bij de Dodenherdenking op 4 mei staan militairen stram in de houding om de slachtoffers te gedenken, die andere militairen op hun geweten hebben.
Het is soms net of er twee soorten militairen zijn: slechte soldaten, die de vrijheid bedreigen en goede soldaten, die er hetzelfde uitzien, die de vrijheid waarborgen.

Hoe weten wij zeker dat de militairen, die wij nu bedanken voor hun inspanningen voor de vrede, ons volgend jaar niet zullen onderdrukken?