Europa wordt steeds afhankelijker van aardgasimport

In januari 2012 werd er in Europa 31,2 miljard m³ aardgas gewonnen. Vijf jaar later in januari 2017 was de Europese aardgasproductie afgenomen tot 26,3 miljard m³ aardgas. Een afname van 15%.
De getallen hierboven zijn afkomstig uit de JODI Gas World database. Voor de berekening heb ik de cijfers van alle Europese landen, die betrouwbare gasproductiedata rapporteren, met uitzondering van Rusland opgeteld.

Uit dezelfde database kun je de totale Europese gasimport berekenen. In januari 2012 importeerde Europa 60,6 miljard m³. In januari van dit jaar bedroeg de import 69,6 miljard m³: een stijging van bijna 15%.

De grafiek hieronder toont de maandelijkse hoeveelheid aardgas, die in Europa gewonnen wordt en ingevoerd wordt.
De dikke doorgetrokken lijnen in de grafiek geven het voortschrijdend gemiddelde over 12 maanden weer.

Bij deze cijfers wil ik nog even opmerken dat de prijs van het geïmporteerde aardgas tussen 2012 en 2017 flink is gedaald.
In januari 2012 kostte Russisch aardgas 9,55 euro per Miljoen BTU’s (British Thermal Unit). In januari 2017 kostte dezelfde hoeveelheid Russisch gas nog maar 4,84 euro; iets meer dan de helft.

Er worden nog altijd nieuwe gaspijpleidingen aangelegd om aardgas uit Rusland, Centraal-Azië, Iran en Qatar naar de aardgasverslaafden in Europa te brengen. Maar het is niet zeker, dat die pijpleidingen ook voltooid zullen worden en in gebruik genomen zullen worden. Het is wel zeker dat de aardgasproductie in Europa verder zal gaan afnemen. Nederland, Noorwegen en het Verenigd Koninkrijk zijn peak-aardgas al gepasseerd.

Nederlandse aardgasimport-update

In de eerste twee maanden van 2017 importeerde Nederland 7,19 miljard m³ aardgas. Dat is 20% meer dan de 5,83 miljard m³ die in de eerste twee maanden van 2016 geïmporteerd werd. En bijna 70% meer dan de hoeveelheid die Nederland importeerde in de eerste twee maanden van 2015.

De cijfers die ik gebruik voor mijn grafieken zijn afkomstig uit de JODI Gas World database.

In de grafiek hieronder heb ik de maandelijkse Nederlandse import van aardgas vanaf maart 2011 uitgezet.

Sinds de gaswinning uit het Groninger-gasveld in 2015 werd beperkt, is de import van aardgas flink gestegen.
Er gaan stemmen op om de gaswinning in Groningen nog verder te beperken. In dat geval zal de import van aardgas verder moeten stijgen of de export van aardgas beperkt moeten worden of het binnenlands verbruik zal omlaag moeten.
Dat laatste zie ik nog niet zo snel gebeuren. Dus waarschijnlijk zal de export omlaag gaan of de import van gas zal verder oplopen.

Mijn eigen gas- en elektriciteitsverbruik

Over het kalenderjaar 2016 bedroeg het aardgasverbruik van mijn huishouden 527 m³. Dat is ietsje minder dan in 2015: 545 m³.
Maar een stuk minder dan in 2010 t/m 2012.
In de grafiek hieronder zie je de daling over de afgelopen 7 jaar. Ik ben er zeer tevreden over.

Het elektriciteitsverbruik was in 2016 bijna 10% lager dan het jaar ervoor. Geen idee waar het aan licht, maar we zijn goed bezig.
Ons elektriciteitsverbruik daalt al jaren en was het afgelopen jaar 35% lager dan in 2012.

Ik denk dat ons gasverbruik nog wel wat lager kan. Ik spaar voor een zonneboiler.

Nederlandse buffervoorraad aardgas ruim voldoende voor de winter van 2016-2017

Volgens de gegevens van Gas Infrastructure Europe (GIE) was de Nederlandse gasbuffer op 1 november 2016 voor 95% gevuld.
Op 1 januari 2017 resteerde in de gasbuffer nog 57,7% van de maximale inhoud.
Op 1 maart 2017 was de buffer nog voor 17,1% gevuld.
In de grafiek hieronder wordt het verbruik van de aardgasbuffervoorraad in de afgelopen winter vergeleken met de vorige winter.

Gelukkig waren de maanden februari en maart aan de zachte kant. Zodoende resteerde er op 1 april nog 15% van de aangelegde aardgasbuffer. In een Elfstedenwinter was de buffer wellicht compleet opgestookt.

In de komende zomer zal de bovengrondse (en ondergrondse) aardgasvoorraad weer worden gevuld met aardgas uit eigen bodem of met geïmporteerd aardgas uit Noorwegen of Rusland.
Begin november zal ik

Komt er nu toch een kunstmatig eiland in de Noordzee?

In november 2007 nam de Tweede Kamer een motie aan van CDA’er Joop Atsma. In de motie werd het toenmalig kabinet gevraagd om een verkennend onderzoek uit te voeren naar een tulpvormige Noordzeepolder. Een meerderheid van de Kamerleden dacht dat zo’n kunstmatige eiland wel haalbaar is. Het initiatief voor het eiland kwam van het Innovatieplatform, voorgezeten door CDA-premier Balkenende.
Het was natuurljk niet haalbaar. Een jaar later zuchtte en kreunde de wereldeconomie onder de kredietcrisis.

In 2017 duiken er nieuwe plannen op om een kunstmatig eiland aan te leggen in de Noordzee, op de Doggersbank om precies te zijn.
Het eiland moet 6 km² groot worden en zal aanleg en onderhoud van grootschalige offshore windmolenparken vergemakkelijken.
De animatie hieronder toont hoe het eiland eruit zal gaan zien. Het wordt niet tulpvormig.

Afgelopen week vormden energiebedrijven uit Nederland, Duitsland en Denemarken een consortium: een eerste stap om dit kunstmatig eiland mogelijk te maken. Voorlopig zal er nog weinig actie ondernomen worden. De aanleg zal plaatsvinden tussen 2030 en 2050.
Er zijn momenteel geen realistische schattingen van de kosten gemaakt.
De aanleg van het eiland zal gepaard gaan met een enorme CO2-uitstoot en het zal ontzettend veel energie gaan kosten. Daarom vind ik het een onzinnig idee.

De echte winnaar van 15 maart is Monsanto

Veel Nederlandse politici vierden vandaag feest, omdat hun politieke partij gisteren op 15 maart bij de Tweede Kamerverkiezingen gewonnen had. Maar op het hoofdkantoor van het Amerikaanse chemiebedrijf Monsanto ging ook een gejuich op. De reden voor dat gejuich was de conclusie van het Risk Assessment Committee van het European Chemicals Agency (ECHA) dat het bestrijdingsmiddel glyfosaat niet kankerverwekkend is.

Tegenstanders van het middel glyfosaat, zoals Greenpeace, willen dat het verboden wordt en ze wijzen op onderzoek van Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), dat glyfosaat wel tot een mogelijk kankerverwekkende stof bestempelde.
Vorig jaar besloten de lidstaten van de EU om het gebruik van glyfosaat voorlopig voor 18 maanden toe te laten, in afwachting van de advies van het ECHA.

De positieve conclusie van het ECHA betekent dat de Europese Commissie binnen 6 maanden een besluit zal gaan nemen over het gebruik van glyfosaat in de Europese Unie.
Voor de multinational Monsanto betekent het ECHA-besluit een omzet-stijging van miljarden. Je zou je kunnen voorstellen dat het voor Monsanto lucratief is om de leden van het Risk Assessment Committee om te kopen met een paar miljoen euro.
Graeme Taylor van de Europese Gewasbescherming Association (ECPA) denkt dat de Europese Commissie zal besluiten om voor glyfosaat een gebruiksvergunning met een looptijd van 15 jaar te verlenen.

Persoonlijk vind ik het gebruik van bestrijdingsmiddelen, zelfs al zijn ze niet giftig, een doodlopende weg. Over ter wereld leidt het gebruik van bestijdingsmiddelen tot resistentie. Binnen enkele jaren zal de werkzaamheid van glyfosaat afnemen. Ik denk dat industriële landbouw met bestrijdingsmiddelen en kunstmest haar langste tijd heeft gehad. Ik kies steeds vaker voor biologisch geteelde producten, ook al zijn die duurder. En het liefst verbouw ik mijn eigen groente in een klein stukje moestuin.

Nederlandse auto’s gaan steeds langer mee

In 2016 groeide het aantal personenauto’s in Nederland met 122 duizend tot 8,22 miljoen, volgens de cijfers van het CBS. Maar het CBS houdt ook bij hoeveel auto’s er ieder jaar gesloopt worden. In 2016 kwamen er volgens het CBS 193 duizend auto’s vrij voor de sloop. Dat is iets meer dan de 189 duizend in 2015, maar veel minder dan in 2000 toen er nog 310 duizend auto’s naar de sloop werden gebracht.
In de grafiek hieronder is het aantal gesloopte auto’s per jaar weergegeven.

schermafbeelding-2017-02-26-om-09-04-04

Er is een duidelijke dalende trend. Er worden steeds minder auto’s gesloopt.
In 2009 werd er een sloopregeling voor oude auto’s door de overheid ingesteld. Het resultaat was dat er in 2009 247 duizend auto’s voor sloop werden aangeboden. Een flinke stijging t.o.v. 2008. De sloopregeling liep door tot april 2010 en heeft waarschijnlijk ook het aantal gesloopte auto’s in 2010 verhoogd.
Na 2010 zette de dalende trend in het aantal gesloopte auto’s door.

In het jaar 2000 waren er 6,34 miljoen personenauto’s in Nederland. In dat jaar werd 4,9% van alle Nederlandse personenauto’s naar de sloop gebracht. En als er jaarlijks 4,9% van het wagenpark wordt vervangen, duurt het 20 jaar om alle personenauto’s te slopen en te vervangen door nieuwe.
Het totaal aantal personenauto’s in Nederland liep in 2016 op naar 8,22 miljoen. En als er, zoals in 2016, maar 193 duizend auto’s worden gesloopt, dan duurt het 42 jaar voordat het totale aantal personenauto’s is vervangen door nieuwe.
Het wagenpark van 2016 gaat derhalve twee keer zo lang mee als het wagenpark van 2000.

In de grafiek hieronder staat het aantal jaar dat nodig is om het totale aantal Nederlandse personenauto’s te vervangen weergegeven. Die “vervangingsperiode” is berekend uit het totale aantal auto’s gedeeld door het aantal dat in het betreffende jaar vrijkwam voor sloop.

schermafbeelding-2017-02-26-om-17-24-02

Je zou kunnen zeggen dat een personenauto in 2016 twee keer zo lang meegaat als een personenauto in het jaar 2000.